'Hoge Veluwe gedoogt illegale jacht op herten'

OTTERLO, 8 AUG. De jacht op het grofwild van het Nationaal Park de Hoge Veluwe wordt overgelaten aan pretjagers die op illegale wijze jacht maken op de herten in het park. Dit zegt de stichting Faunabescherming. Volgens de stichting moet het park zijn beleid zo snel mogelijk aanpassen. Het park wijst de beschuldiging van de hand.

De stichting presenteerde gisteren het rapport 'Groeten van de Hoge Veluwe', tijdens een actie bij de ingang van het Nationaal Park. In het park leven zo'n 750 dieren, die grofwild heten, waaronder 250 edelherten, 250 reeën en vijftig wilde zwijnen. Maar dat aantal is te veel voor het park, dat een grootte heeft van krap 5.000 hectare, zo meent Faunabescherming. “Het zou beter zijn als het park op een aantal plaatsen de afscheidingshekken zou verlagen, zodat de herten zich kunnen mengen met de herten die buiten het park leven, zoals op de Planken Wambuis.”

Het grofwild wordt volgens de stichting opzettelijk gescheiden gehouden van het wild buiten het park. “Nu kunnen ze worden bijgevoerd, wat grotere beesten oplevert met grotere geweien. En dat is weer aantrekkelijk voor de jagers, die zo mooiere pronkstukken krijgen.”

De Hoge Veluwe, dat op jaarbasis door ruim 600.000 mensen wordt bezocht, moet allereerst stoppen met de illegale drijfjachten, oordeelt Faunabeheer. Eigen onderzoek heeft aangetoond dat het Haarlemse jagersgezelschap Sint Hubert, dat de wildstand op het park beheert, gebruik maakt van mensen die het wild in de richting van de schutters drijven. “Met honden wordt het wild uit de bosjes gejaagd. En dat is in Nederland verboden.” Volgens Faunabescherming gaat het om “pretjagers”. Het park bestrijdt de meeste beschuldigingen. Zo zou volgens een woordvoerder een onderzoek van de Wageningse Landbouwuniversiteit uit 1990 hebben aangetoond dat er in het park meer dan voldoende voedsel is, zelfs voor veel meer dieren dan er nu leven. Ook wordt er volgens het park niet bijgevoerd, met uitzondering van zoulikstenen en hooi aan het einde van de winter.