De dichter mag alles, en de anderen niets; Aurelio Grimaldi verfilmt de dubbele moraal van Pier Paolo Pasolini

Nerolio. Regie: Aurelio Grimaldi. Met Marco Cavicchioli, Vincenzo Crivello, Piera Degli Esposti. In: Desmet, Amsterdam; Plaza Futura, Eindhoven.

Tot op het laatst van zijn leven werd Pier Paolo Pasolini, cineast, rabiaat criticus van maatschappij en politiek, maar wat mij betreft in de allereerste plaats een groot dichter, verguisd. Hij stierf zoals hij leefde, turbulent en theatraal, op brute wijze vermoord door een hoerenjong, afgeragd tot een bloedige homp vlees aan een goor Romeins strand. Die typerende dood bewerkte het omgekeerde van zijn levenswijze: Pasolini werd in intellectueel artistieke kringen een heilige. Er werd zelfs een filmisch heiligenleven afgeleverd, met Pasolini als martelaar voor een beter leven, in artistieke en seksuele vrijheid: Un delitto Italiano van Marco Tullio Giordana.

'De dichter' heet de hoofdpersoon in Aurelio Grimaldi's film Nerolio, maar er is geen twijfel mogelijk over wie er met deze dichter wordt bedoeld. De man die we in de trein zien zitten, wiens stem we horen mijmeren over zijn medepassagiers, we herkennen hem direct aan zijn zinderende zinnen. Dit is Pier Paolo Pasolini, een kunstenaar ook als hij een boodschappenlijstje schrijft. En al direct stelt Grimaldi het vast: deze dichter vindt dat hij alles mag, en een ander mag niets. Hij verlustigt zich aan de mensen in de trein. Hun gezichten, de sfeer die ze woordeloos met zich meedragen, het inspireert hem tot schitterende literaire teksten. Maar zo iets vanzelfsprekends als terug kijken, nee, daar is hij niet van gediend.

Grimaldi's film is van begin tot slot een amalgaam van adoratie voor Pasolini's kunstenaarschap en vraagtekens bij zijn dubbele moraal. Hij klaagt waar en hoe hij maar kan de exploitatie van de kansloze lagere klassen aan, maar hij is nog niet op zijn bestemming gearriveerd of hij arrangeert een soort omgekeerde gang bang met een plaatselijke jongensbende. In opdracht van de bendeleider die Pasolini installeert als gelegenheidssouteneur, vervoegen ze zich één voor één bij de auto van de dichter, en stellen zich beschikbaar voor zijn begerige mond en handen. Hij vraagt ze naar hun omstandigheden, informeert naar hun erotische ervaringen met hun vriendinnetjes en doet een poging om ze geestelijk te verrijken met de klassieke muziek uit zijn autoradio. Maar Grimaldi's vaste cameraman Maurizio Calvesi toont in glorieuze, poederig zwartwitte impressies de hypocrisie daarvan. Nacht en ongedurige jonge lijven, dat is wat de dichter wil. Dat dat onderdeel zou zijn van kunst of maatschappijkritiek komt pas later, in de eenzaamheid van de schrijftafel. Eerst wil de dichter seks. En hij kan het krijgen, of de andere partij daar nu voor voelt of niet, want hij zoekt het waar hij alles heeft - geld, talent en/of gezag - en de ander niets.

Nerolio is geslaagd als neerslag van Grimaldi's verscheurdheid. Hij bewondert Pasolini de kunstenaar, hij wijst zijn halfhartigheid, aarzelend, af. Dat de film wanhopig mank gaat komt door de man die de rol van Pasolini vervult. Marco Cavicchioli acteert goed en hij lijkt sterk op Pasolini. Maar hij mist ten ene male diens wolfachtige charisma. En daarmee ontbeert hij de voornaamste verklaring voor alles wat Grimaldi verwart in zijn liefde voor een dichter en zijn kunst.