Reporters willen alleen eigen code

De overheid wil de pers meer op afstand houden bij calamiteiten. Journalisten zeggen dat het hun eigen verantwoordelijkheid is. Welke ethische afwegingen worden er gemaakt bij de televisie?

AMSTERDAM, 9 AUG. “Daar hebben we dus niks aan”, moppert de verslaggeefster van het SBS6-programma Hart van Nederland achter de montagetafel. Ze spoelt de beelden van een brand in een homo-escortbureau in Rotterdam, waarbij die nacht een dode en vijf gewonden zijn gevallen, snel door. Beelden van de reanimatie van een slachtoffer en beelden waarbij twee mannen, frontaal gefilmd, via een brandweertrap het brandende gebouw verlaten en een deken krijgen omgehangen, worden rigoureus geschrapt. “Als je dit gebruikt moet je de gezichten gaan afwhipen (onherkenbaar maken, red.), dan lijken het net criminelen.” Alleen een opname van de slachtoffers op hun rug bezien, haalt die avond de uitzending. 'Slachtoffers en verdachten niet herkenbaar in beeld' is de stelregel van Hart van Nederland. Ook lijken worden in principe niet in beeld gebracht.

Op de Amsterdamse redactie zijn de redacteuren en verslaggevers van Hart van Nederland, de meeste zijn midden-twintigers, druk bezig met het bekijken van banden en het schrijven van teksten voor het programma van die avond. Hoofdredacteur Jean Mentens loopt ertussen door, wegens de vakantie gekleed in korte broek en met een zonnebril om zijn nek. Mentens is een uitgesproken criticus van de 'concept-handreiking' voor hulpverleners, (ambulancediensten, brandweer en politie), die te maken krijgen met de media. Daarin wordt bepleit de media meer op afstand te houden bij rampen en ongelukken. Zo moet de privacy van slachtoffers beter worden beschermd. Ook dienen bij calamiteiten voorlichters te worden ingeschakeld. Mentens, fel:“Als je de media alleen te woord laat staan door iemand die daarvoor is opgeleid, leidt dit tot gelijkschakeling van de pers. Dan heb je geen censuur meer nodig.” De ministers Dijkstal (Binnenlandse Zaken), Sorgdrager (Justitie) en Borst (Volksgezondheid) stuurden de concept-richtlijn onlangs voor commentaar naar hulpverleners en de media.

Regionale nieuwsprogramma's als Hart van Nederland en 5 in het land van RTL5 vertonen veel ongelukken en branden, maar mogen niet worden verward met reality tv, meent Mentens. “Ik weet niets van de reality-wereld”, zegt hij. “Wij maken een nieuwsprogramma.” In de keuze van onderwerpen zitten deze programma's evenwel ergens tussen de reality-shows - waarbij hulpverleners worden gevolgd zonder duidelijke nieuwsaanleiding - en traditionele nieuwsprogramma's in. 5 in het land wisselt regelmatig onderwerpen uit met zowel het RTL-nieuws als het reality-programma 112. In de programma's worden ongelukken en branden behandeld die het traditionele nieuws op de nationale zenders niet halen. “Het journaal komt voor drie doden, RTL komt voor twee doden, en wij komen voor één dode. De anderen moeten dus niet chique gaan doen”, zegt verslaggever Erik Bunte van Hart van Nederland.

Volgens Mentens zijn de ministers slecht geïnformeerd als het gaat over de verslaggeving van calamiteiten. “Wij hebben nog nooit een klacht gehad op dit vlak. Als bewijs uit het ongerijmde zou je dus kunnen zeggen dat er niks aan de hand is. Ik hoor van hulpverleners dat er heel prettig wordt samengewerkt.” Volgens Hart van Nederland-verslaggever Ferry Stoop komt de code te laat. “Drie jaar geleden, toen reality tv in Nederland begon, was zo'n code nodig. Toen was het chaos.”

