Regio in Stille Oceaan solidair met Thailand

Japan heeft via het IMF het voortouw genomen in een grootschalige financiële ondersteuning aan Thailand. Gezien de economische belangen van Japan in de Thaise economie is dat niet verwonderlijk. Van alle buitenlandse investeringen kwam in 1995 de helft uit Japan. Toyota produceert in Thailand zelfs een auto die speciaal bestemd is voor de Aziatische markt.

TOKIO, 12 AUG. Onder leiding van het Internationale Monetaire Fonds is gisteren een groep Aziatische landen overeengekomen 16 miljard dollar steun te verlenen aan Thailand. Thailand heeft de extra buitenlandse reserves nodig om zijn munt, de baht, te ondersteunen tijdens een schoonmaak van het financiële systeem van het land. De Thaise minister van Financiën, Thanong Bidaya, toonde zich gisteren na het akkoord zeer optimistisch over de economische toekomst van Thailand.

Anderen wezen op een ander aspekt van het akkoord: “Het indrukwekkende van dit pakket zijn de opmerkelijke bijdragen van landen uit de Stille Oceaan-regio”, zei gisteren Eisuke Sakakibara, Japans vice-minister voor Internationale Zaken van het ministerie van Financiën. Japan en het Internationale Monetaire Fonds (IMF) dragen beide 4 miljard dollar aan het pakket bij. Daarnaast dragen Taiwan, Singapore, Maleisië en Australië elk 1 miljard bij en Zuid-Korea en Indonesië de helft van dat bedrag. Het resterende deel, 3 miljard dollar, leggen de Wereldbank en de Aziatische Ontwikkelingsbank op tafel al is dit laatste nog niet officieel bevestigd. De Verenigde Staten en enkele Europese landen stuurden wel waarnemers naar de ontmoeting gisteren in Tokio maar nemen zelf geen deel aan de steunoperatie.

De grote bijdrage van Japan aan het steunpakket is logisch gezien de grote rol die het land speelt in de Thaise economie. De handel met Japan maakt een kwart uit van de totale buitenlandse handel van Thailand. En Japanse bedrijven waren in 1995 verantwoordelijk voor 48 procent van de buitenlandse investeringen in Thailand. Zo begon Japans grootste autofabrikant, Toyota, onlangs in Thailand met de produktie van een speciaal voor de Zuidoost-Aziatische markt ontworpen personenwagen, de Soluna.

De Thaise minister Thanong Bidaya zei gisteren dat het grootste deel van het steungeld zal worden gebruikt om de reserves aan buitenlandse valuta van het land aan te vullen. In ruil voor de steun zal Thailand in de tussentijd met een pakket soberheidsmaatregelen de economie van het land op orde zien te krijgen. Afgelopen week kondigde Thailand reeds aan dat de BTW zal worden verhoogd, een aantal financiële instellingen zal worden gesloten en maatregelen zullen worden getroffen om het tekort op de lopende rekening terug te dringen.

De Thaise reserves aan buitenlandse valuta zijn sterk gekrompen door steunoperaties voor de nationale munt, de baht. De koers van de baht was gekoppeld aan de dollar maar wegens sterke druk op de munt moest de regering de koers begin juli vrijlaten. De baht daalde direkt 20 procent in waarde.

De problemen rond de baht zijn het gevolg van de 'zeepbel' van de afgelopen jaren. Na jaren van robuuste economische prestaties, creëerde de Thaise regering in 1993 een speciale categorie financiële instellingen die zonder overheidscontrole dollarleningen konden uitgeven tegen veel lagere rente dan in Thailand gebruikelijk. De leningen waren een groot succes, maar het geld ging niet slechts naar de industrie. Een deel ging in speculatie met grond en aandelen en de aanschaf van luxe wagens en andere extravaganzas.

In de tussentijd verdubbelde het tekort op de lopende rekening de afgelopen drie jaar. Vrees dat de regering de baht zou gaan devalueren resulteerde in de eerste helft van dit jaar in een grootschalige verkoop van baht en een vlucht in de dollar. Met als resultaat dat de 'zeepbel' klapte. Met massale baht-aankopen heeft de Thaise regering, met steun van Singapore, Maleisië en Indonesië, de koers proberen te handhaven. Tot 2 juli. Thailand koos voor een zwevende baht en in een week daalde de koers met 20 procent.

Thanong Bidaya, de Thaise minister van Financiën, ontmoet vandaag in Tokio vertegenwoordigers van 21 Japanse banken voor verlenging van de kredieten aan het land. “We zullen trachten hen te overtuigen dat het IMF-programma is uitgevoerd en dat we ons best doen de economische situatie van Thailand te normaliseren”, aldus Thanong gisteren. De Thaise overheid heeft een schuld in buitenlandse valuta van 16 miljard dollar uitstaan, waarvan de helft bij Japanse banken.