Wiseman filmt een getto in Chicago

LOCARNO, 16 AUG. De verrassingen van het 50ste Internationale Filmfestival van Locarno zitten in de staart. Naast een interessant, maar onevenwichtig competitieprogramma, biedt de brede oriëntatie van directeur Marco Müller op de valreep onder meer een surprisevoorstelling van de door regisseur Abbas Kiarostami opnieuw gemonteerde versie van De smaak van een kers, die eerder dit jaar in Cannes ex aequo de Gouden Palm won.

De Iraanse regisseur kreeg zijn eerste internationale faam een paar jaar geleden door een retrospectief in Locarno.

Ook heeft het Zwitserse festival, dat niet gespecialiseerd is in documentaires, dit jaar de wereldpremière van de nieuwe film van Frederick Wiseman. De observator bij uitstek van Amerikaanse instituties leek de laatste jaren zijn belangstelling van scholen, ziekenhuizen en gevangenissen te verleggen naar skioorden, dierentuinen en prestigieuze ballet- en toneelgezelschappen.

Met uitzondering van High School II (1994) had Wiseman zich in geen twintig jaar meer beziggehouden met de onderkant van de Amerikaanse samenleving. Wisemans Public Housing is het tot bijna drie en een half uur teruggebrachte resultaat van negentig uur filmen, gedurende zes weken in de zomer van 1995, in een getto aan de zuidkant van Chicago, en een jaar monteren. Er komen ongeveer vier blanken in beeld, onder wie een non, een politieman en de chef van de supermarkt.

Voor het overige is dit volkshuisvestingproject een zwarte staat in de staat, waar Wiseman met verbazend gemak doorheen wandelt, intuïtief snuffelend aan vaderlijke gesprekjes van de wijkagent met junkies, huurdersvergaderingen, een demonstratie condoomgebruik op het consultatiebureau voor jonge moeders, een spontaan feestje op straat en vele andere 'slices of life'. “Ik ben geen wapen tegengekomen”, zei Wiseman in Locarno, “maar heb wel uitgekeken mezelf niet in gevaar te brengen; ik wil graag nog een paar documentaires maken”.

Daar kijk ik naar uit, want Public Housing is een ouderwets goede Wiseman, losjes en spannend gedraaid, en veel beter dan het in dezelfde omgeving opgenomen, veelgeprezen Hoop Dreams.

Na een goede ontvangst op het Sundance Festival bood Locarno ook de Europese première van een geheide filmhit van Britse bodem, de hilarische komedie The Full Monty van regisseur Peter Cattaneo. Een stel werkloze staalarbeiders uit Sheffield moet met lede ogen aanzien hoe hun vrouwen het geld binnenbrengen en 's avonds stoom afblazen bij een optreden van de Chippendale's. Dat kunnen zij ook, besluiten ze, en studeren een striptease in, op muziek van Donna Summer, Gary Glitter en andere disconummers uit de jaren zeventig. Kleine fysieke tekortkomingen worden gecompenseerd door de belofte 'to go the full monty': ook de roze slip zal worden uitgetrokken.

De onbekende Cattaneo gaat verder dan een oppervlakkige schildering van de inventiviteit van Noord-Engelse paria's. Een voorbeeldig scenario (Simon Beaufoy) en onberispelijke acteurs (onder wie Robert Carlyle uit Trainspotting) maken van The Full Monty een soms zelfs ontroerende verkenning van schuivende verhoudingen in de rollen tussen mannen en vrouwen. Het is even wennen dat nu ook de borstomvang van de 'blokes' onderwerp wordt van discussie in de pub.