Vrijwel de voltallige Nederlandse journalistiek heeft de concept-richtlijn van het kabinet inmiddels afgewezen. In een gezamenlijke brief aan Dijkstal noemen onder andere het NOS-journaal, het RTL-nieuws, SBS6, het genootschap van hoofdredacteuren en de Nederlandse Vereniging van Journalisten het “volledig buitensluiten” van journalisten bij calamiteiten “niet acceptabel”, aangezien een journalist zijn werk ook kan doen zonder de hulpverlening in de weg te lopen. Ook wordt er in de brief de nadruk op gelegd dat journalisten en niet hulpverleners de ethische afweging moeten maken welke beelden geschikt zijn voor vertoning. Het afschermen van slachtoffers is 'betuttelend' en maakt inbreuk op de persvrijheid, aldus de ondertekenaars.

Hulpverleners reageren wel positief. De raad van hoofdcommisarissen, het korpsbeheerdersberaad en het beraad van hoofdofficieren van justitie hebben gezamelijk ingestemd met de handreiking. Ook de ambulancediensten zijn tevreden. “Dit is precies wat we willen”, zegt E.P. Cassee, voorzitter van het Nederlands Ambulance Platform. Vooral de ambulancediensten hebben in het verleden te kennen gegeven hinder te ondervinden van verslaggevers.

Mentens vertrouwt op het ethische oordeel van zijn verslaggevers. Er staan geen regels op papier. Wel werkt SBS6 op dit moment aan een gedragscode die voor alle programma's van het station moet gaan gelden. Voorlopig geven de keuzes van de individuele verslaggever in de montagekamer de doorslag. De verslaggevers controleren elkaar ook. Verslaggever Bunte: “Als een van ons iets heeft gedaan, wat volgens anderen niet helemaal door de beugel kan, wordt hij daar op aangesproken. Die verslaggever verdedigt zich dan misschien wel, maar de volgende keer doet hij het toch anders. Dat is een soort ongeschreven code onder ons. ”

De meeste verslaggvers zijn het erover eens dat elke situatie anders is en dat de keuzes die gemaakt worden zich niet in een code laten vangen. In de praktijk lijken de ethische afwegingen van journalisten soms arbitrair te zijn. “Na de kindermoorden in Hoofddorp heb ik in het telefoonboek van die plaats gekeken of er nog andere mensen woonden met dezelfde naam als het gezin”, vertelt 5 in het land-presentatrice Margriet van der Linden. “Er waren er twee. We zijn door de straat gereden, maar we hebben niet aangebeld. We hebben wel bij de school van de kinderen gefilmd, maar zonder kinderen aan te spreken.”

Ook voor 5 in het land gelden de vuistregels: geen slachtoffers of verdachten herkenbaar in beeld, geen bloedplassen en geen lijken. Een opname van het opgedregde lichaam van een verdonken stroper uit Urk vindt Erik Thier, eindredacteur en verslaggever van 5 in 't land, te ver gaan, maar beelden van een been van een verdonken stroper dat levenloos over de rand van de boot hangt, weer niet. “Uiteindelijk ben je toch bezig met hele botte dingen. Je wilt iets laten zien van de sfeer en de ontreddering ter plaatse.”

Leuk vinden de meeste verslaggevers het niet om leed te moeten filmen. “Soms voel je je als verslaggever een klootzak”, vertelt Thier van 5 in het land. “Ik moest een item maken over een man die zijn kinderen had gedood in Assen. Dan moet je aanbellen bij de buren en dan denk je 'dit kan toch eigenlijk niet'. Toch deed ik deed het. Alle collega's deden het. Uiteindelijk kwam ik uit bij een man die een vriend van de dader bleek te zijn. Hij vertelde me dat hij de avond daarvoor de dader nog gezien had en vervolgens de politie had gewaarschuwd dat het mis met hem ging. Dat is dan toch de legitimering voor het werk dat je op dat moment doet.”