Water bron van onrust Midden-Oosten

De watervoorziening in het Midden-Oosten kan op termijn voor ernstige spanningen gaan zorgen. De Palestijnen moeten het intussen doen met vervuild drinkwater, Israeliërs niet.

TEL-AVIV, 13 AUG.Zijn de ernstige waterproblemen in het Midden-Oosten om politieke redenen onoplosbaar? Zullen er in dit door zoveel oorlogen geplaagde deel van de wereld de komende decennia 'wateroorlogen' uitbreken? Joyce R. Starr, de bekende Amerikaanse waterspecialiste van het Centrum voor Strategische Studies in Washington ziet de toekomst somber in als geen politieke basis voor een technologische aanpak van de schrijnende waterproblematiek wordt gelegd. “Als de huidige consumptiepatronen aanhouden zullen opduikende watertekorten gecombineerd met een vermindering van de kwaliteit tot meer wanhopige competitie en conflicten leiden”, schreef ze enkele jaren geleden in een studie over de oplopende watertekorten in de landen van het Midden-Oosten.

Het kan ook anders. Om zijn waterhuishouding wat op orde te brengen koos de Jordaanse koning Hussein onder andere voor vrede met Israel. De belangrijkste paragrafen in dit vredesverdrag handelen over de levering van Israelisch water aan het dorstige Jordaanse koninkrijk, in het bijzonder over de ontzilting van 50 miljoen kubieke meter brak water. Omdat de uitvoering van deze plannen enkele jaren vergt heeft Israel Jordanië een voorschot van 25 miljoen kubieke meter per jaar gegeven zodat de kranen van Amman wat langer open kunnen blijven. Voor dit gebaar moesten de grote visvijvers in de Beit-Shean vallei negentig procent van hun water aan Jordanië afstaan. De viskwekers hadden geen andere keus dan over te schakelen op intensieve visteelt in met zuurstof verrijkt water. De omschakeling pakt beter uit dan werd verwacht en de viskwekers zijn even tevreden als huisvrouwen van Amman.

De waterproblematiek is één van de grootste die vrede tussen Israel en Syrië in de weg staat. Israels voornaamste waterbron, het meer van Tiberias wordt gevoed door water dat van de Golan-hoogvlakte stroomt. Zal Syrië proberen deze waterstroom te onderbreken als Israel de in 1967 veroverde Golan-hoogvlakte niet opgeeft? “Dat zou een casus-belli zijn”, zegt Meir Ben Meir, de hoge commissaris voor water in Israel op zeer besliste toon in zijn eenvoudige kantoor in Tel-Aviv.

Ook vooraanstaande Israelische academici zoals Sofer van de universiteit van Haifa kan de gedachte niet van zich afzetten, dat de komende oorlogen in het Midden-Oosten over water zullen gaan. Boven en ondergrondse waterbronnen in dit deel van de wereld, waarvan 90 procent woestijn is, overschrijden grenzen. De Nijl komt van Ethiopië via Soedan naar de bijna 70 miljoen Egyptenaren, die aan de oevers van deze goddelijke stroom wonen. Eufraat en Tigris voeden vanuit Turkije de landen Syrië en Irak. Bij eventuele conflicten over aftapping, omlegging of schending van waterverdragen geldt het recht van de sterkste of wanhopigste.

Moet het zover komen? “Natuurlijk niet”, zegt de 73-jarige Meir Ben Meir. Zijn toverwoord en dat van zijn Palestijnse tegenspeler Nabil Shariff is ontzilting van zee- en brak water. “Voor Israel is het uitsluitend een kwestie van geld om een in zicht zijnde, ernstige watercrisis op een termijn van ruim tien jaar te voorkomen”, legt hij uit. Met een inkomen per hoofd van de bevolking van tegen de dertigduizend gulden per jaar kan er volgens hem best tweehonderd gulden per persoon af om door middel van ontzilting - zoals in Saoedie-Arabië en in Eilath - de drinkwatervoorziening voor tien miljoen mensen tussen de Middellandse zee en de Jordaan veilig te stellen. Als Israel niet de weg van ontzilting op grote schaal in slaat en weer wordt getroffen door een droge winter - zoals in 1991 - worden zowel Israeliërs als Palestijnen met echte, pijnlijke watercrisis te geconfronteerd. Hoe hevig de nationale hartstochten van Israeliërs en Palestijnen ook met elkaar botsen, als het over water gaat zitten ze wegens de geografische contouren in het zelfde bootje. Israel staat als sterkste partij echter duidelijk aan het stuur en probeert in het tergend langzaam verlopende vredesproces de grenzen op de westelijke Jordaan-oever zodanig af te bakenen dat ondergrondse watervoorraden onder Israelische controle blijven en de te stichten Palestijnse mini-staat wat watervoorziening betreft volledig afhankelijk zal zijn van het joodse land.

