De schoonheid van bloeiende kersenbloemen

Tentoonstelling: Hiroshige, Images Of Mist, Rain, Moon and Snow. Royal Academy Of Arts, Picadilly, Londen. Dag. 10-18 u. Tot 28 september.

Zoals het op de Amsterdamse taferelen van Breitner vaak sneeuwt, zo regent, sneeuwt of mist het bijna altijd in de landschappen van de Japanse houtsnijkunstenaar Utagawa Hiroshige (1797-1858). Hij is veel geprezen om de verfijnde manier waarop hij wind, regen, mist en sneeuw wist weer te geven in een medium dat daarvoor minder geschikt is dan schilderen.

Alhoewel Hiroshige ook houtsnedes heeft gemaakt van andere onderwerpen - vrouwen, acteurs, historische figuren, vogels, bloemen en vissen - concentreert de tentoonstelling in de Royal Academy in Londen zich op de landschappen, die het grootste deel van zijn oeuvre vormen.

Hiroshige heeft naar schatting viereneenhalfduizend houtsnedes ontworpen, waarvan meer dan de helft landschappen waren. De meeste zijn van plekken in zijn geboorteplaats Edo (het hedendaagse Tokio).

Zo zien we mensen die lopen onder de geliefde kersenbomen in Edo, onder een volle maan; de Akabane-rivier in de sneeuw; een tempelcomplex in de sneeuw; twee vrouwen die bij de Kanda-rivier staan te praten, in de sneeuw; een man in een veerboot, in de regen; en bruggen, boten en vlotten. Uit zijn beroemdste serie, die de Tokaido-weg tussen Kyoto en Edo als onderwerp had, zijn afbeeldingen te zien van dorpen in de regen of in de sneeuw, reizigers die worden overvallen door de regen, rotsen, een tempel in de mist, boten op zee en reizigers die een rivier oversteken. De kleine witte sneeuwvlokjes geven een zachtaardige, vredige sfeer, de regen is met ruwe zwarte schuine streken weergegeven.

Het zijn simpele taferelen, realistisch getekend, en daarom geliefd bij reizigers als souvenir; sommige haalden oplagen van dertig- tot veertigduizend. Hiroshige begon naar eigen zeggen met de vorm die hij zag, waar hij stijl en betekenis aan toevoegde - hij reproduceerde dus niet, zoals klassieke Chinese opvattingen dicteerden, het 'idee' van een landschap. Een voorbeeld van een knappe compositie is Volle maan boven Takanawa (ca. 1831), waarop een vlucht ganzen boven een baai is afgebeeld; de richting van de compositie is tegengesteld aan de richting waarin de ganzen vliegen, wat een spannend effect geeft.

Wat de prenten van Hiroshige echter werkelijk adembenemend maakt, is het fantastische kleurgebruik. Schitterend diepblauwe of lichtgele luchten, roodbruine slierten wolken in de ondergaande zon, een oranje of roze glooiende horizon, gras en bossen in ontelbaar veel soorten groen. De kleuren geven Hiroshige's werk het betoverende van een fraaie zonsondergang.

Hiroshige verkende daarbij uitgebreid de mogelijkheden van de tamelijk ingewikkelde bokashi-techniek, die geduld en vaardigheid vergde van de drukkers; door de verf op het hout met een vochtige doek deels te verwijderen ontstonden geleidelijke overgangen in de intensiteit van de kleuren: water dat langzaam van donkerblauw naar wit overgaat; een lucht die van blauw naar wit naar geel naar rood gaat. Het knappe gebruik van bokashi, dat diepte geeft aan de afbeeldingen, maakt Hiroshige's prenten zo fijnzinnig.

Opvallend is dat de afgebeelde mensen de gezichten vaak afgewend of onder een hoed bedekt hebben - dat maakt ze mysterieuzer, en laat de verbeelding werken: wie zijn die figuren, en waar zijn ze naar op weg? Misschien gaf het gezichtsloze van de reizigers en wandelaars de kijkers tevens de gelegenheid zich met hen te identificeren, doordat ze hun eigen persoonlijkheid probleemloos op de figuren konden projecteren. Een serie landschappen zonder mensen, Acht uitzichten in Omi, heeft een gedicht in de hoek van elk van de prenten, dat de pracht van de plek benadrukt: 'Bij Ishiyama / is de maan die licht werpt op het Niho-meer / niet minder dan bij Suma en Akashi', of: 'Als de sneeuw verdwijnt / overtreffen de toppen van de berg Hira / in de schemer toch zeker / de schoonheid van kersenbloemen in bloei'.

Bij zijn leven was Hiroshige al populair in Japan; de belangstelling in het Westen kwam aan het eind van de vorige eeuw, toen de impressionisten veel in zijn werk herkenden. Hij inspireerde onder meer Van Gogh (de kleurvlakken), Degas, Monet en Whistler. Naast de schoonheid van de prenten is dat een extra reden om de tentoonstelling in Londen te bezoeken, die ruim honderdveertig hoogtepunten uit zijn oeuvre toont, met afdrukken van hoge kwaliteit, bijeengebracht uit privé- en museumcollecties.