Pensioenknollen

Een alleenstaande free lancer (51) werkte eerder bij drie ondernemingen waar hij pensioenrechten opbouwde. Die zijn nu premievrij. Hij is een'slaper', in pensioentaal.

Als hij 65 jaar is, ontvangt hij bij elkaar circa 14.000 gulden pensioen, als de waardevaste (geïndexeerde) aanspraken met gemiddeld 2 procent per jaar stijgen. Of dat percentage juist is, zal de tijd leren. Na zijn pensionering loopt het pensioen op als gevolg van die indexatie, zelfs wanneer hij 122 jaar oud wordt. Op dit moment verdient hij te weinig om meer pensioen op te bouwen. In de aanspraken zit een (overbodig) partnerpensioen.

Onlangs is hij 'bespeeld' door een assurantiebemiddelaar. Die zegt dit: “De waarde van uw slapende rechten (de pensioenreserve) kent u niet. Ook ligt de ingangsdatum onwrikbaar vast op uw 65ste verjaardag en mag u op dat moment uw reserve niet onderbrengen bij de verzekeraar die het hoogste pensioen biedt. Uw huidige aanspraken missen alle elementen van een optimaal pensioen. Indien u bereid bent die starre zekerheid in te ruilen voor de dynamiek van een flexibel pensioen, kunt u een aanzienlijk hoger pensioen realiseren: van 16.000 tot 39.000 gulden, of meer, per jaar.

Bij zo'n opwekkend voorstel droom je wel even weg. Van 14.000 gulden pensioen naar een bedrag van 39.000 gulden, wanneer je met deze jongens in zee gaat. Dan onderteken je toch meteen het bijgevoegde, al ingevulde aanmeldingsformulier? De briefschrijver voelde nattigheid. En terecht,want het verhaal rammelt aan alle kanten. Deze assurantiebemiddelaar probeert knollen voor citroenen te verkopen. Sterker nog: je moet de knollen eerst kopen (het aanmeldingsformulier ondertekenen) voor je ze mag beoordelen.

Wat beoogt deze bemiddelaar? Hij wil de drie premievrije verzekeringen door de slapende deelnemer laten afkopen en omzetten in een individuele pensioenverzekering. Daar is niets op tegen, mits die polis meer oplevert dan de lopende rechten. Is dat zo?

De offerte zegt dit. “Onze voorkeur gaat in het algemeen uit naar het 'unit linked' (gekoppeld aan beleggingsfondsen, red.) optimaal gespreid pensioen. Dit biedt de zekerheid van vaste rente met de dynamiek van een actieve en kwalitatief hoogstaande belegging in aandelen. De garantie van het eindkapitaal en de vaste jaarlijkse uitkering vallen hiermee weg. Het risico dat u hiermee loopt is dat het toekomstig rendement lager wordt dan 10 procent (dit was de afgelopen 3 jaar 19,3 procent) en de kapitaalmarktrente bij ingang van het pensioen onder de 4 pct komt (dit is de laatste 30 jaar niet voorgekomen). De algemene voorwaarden van deze polis zenden wij u op verzoek toe. Voor de goede orde willen wij hierbij, wellicht ten overvloede, nog benadrukken dat de op het aanmeldingsformulier aangegeven overdrachtswaarde (afkoopwaarde, red.) een indicatief bedrag is, en dat we voor de overdracht (van de rechten naar de nieuwe polis, red.) afhankelijk zijn van de medewerking van uw pensioenfondsen.”

Het slot van deze offerte legt de zwakke punten van het voorstel bloot. De pensioenfondsen zijn volgens de Pensioen en Spaarfondsenwet (PSW) niet verplicht de pensioenrechten over te dragen (aan een ander fonds of verzekeraar) of af te kopen. Ook weet je niet welk bedrag er uit de bus rolt. Die voorbehouden maakt de bemiddelaar in zijn brief ook, maar niet op het aanmeldingsformulier. Toch moet de briefschrijver het ondertekenen,hoewel er niets zeker is en er geen verzekeringsvoorwaarden zijn bijgesloten. Formeel is hij dan wél gebonden aan de overeenkomst, afgezien van de algemene ontbindende voorwaarden. In het algemeen geldt dat je een pensioen niet moet meenemen naar een nieuw fonds (dat heet 'waardeoverdracht') of naar een andere constructie als je er niet op vooruit gaat.

De oude opzet garandeert een pensioen dat waardevast is en dus stijgt als het leven duurder wordt. Wanneer bijvoorbeeld de inflatie over 25 jaar uitschiet naar 10 procent per jaar, gaat het pensioen waarschijnlijk flink omhoog. Daar betaal je als slaper of pensioentrekker niet aan mee. Die extra kosten worden betaald uit de premies van de werkgever, de actieve deelnemers (de werkers) en de beleggingsopbrengsten van de pensioenreserve. Een individuele verzekering kent die solidariteit niet. De starre zekerheid van een pensioenregeling is zo slecht niet en is (op papier) alleen te kloppen door te schermen met hoge rendementen die de beleggingsfondsen van de betrokken verzekeraar mogelijk zullen halen.

Wat is de beste procedure, als de lezer toch voor zo'n omzetting voelt? Zelf informeren bij de pensioenfondsen en, indien die meewerken, een verzekeraar zoeken die het meeste pensioen biedt, hoewel toekomstige percentages niets garanderen.