Op Jamaica wordt alles dansbaar

Concert: The Skatalites uit Jamaica met o.a. Roland Alphonso (tenorsax), Lloyd Brevett (bas) Devon James (gitaar) en Lloyd Knibbs (drums). Gehoord: 14/8 Melkweg, Amsterdam

Wat is het vervelendste van conventionele jazzmuziek: de soms eindeloze reeks instrumentale solo's. Wat is het prettige van dansmuziek: de betrouwbare, eindeloos herhaalde beat. Tijdens het concert van The Skatalites gisteravond in de Melkweg, trokken beide fenomenen beurtelings de aandacht. Soms klonk de band als een niet zo sterke jazzband met een wat geforceerde overlevingstruc, op andere momenten als een vitaal dansorkest met verrassend aardige 'jazzy' elementen.

De opkomst van de 'ska', eind jaren vijftig op Jamaica, had veel weg van die van de rhythm & blues tien jaar eerder in New Orleans. De muziek was een typisch studio-product, bedacht door entrepreneurs voor wie het vooral niets mocht kosten. Zij deden daarom beroep op een vaste 'kliek' van musici, vooral afkomstig uit de hoek van de jazz. Die konden namelijk improviseren waardoor de studiokosten tot het minimium beperkt konden blijven.

In de hoofdstad Kingston waren het vooral de Skatalites die vaak mochten opdraven. Zij zorgden voor het geraamte van vele ska-hits die bij voorkeur in één keer voor één microfoon werden vastgelegd: een simpele blazersriedel met keiharde ritmische accenten op de tweede en de vierde tel van elke maat. 'Soms maakten we acht liedjes op een dag' vertelde bassist Lloyd Brevitt een aantal jaren geleden.

In de Melkweg doen The Skatalites allereerst een ruime greep uit het repertoire van de nieuwe, geheel instrumentale, cd Ball of Fire. In 'Freedom Sound' worden maar liefst zes solo's gespeeld, waarvan de helft overbodig, in the remake van de klassieker 'Standard Eastern Time' zitten er gelukkig maar drie.

Heel goed komt de band voor de dag in het kitscherige 'James Bond Theme'. De bejaarde tenorsaxofonist Roland Alphonso laat merken dat geen geen enkele truc uit de jazz-avantgarde hem is ontgaan en jongmaatje Devon James neemt fraai wraak voor het feit dat op de cd alle gitaarsolo's door oudgediende Ernest Ranglin gespeeld worden.

Vervolgens vallen de musici zonder morren terug in de rol waarin ze begonnen: als begeleider van vocalisten met hit-pretenties. De zangeres heeft gelukkig een onverstaanbare naam en het kan geen toeval zijn dat The Skatalites juist na dit intermezzo helemaal opbloeien. In de miljoenste versie van Guns of Navarone, het thema van de gelijknamige speelfilm uit 1961, hèt volkslied van het ska-volk, krijgt zelfs toetsenspeler Bill Smith hevig de geest.

Dat de ska werd opgevolgd door rock steady, reggae en vervolgens ragga(muffin) valt te lezen in elk degelijk handboek. In de Melkweg werd echter niet gestudeerd maar gedanst, bijvoorbeeld op 'Rock Fort Rock' de zoveelste ver-ska-ing van een voornaam klassiek thema.

Ludwig van Beethoven of het 'Wilhelmus', op Jamaica kan van alles iets dansbaars worden gemaakt. Ska staat niet voor een bepaald repertoire of 'concept', het is niet meer dan een ritmische 'tic' waar geen psychiater iets aan kan verdienen.