Het laatste woord is daar natuurlijk nog niet over gezegd. Duidelijk is echter dat Israeliërs en Palestijnen in de bepaald niet denkbeeldige watercrisis hun vermeende en echte waterrechten met hand en tand zullen verdedigen. Dat doet in zijn contacten met de Israeliers ook de Palestijnse waterchef Nabil Shariff. Op zijn kantoor in Gaza wordt hij dagelijks geconfronteerd met de drinkwatercrisis die dit kleine gebied, waar een miljoen Palestijnen hokken, nu al treft. Als de waterproblematiek in Gaza model staat voor de watercrises die zich elders, in Israel, Egypte, Jordanië zal voordoen dan is er inderdaad reden voor politieke instabiliteit in het Midden-Oosten te vrezen. “Ik zoek naar een derde donorland voor de financiering van een ontziltingsinstallatie”, zegt hij. Oostenrijk en Frankrijk hebben de financiering van twee installaties toegezegd. “Het is ons plan dagelijks 15.000 kubieke meter zee en brakwater in drinkwater om te zetten. Dat is 15 liter per hoofd van de bevolking”, legt Shariff uit. Dit kostbare drinkwater, dat rond de 20 cent per 20 liter gaat kosten zal niet in de waterleiding van Gaza worden gepompt. “De mensen moeten het in watertankjes zelf komen ophalen. Door de waterleidingen loopt water dat al teveel schadelijke chemische stoffen bevat”, zegt hij. Ernstige vervuiling van het grondwater in Gaza is daar verantwoordelijk voor. Dit opgepompte “vuile water” wordt vermengd met water dat de Palestijnse autoriteit van Israel koopt, een erfenis van de lange Israelische bezetting van de strook van Gaza. Mekorot de Israelische watermaatschappij exploreert in de strook van Gaza zoetwaterbronnen voor de joodse nederzettingen in dat gebied. Vijf miljoen kubieke meter per jaar van het 'beste grondwater' is voor nog geen tienduizend kolonisten en hun intensieve landbouw bestemd. De Palestijnse watermaatschappij betrekt op zijn beurt 5 miljoen kubieke meter water van Mekorot. Dat wordt vermengd met water uit vervuilde waterbronnen in Gaza waardoor het water niet meer geschikt als drinkwater maar wel voor andere doeleinden kan worden gebruikt.

Israel draagt een zware verantwoordelijkheid voor de aantasting van de kwaliteit van het grondwater in Gaza en op de westelijke Jordaan-oever. Het Israelische militaire bestuur heeft sinds deze gebieden in 1967 werden veroverd bitter weinig gedaan aan de riolering. Voor 1967 was de situatie niet beter, maar als gevolg van de Palestijnse bevolkingsexplosie, in het bijzonder in de strook van Gaza, is in een kwart eeuw een grote hoeveelheid rioolwater in het grondwater gesijpeld. In de grote Palestijnse vluchtelingenkampen stroomt de riolering in open geulen door de nauwe steegjes. Tijdens de intifada, de Palestijnse volksopstand, die in december 1987 uitbrak, is het grondwater nog slechter geworden omdat het Israelische militaire gezag niet meer verhinderde dat Palestijnse boeren “illegale” waterputten sloegen. “Er werden toen honderden waterputten geslagen”, zegt Nabil Shariff. “Het grondwater werd zonder enige controle opgepompt.” Rampzalig resultaat daarvan was dat zeewater het ondergrondse waterresevoir binnen sijpelde. Water uit deze bronnen was daarna zelfs niet meer geschikt voor de landbouw. Een verbod op het slaan van nieuwe waterputten was een van de eerste maatregelen die door het bestuur van Yasser Arafat werd afgekondigd. Israel en het Palestijnse gezag zitten elkaar steeds heftiger in de haren over het rioolwater uit de Palestijnse steden en dorpen op de westelijke Jordaan-oever dat het grondwater onder Israelisch en Palestijns gebied vervuilt.

Een Israelische waterspecialist van de Universiteit van Haifa merkt op dat Israel gedurende de bezetting ook op de westelijke Jordaan-oever vrijwel niets aan de verbetering van riolering heeft gedaan. “Het is niet eerlijk om het Palestijnse gezag nu met de verantwoordelijkheid voor de problemen op te zadelen die het rioolwater veroorzaakt.”

Hoewel het drinkwater in Israel volgens Meir Ben Meir “van goede kwaliteit” is, drinken steeds meer Israeliërs mineraal water. Agressieve reclamecampagnes van ondernemers die bronwater uit de diepten van de Golan-hoogvlakte op de markt brengen hebben een “waterhysterie” geschapen.

    • Salomon Bouman