Hollands Dagboek

Acteur Roeland Fernhout (25) studeerde vorige maand af aan de Toneelschool van Amsterdam, maar hij is al een paar jaar bekend als filmacteur. Zijn bekendste rol is die van de 'grappig zoenende' vriend van Zusje, in de film van Robert Jan Westdijk. De afgelopen weken is hij vooral Goof geweest, een van de hoofdpersonen in Siberia, de nieuwe film van Westdijk. Een zwaar weekje filmopnamen.

Woensdag 30 juli

Vandaag draaien we mijn grote seksscène. Dat betekent dat ik volledig uit de kleren moet. Dat heb ik vaker gedaan en het went een beetje, maar het blijft een wonderlijke aangelegenheid. Temeer omdat, voor mij voor het eerst, mijn piemel in beeld zal zijn. Frontal Male Nudity. Ik weet niet goed wat ik ervan denken moet. Ondanks dat ik me er in kan vinden (functioneel naakt heet dat toch?) en ik me er redelijk comfortabel bij voel, blijft er iets knagen. Ben ik te dik? Te mager? Is-ie te klein? Is-ie te groot? Het enige wat ik weet is dat ik niet ben gaan acteren omdat ik het verlangen had om mijn piemel aan heel Nederland te laten zien. Een piemel is toch heel erg van jezelf. Niet iets om zomaar weg te geven. Maar: Alles voor de Kunst, dus vooruit maar.

Ik trek mijn kleren uit en ga op het bed liggen. Ik voel me erg bloot, vooral omdat ik mijn sokken aanhoud. De crew heeft veel plezier. Ik niet. Er wordt besmuikt gegniffeld en Bert Pot, cameraman, verbergt zich hikkend achter zijn oculair. Bert Haitsma, van de focus, blijft me breed glimlachend bekijken. Dit is leedvermaak. Maar vermaak is vermaak denkt de crew en ze nemen het ervan. De situatie wordt er niet prettiger op door het feit dat mijn tegenspeelster volledig gekleed is en de hele scène gekleed zal blijven. Op solidariteit hoef ik dus ook niet te rekenen.

Ik voel me bloter en bloter. Robert Jan komt de slaapkamer binnen en ik zie dat hij zich geneert. Dit helpt niet. Hypocriet, denk ik, hij heeft dit zelf geschreven.

Robert Jan weet niet wat hij moet zeggen, en roept dus maar 'Actie'.

Donderdag

Na twee weken overdag gedraaid te hebben gaan we vanavond de nightshoot in. Ik heb net mijn huisarts opgebeld en gevraagd om een recept slaappillen. Ik slaap al twee weken slecht en ik kan het me niet permitteren nog meer slaap te verliezen door de omschakeling van een dag- naar een nachtritme. Ik heb nog nooit eerder om slaappillen gevraagd en het voelt vreemd.

De afgelopen twee weken waren zwaarder dan ik had verwacht. We liggen inmiddels een dag achter en we draaien elke dag veertien uur om niet nog verder achterop te raken. Tot nu toe elke nacht slecht geslapen en als ik sliep over de film gedroomd. Zelfs 's nachts ben ik dus nog met de film bezig. Bepaalde scènes blijven me achtervolgen. Scènes die we door tijdgebrek snel erop moesten zetten. Of scènes die ondanks dat we er de tijd voor hebben genomen, niet zijn wat je gehoopt had. Het vervelende aan film is dat je niet terug kunt. Als het erop staat staat het erop en je moet door. Ik kan zo vijf scènes opnoemen die ik over zou willen draaien omdat ik denk dat ik nu weet hoe ze beter zouden zijn. Ik weet dat ik het moet loslaten maar dat wil niet echt lukken. Alles blijft maar door mijn kop razen.

Vrijdag

Lang leve de slaappil!

Eerst de bijsluiter doorgenomen - bijwerkingen: dubbelzien, waanvoorstellingen, woede-aanvallen, angstaanvallen, verlies van persoonlijkheidsgevoel, verlies van realiteitsgevoel, geestelijke afhankelijkheid en depressie - en daarna vrolijk de pil geslikt.

Geslapen als een blok. Droomloos ook. Misschien dat ik me daardoor nu veel beter voel. Misschien ook omdat we gisternacht - weer vijftien uur doorgetrokken - een goede scène erop gezet hebben.

Iedereen gaat er langzaam maar zeker slechter uitzien. Clea (de producente) ziet zo grauw als een doek, Marleen (make-up) wordt van vermoeidheid knalrood in haar gezicht, en ik trek langzaam maar zeker geel weg. Maar gedeelde smart is halve smart en niemand klaagt.

Af en toe zie ik wat shots terug op de video-assist. Zie heel veel slechts van mezelf. Een paar goede momenten. Een paar maar. Ik vind het te weinig. Ik hoop dat Robert Jan die momenten die wel goed zijn, wil gebruiken. Of kan gebruiken. We draaien op vijfendertig millimeter en dat brengt met zich mee dat de kwaliteit van een shot van heel veel factoren afhankelijk is. Licht, scherpte, camerabeweging, geluid, continuïteit van geluid, continuïteit van handeling. De kwaliteit van het acteren is dus helaas niet het enige criterium. De gedachte dat een voor mij goede take niet bruikbaar is door andere factoren en er dus een voor mij veel mindere take gebruikt zal worden, zit me bijzonder in de weg.

