Hamavec

Tijdens mijn vakantie in Londen vond ik wat ik zocht in de British Library, onderdeel van het British Museum: The Pearl King, the story of the fabulous Mikimoto, van Robert Eunson (Angus & Robertson. London 1956). Een verhaal over een man die weet wat liefde is.

De Japanse Kokichi Mikimoto (1858-1954) had op zijn twintigste een miewinkel en handelde in parels. Pareloesters werden toen nog opgedoken door spiernaakte Japanse meisjes. Mikimoto raakte geobsedeerd door deze oesters. Elk jaar liep het aanbod van parels terug en het vooruitzicht van het uitsterven van de gezochte schelpen baarde hem zorgen. Hij besloot naar een methode te zoeken om pareloesters te kweken. In 1890 deed professor Kakichi Mizukuri van het Japanse Instituut voor Zeebiologie hem de bemoedigende suggestie kunstmatige parels te kweken in de levende pareloesters. In China waren al - mislukte - pogingen gedaan parels te telen.

Mikimoto stopte in zijn oesters stukjes glas, gebakken klei, koraal, zee-oorschelp, metaal, bot, visschubben en alles wat hij maar kon verzinnen. En in manden gingen de oesters te water in de baai van Ago.

Hij kreeg niet één pareltje. Maar, ondanks alle moeite en teleurstelling - bijna al zijn kweken gingen eens verloren door een 'rood-water'infectie - volhardde hij. In juli 1893 had hij eindelijk zijn eerste gecultiveerde parels, al hadden deze de vorm van een halve bol. De kern ervan bestond uit een stukje parelmoer, dat hij tegen de binnenkant van de schelp had gelegd. Hij besloot er zijn levenswerk van te maken en vestigde zich met zijn familie op het onbewoonde eiland Tatoku in de Ago-baai, waar hij parelbanken aanlegde met toestemming van de Japanse regering.

Pas in 1905, twaalf jaar later, en nog steeds vechtend tegen zeewier, octopussen en stervissen, had hij zijn eerste ronde gecultiveerde parels. Daarvoor had hij, enkele jaren eerder, kernen van parelmoer in het levende weefsel van de pareloester gestopt (in plaats van tussen de schaal en het weefsel, wat de halfronde parels gaf).

Hij werd een levende legende en toen 'de Parelkoning', zoals hij in Japan werd genoemd, vijftig jaar later stierf, was hij een van de rijkste Japanners.

De Japanse parelindustrie bestaat nu uit een paar duizend parelkwekerijen. Cultuurparels worden nu gemaakt door een stukje van de schaal van een zoetwaterschelp in een zakje van schaalvormend epitheel (van de Mississippi-riviermossel onder meer) te doen en dat in het weefsel van het voortplantingsorgaan van de levende pareloester te implanteren. In de meeste oesters overleeft dit transplantaat en worden concentrische laagjes parelmoer afgezet die, op het centrum na, een echte parel vormen.

De cultivéparel is de uitgekristalliseerde liefde van één idealistische amateurvorser. De toverkunst van Mikimoto herinnert me aan een opmerking van de Franse onderzoeker Charles Nicolle (1866-1936), dat het oorspronkelijke Peruaans één enkel woord had voor dichter en uitvinder: hamavec.

    • Pek van Andel