Arme Else en dikke Dolf

De plattegrond van het Amstelpark in Amsterdam doet niets vermoeden. Het register vermeldt een speeltuin, een mini-golf baan, een kinderboerderij, een restaurant waar je poffertjes kunt eten. Allemaal heel normaal. Maar dan staat er opeens: zeehonden. Pardon - zeehonden? In een stadspark?

Kippen scharrelen langs het aluminiumhek van het zeehondenverblijf. Aan de andere kant liggen in een bad zo groot als een flinke zandbak de hoogbejaarde Dolf (37) en Elze (38). Naast het bassin zijn stoeptegels gelegd en er is een strandje met wat dorre struiken. Dolf zwemt alsmaar het zelfde rondje. Elze dobbert een beetje in het midden. Twee keer flapperen met de zwemvliezen aan hun achterpoten en ze zijn aan de overkant. Duiken is gevaarlijk, het bad is maar één meter diep.

“Nee hoor, helemaal niet zielig”, zegt verzorger Han Rozelaar. Zeehonden zijn volgens hem net mensen. “Liever lui dan moe.” In de natuur zijn het misschien wel echte zwemmers en duikers, maar dat doen ze alleen maar om hun vis te vangen. Hier krijgen ze elke dag klokslag twaalf uur hun verse makreel opgediend en kunnen ze op het strandje lekker uitbuiken. “Heerlijk toch?”

Toch is de sfeer een beetje uit het bad, weet de verzorger. Vorig jaar Kerst overleed Floris - de zeehond die Elze als haar man zag en met wie ze al sinds 1972 in het park woonde. In dat jaar werd het Amstelpark aangelegd voor de Floriade, een internationale natuurtentoonstelling. De Stichting tot Behoud van de Waddenzee had voor die gelegenheid de zeehonden laten over komen. Ze zijn er altijd gebleven.

Arme Elze. Nu zit ze opgescheept met de dikke Dolf. Eigenlijk heeft ze hem nooit gemogen. Acht jaar geleden nam hij de plaats in van een nogal opstandige zoon van haar. Die maakte de hele dag ruzie met zijn hoog bejaarde vader en moest daarom worden overgeplaatst naar Artis. Om te voorkomen dat hij daar ook de oude dag van Dolf zou verstoren werden ze geruild.

Nu Floris dood is, ziet Dolf zijn kans. Hij is misschien wel stekeblind en omgerekend in mensenjaren zo'n 120 jaar oud, hij heeft volgens zijn verzorger 'nog steeds de kriebels'. Het is bronsttijd voor zeehonden. De tijd waarin de mannetjes graag een kind willen maken bij hun vrouwtjes. Dus blijft Dolf maar rondjes zwemmen om Elze. Maar als hij te dicht bij haar komt, blaast ze als een kat. Elze moet niets van hem hebben. Ze mist Floris. Met de verkeerde partner in zo'n klein bad leven is misschien toch wel zielig.