Zaterdag

Het valt me op dat we gedurende de nightshoots beter zijn gaan werken. Misschien komt het doordat we 's nachts veel stiller moeten zijn dan overdag, in verband met slapende buren. Of doordat iedereen zijn energie een beetje wil sparen. In ieder geval is er meer rust op de set en iedereen lijkt geconcentreerder.

Toch is het goed dat het vannacht de laatste nightshoot is, want de rek is eruit. Mensen vallen in slaap op de set, we doen zelfs een take over omdat iemand er doorheen snurkte. Om half zes stort ik zelf in. Alsof er een knop wordt omgedraaid, ineens is het op. Ik kan niet meer. Ik denk zelfs niet meer. Gewoon niets. Leeg. We draaien door want de scène moet er op. Het is een dialoog tussen 'Hugo' en 'Lara', die 'Goof' moet onderbreken door binnen te komen lopen. Ik hoor ergens nog 'actie', ik hoor mijn cue en loop de trap op naar binnen. Ik heb echt geen flauw idee wat ik überhaupt in deze scène doe. Mijn tegenspelers ook niet. Ze kijken me aan, en er gebeurt niets. We blijven elkaar aankijken en ik zie dat Hugo (Metsers III) er ook helemaal doorheen zit. Dit heeft helemaal geen zin. De koek is op. Het is nu half zeven, we hebben nog een half uur voordat de zon een einde maakt aan de nightshoot, Hugo en ik zijn volledig opgebrand, en we zitten met een scène die niet werkt.

Maar we moeten door.

Uiteindelijk gooien we alles om, we versimpelen de scène, en hij komt er nog mooi op ook.

Het is nu kwart over zeven en ik ben mijn uitputting voorbij. Mijn lichaam loopt nu op adrenaline en ik ben in een roes.

Zondag

In mijn roes besluit ik dan nog even naar RoXY te gaan. Half acht kom ik binnen. De klanten zijn net weg (in verband met hun tienjarig bestaan zijn ze deze week tot zeven uur open) maar het personeel begint net aan een na-borrel. Ik heb anderhalf jaar in RoXY gewerkt en dus ben ik nog welkom. Het is heel prettig om weer eens met andere mensen te praten. Ik sla een paar cognacjes achterover en ik voel me top. De RoXY gaat dicht, en om negen uur sta ik buiten, maar van slapen wil ik nog niet weten. Met een paar vrienden gaan we naar mijn huis waar we nog een fles wijn drinken. Ik zal nu wel dronken zijn, maar mijn lichaam blijft doorgaan. We gaan weer de stad in, dansen bij de Stopera, nog wat eten, en nog een laatste dansje in RoXY.

Maandag

Ik slaap twintig uur.

Dinsdag

Na drie weken alleen met Hugo en Vlatka gespeeld te hebben beginnen we vandaag met scènes met andere meisjes. Het zijn allemaal buitenlandse actrices, uit Oostenrijk, Argentinië, Griekenland en Italië. Ze zijn allemaal ook bijzonder leuk, vind ik. Als een gigolo spring ik van het ene bed in het andere. Hi, nice to meet you. Shall we do the scene? Het blijft raar, met iemand in bed liggen die je niet kent, maar je leert elkaar hoe dan ook toch sneller waarderen. Je hebt gewoon minder om op te houden. Ik doe mijn best om mijn tegenspeelsters op hun gemak te stellen. Het lijkt me geen gemakkelijke opgave om een dag op een filmset te komen en dan gelijk in bed te moeten. Gelukkig is het allemaal zeer kuis (ik heb gemerkt dat dat voor buitenlandse actrices belangrijker is dan voor Nederlandse) en als we zo doorgaan, maken we de eerste Nederlandse film waarin geen blote vrouwenborst te zien is.

Woensdag 6 augustus

Nu snap ik waarom er zo weinig films in Amsterdam worden opgenomen. Behalve dat de cateringtafel regelmatig geplunderd wordt door junks, is er altijd en overal herrie. We draaien vandaag buiten, bij de Oudezijds Achterburgwal. Het is prachtig weer, dus iedereen is op straat. En op het water. De ene feestende boot na de andere komt langs gevaren. Mark Wessner, de geluidsman, feest niet mee.

Langzaam maar zeker begint de film zich uit te kristalliseren. We zijn nu iets over de helft, en hebben een paar hele mooie dingen erop gezet. Uiteindelijk zal het materiaal zich in de montagekamer moeten bewijzen. Film is zo'n ontzettend indirect medium voor een acteur. De film ontstaat pas nadat jij je werk hebt gedaan, tijdens het monteren.

Nog drie weken doorpezen. Proberen het overzicht vast te houden. Daarna laat ik het aan de goden over of het een mooie film wordt of niet. In september 1998 merk ik het wel.