Steek wat bloemen in je haar

Ook wie nooit naar de Top 40 luistert, kent ze. Overal klinken de zomerhits, in de straten en op de stranden, in de cafés en in de winkels. Deze week de soundtrack van de zomer van 1967.

Zelden zal de hitparade zo de Zeitgeist hebben weerspiegeld als in de zomermaanden van '67, de zogeheten Summer of Love. Van 17 juni tot 23 september stonden achter elkaar vier typische hippieplaten op de eerste plaats in de Top 40: 'A Whiter Shade Of Pale' van Procol Harum, 'All You Need Is Love' van de Beatles, 'San Francisco' van Scott McKenzie en 'We Love You' van de Rolling Stones. En het is dat er in de jaren zestig nog geen Album Top 20 werd bijgehouden, anders was ook de flowerpower-elpee bij uitstek, Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band, de hele zomer nummer 1 geweest.

Amerikaanse historici dateren de proloog van de Summer of Love (© Time Magazine) op 14 januari, toen in het Golden Gate Park in San Francisco een 'Human Be-In' werd gehouden waarop de tegencultheld Timothy Leary zijn 'tune in, turn on, drop out'-toespraak hield. Maar het waren de Beatles die met de lancering van Sgt. Pepper's op 1 juni de zomer inluidden. De baanbrekende 'concept-elpee', met bloemen en kauwgomplaatjeskleuren op de hoes en psychedelische invloeden in de muziek, vormde de muzikale ondersteuning van alle hippiefeestjes, 'love-ins' en popfestivals (Monterey) die van Haight-Ashbury, San Francisco tot het Spui, Amsterdam werden gehouden. Volgens de verhalen hoorde je Sgt. Pepper's door ieder open raam, en discussieerden hele volksstammen over de verwijzingen naar drugs in liedjes als 'Lucy In The Sky With Diamonds' (LSD), 'Fixing A Hole' (heroïne) en 'A Day In The Life' (marihuana).

Toch was het geen single van Sgt. Pepper's die in juli 1967 de zestiende nummer 1-hit van de Beatles werd. 'All You Need Is Love' was speciaal geschreven als de Engelse bijdrage aan de eerste wereldwijde satelliettelevisieuitzending. Meer dan 200 miljoen mensen zagen op 25 juni hoe een met bloemetjeshemd en kralenkettingen getooide John Lennon zong dat 'liefde alles is dat je nodig hebt', terwijl op de achtergrond beroemdheden als Faithfull, Clapton, Jagger en Richards het koor vormden. De vier minuten durende meezinger, die begon met de opmaat van de 'Marseillaise' en eindigde met onder meer het thema van 'In The Mood', stond in de hele wereld wekenlang aan de top, en inspireerde de Rolling Stones tot het heel wat minder aanstekelijke 'We Love You (And We Hope You Love Us Too)', dat in Nederland te boek staat als de laatste nummer 1-hit van de Summer of Love.

Als klaroenstoot van de 'peace, love and understanding'-beweging was 'All You Need Is Love' de opvolger van Procol Harums 'A Whiter Shade Of Pale', een symfonische hymne die niet alleen veel weerklank vond door de superieure melodie - gepikt uit een cantate van Johann Sebastian Bach - maar ook door de hallucinatoire tekst. Popexegeten zouden nog jaren speculeren over de precieze betekenis van frasen als 'de laatste fandango' en natuurlijk de 'zestien Vestaalse maagden', tot zanger Gary Brooker min of meer bevestigde dat de tekst het best is op te vatten als het verslag van een delirium - zoals de regel 'we called out for another drink' al deed vermoeden.

'A Whiter Shade Of Pale' bleef vijf weken aan de top, 'All You Need Is Love' drie. Maar het internationale succes van de Britse groepen werd uiteindelijk overschaduwd door dat van een eendagsvlieg uit het epicentrum van de flowerpower: Scott McKenzie uit San Francisco. Zijn 'San Francisco (Be Sure To Wear Some Flowers In Your Hair)', dat geschreven was door de zanger van de Mama's & Papa's, werd de grootste zomerhit van 1967. De muziek - gitaar, drums, een quasi-hip belletje en wat ritmisch handgeklap - was even simpel als de tekst, die de luisteraar aanspoorde om naar San Francisco te komen en dan vooral wat bloemen in het haar te steken. Want in Frisco liepen de straten vol aardige 'mensen in beweging' en zou de zomer een feest van liefde zijn.

Natuurlijk was de werkelijkheid anders. De tienduizenden would-be-hippies die die zomer naar de Amerikaanse Westkust kwamen (door George Harrison meedogenloos beschreven als 'horrible spotty drop-out kids on drugs') werden al gauw geconfronteerd met de keerzijden van LSD (bad trips) en vrije liefde (ongewenste zwangerschappen). En van vrede op aarde was weinig te merken. De Arabische staten likten hun wonden na het vernietigende pak slaag dat ze van Israel in de Zesdaagse Oorlog hadden gehad; het Griekse kolonelsregime ontnam filmster Melina Mercouri en 480 anderen het staatsburgerschap; president Johnson stuurde weer meer troepen naar Vietnam, en in Detroit en Newark braken de ernstigste rassenrellen sinds jaren uit.

Maar Scott McKenzie zong door, en de hippiemythe die hij samen met de Beatles, de Stones en vele anderen in de zomer van '67 propageerde zou de Westerse wereld nog jaren in zijn greep houden. Het hielp niet dat twee maanden later in San Francisco met een officiële manifestatie de 'Death of the Hippy' werd verkondigd. Pas ten tijde van de punk, in de tweede helft van de jaren zeventig, werden de naïeve idealen van McKenzies 'gentle people with flowers in their hair' beetje bij beetje minder hip.