Nijldelta al duizenden jaren met constante snelheid aan het dalen

Onderzoekers van het Smithsonian Institution en het Carnegie Institution, beide in Washington, hebben gevonden dat het noordoostelijke deel van de Nijldelta al duizenden jaren met zeer constante snelheid ten opzichte van de zeespiegel daalt.

Dit gebeurt bovendien in een veel sneller tempo dan de absolute stijging van de zeespiegel. Dit deel van de Nijldelta ligt momenteel nog maar één meter boven het niveau van de Middellandse Zee, waardoor het noordelijke deel van het Suezkanaal en de hieraan gelegen havensteden Port Said en Port Foead (waar in totaal bijna een half miljoen mensen wonen) zich in een bijzonder kwetsbare situatie bevinden.

De twee onderzoekers hebben de daling van dit gebied afgeleid uit de sedimenten in een 49 meter lange boorkern die afkomstig was van een punt ten zuidoosten van Port Foead. Met behulp van massaspectrometrie werd de ouderdom van de sedimenten bepaald, terwijl uit de gevonden fossielen tevens de waterdiepte ten tijde van de afzetting werd afgeleid. De sedimentlaag blijkt tussen 45 meter diepte (6500 jaar geleden) en 14 meter diepte (950 jaar geleden) in een opmerkelijk constant tempo te zijn gegroeid. Bij de bovenste 14 meter was dit niet het geval, waarschijnlijk als gevolg van verstoringen door door baggerwerkzaamheden tijdens de aanleg van de oostelijke zijtak van het Suezkanaal in de jaren zeventig en tachtig (Nature, 24 juli).

Uit de analyses volgt dat de bodem waarop de sedimenten zijn afgezet in de afgelopen 8500 jaar met een snelheid van gemiddeld 4 mm per jaar ten opzichte van de zeespiegel is gedaald. Dat gebeurt dus in een opmerkelijk sneller tempo dan de absolute zeespiegelstijging in dit gebied, die door andere onderzoekers wordt geschat op ongeveer 1,0 tot 1,5 mm per jaar. De totale relatieve zeespiegelstijging langs de delta komt daarmee op minstens 5 mm per jaar. Analyses van waterhoogtemetingen in Port Said in de periode 1923-1946 hadden al eerder gewezen op een relatieve zeespiegelstijging van 4,8 mm per jaar. Nu het grootste deel van deze stijging het gevolg blijkt te zijn van al millennia voortgaande bodemdaling, kan natuurlijk moeilijk worden volhouden dat de zeespiegelstijging in dit gebied een duidelijk teken is van een door de mens versterkt broeikaseffect.