Het radioforum

Wat zien radiomakers en luisteraars in vredesnaam in het verschijnsel radioforum? Ik weet nog wel dat wij, de deelnemers van het enkele jaren geleden ter ziele gegane Journalistenforum op Radio 1, het altijd heel leuk vonden om te doen. Het was zo'n beetje een voortzetting van het gesprek zoals we dat altijd hadden, maar dan in een andere omgeving. Maar dat de luisteraars het ook aardig vonden was voor ons veel moeilijker te bevatten.

De formule is heel simpel. Zet een paar journalisten die toch altijd over alles een mening hebben bij elkaar, bombardeer één van hen tot gespreksleider, plaats er een paar microfoons bij en een succesvol programma kan de ether in. Want geslaagd zijn dit soort programma's zeker. De luistercijfers bewijzen het keer op keer.

Blijft toch de vraag waarom. Zelf luister ik als het even kan naar de Tafel van Pam op maandagmiddag, de tam-tam op woensdagmiddag en luisterde naar het onlangs opgeheven Welingelichte Kringen op vrijdagmiddag. Maar deze honger naar het forum van mijn kant is gemakkelijk als een vorm van beroepsdeformatie te beschouwen. Wat zouden de collega's nu weer te melden hebben? Bij veel van de stemmen ken je het gezicht, soms heb je ze nog kort ervoor gesproken, soms heb je hun stukken gelezen, kortom allemaal elementen die zorgen voor een band.

Maar voor de gewone luisteraar gaan al deze redenen niet op. Hij of zij hoort slechts een club mensen permanent door elkaar heen praten. En hoort hij eindelijk een interessante opvatting, dan is onduidelijk van wie deze afkomstig is. Want, aldus de ervaring, binnen een mum van tijd zijn de leden van een forum vergeten dat er nog anderen buiten de studio meeluisteren. Dat maakt zo'n gesprek wel heel natuurlijk, maar tevens voor de luisteraar bijna onmogelijk om te volgen. De forumleden kunnen elkaar zien en weten dus wie er aan het woord is (of zijn, want door elkaar heen praten is welhaast een basisvoorwaarde), maar voor de luisteraar blijft het een kwestie van gissen.

Natuurlijk, op een gegeven moment is een stem bekend, vooral als het een beetje een karakteristieke is. Willem Breedveld op woensdagmiddag is zeer herkenbaar, Boudewijn Büch op maandagmiddag is dat ook. Alleen het probleem op maandag bij de Tafel van Pam is dat ook Theo van Gogh erbij zit en die heeft bijna precies hetzelfde opgewonden stemgeluid als Büch. Voor het overige zitten er heel wat neutrale stemmen bij.

Hier ligt vanzelfsprekend een taak voor de voorzitter, maar die is na vijf minuten vaak ook vergeten dat het gesprek wordt uitgezonden. Bovendien, en dat is een fout die bij veel meer informatieve radioprogramma's wordt gemaakt, luistert maar een beperkt deel van het publiek precies van het begin af aan. De tijd dat met de radiobode op schoot precies op tijd op het gewenste programma werd afgestemd is al lang voorbij. Radio is bij uitstek een 'instapmedium' geworden. Hoe vaak gaat de radio niet aan tegelijk met het starten van de motor? Bovendien is de tegenwoordige radio met al zijn voorgeprogrammeerde toetsen in hoge mate 'zapgevoelig'. De kans dat iemand dus 'zomaar' in een programma valt is aanzienlijk. Dat maakt de afkondiging minstens zo belangrijk als de aankondiging. Toch wordt de afkondiging heel vaak achterwege gelaten.

Blijft de vraag wat er nu nog zo interessant is aan het radioforum. Het ergste dat dergelijke programma's kan overkomen is eensgezindheid. En op dit punt kampen de discussieprogramma's op dit moment met hetzelfde euvel als de hele samenleving. Iedereen zit zo vreselijk in het midden en iedereen is zo vreselijk genuanceerd. Maar het radioforum moet het juist hebben van extremen. De rechtse Joop Landré tegen de marxistische Wim Klinkenberg, dat was genieten. Er valt waarschijnlijk weinig aan te doen. De journalistiek is nu eenmaal een spiegel van de samenleving.