Optieregeling ruimer, managers zwaarder belast

DEN HAAG, 13 AUG. Om het aandelenbezit onder werknemers te vergroten, wordt de optieregeling verruimd. Voor managers worden de opties die binnen drie jaar te gelde worden gemaakt juist zwaarder belast. Dat is de kern van een wetsvoorstel van VVD-minister Zalm en PvdA-staatssecretaris Vermeend (Financiën) dat morgen in de ministerraad wordt besproken.

De wet is mede onder druk van premier Kok tot stand gekomen. In april hekelde de PvdA-premier de “exhibitionistische stijgingen van salarissen” bij managers die voor werknemers loonmatiging preken. Deze stijging is een gevolg van de waardevermeerdering van opties. Opties geven managers en werknemers het recht om tegen een vooraf vastgestelde prijs aandelen te kopen in de onderneming waar ze werken. De fenomenale koersstijgingen op de Amsterdamse effectenbeurs hebben dit jaar tot een forse waardevermeerding van de opties geleid. De waarde van alle optieregelingen, die hoofdzakelijk managers ten goede komen, bedraagt inmiddels zo'n 4 miljard gulden.

Op dit moment betalen bezitters van aandelenopties een heffing van 7,5 procent in het jaar dat ze opties ontvangen. Vanaf 1 januari 1998 wordt de hogere economische waarde van de opties belast. Deze waarde moet bij de rest van het inkomen worden opgeteld en wordt zodoende bij managers in het algemeen belast tegen het hoogste tarief van de inkomstenbelasting van 60 procent.

Wanneer de optie binnen drie jaar wordt verzilverd, wordt straks ook de koerswinst belast. Nu is de koerswinst niet belast. Het ministerie van Financiën verwacht dat de extra heffing jaarlijks tien miljoen gulden zal opleveren.

Het kabinet-Kok vindt dat de kleine belegger niet de dupe mag worden van de lastenverzwaring. Om de werknemersparticipatie te verbeteren worden de fiscale vrijstellingen in de winstdelingen- en spaarloonregelingen, op dit moment 1700 gulden, verruimd. De nieuwe bedragen zijn nog niet bekend.

De fracties van PvdA en D66 reageren positief, VVD en de werkgeversorganisatie VNO-NCW reageren gemengd. VNO-NCW staan positief tegenover het voorstel om het aandelenbezit onder werknemers te vergroten. Ook vinden ze het een goed idee om een snelle verzilvering van de opties zwaarder te belasten. “Maar bij de bepaling van de economische waarde voorzien we grote uitvoeringsproblemen”, zegt directeur ecomische zaken dr. P. Verhaegen. De zogenoemde forfaitaire waarde van 7,5 procent die nu bij het inkomen wordt opgeteld, zou volgens hem “heel dicht in de buurt kunnen komen van de economische waarde”. Door allerlei restricties is de optie-waarde bij benadering ongeveer twintig procent van de waarde van het aandeel.

Pagina 19: Vooral PvdA en D66 positief

De VVD reageert “gereserveerd” op de fiscale voorstellen van het kabinet ten aanzien van de opties. Kamerlid H. Hoogervorst: “Het lijkt me een goed idee om de opties bij aanschaf reëel te waarderen en niet forfaitair. We betwijfelen echter of het nog eens belasten van opties die binnen drie jaar worden uitgeoefend fiscaal-juridisch haalbaar is. In feite schep je een ongelijkheid tussen een gewone burger die wel binnen drie jaar zijn opties kan uitoefenen en degenene in het bedrijfsleven die dat niet kunnen. Ik vraag me af of Vermeend hiermee niet bij de rechter tegen de lamp loopt.”

De fracties van PvdA en D66 reageren positief. Kamerlid T. Witteveen-Hevinga: “Het is gerechtvaardigd dat inkomsten waar geen arbeid tegenover staat meer worden belast. De verrijking met opties staat haaks op de roep om loonmatiging. We zijn heel tevreden over de wijze waarop het kabinet is omgegaan met ons voorstel om de verbreding van de optieprogramma's fiscaal te stimuleren. De voorgestelde uitbreiding van de spaarloonregeling is heel positief. Wel willen we kijken naar de termijn van drie jaar, want we vragen ons af of opties die ook ná die periode worden uitgeoefend niet óok belast moeten worden.”

D66 kan zich “inhoudelijk goed vinden” in het voorstel. Kamerlid F. Giskes: “Wat nog wel mis in het wetsvoorstel is de verplichting voor ondernemingen om de optieregeling voor het personeel openbaar te maken. Dat vind ik heel belangrijk. De verruiming van de spaarloonregeling is op zichzelf mooi gezien de democratisering van de opties. Ik heb wel mijn aarzelingen, omdat we bezig zijn om met het spaarloon een forse aftrekpost te creëren.”

CDA-Kamerlid Hillen vindt het op “zichzelf” juist dat de optieregelingen van de managers worden aangepakt, maar hij vreest dat het kabinet die regelingen apart gaat beschouwen en niet zal bezien in samenhang met andere veranderingen in ons belastingstelsel. Dat zet de deur open voor nieuwe constructies om belasting te ontwijken, aldus de fisvaal woordvoerder van de grootste oppositiepartij.