Gil Shaham mist alleen de bezieling

Concert: Bournemouth Symphony Orchestra o.l.v. Yakov Kreizberg, m.m.v. Gil Shaham (viool). Programma: Dvorák: ouverture Carnaval; Korngold: Vioolconcert; Markevitch: Rebus; Strawinsky: suite De Vuurvogel. Gehoord: 6/8 Concertgebouw Amsterdam.

Vanavond speelt het Bournemouth Symphony Orchestra in het Concertgebouw Rachmaninovs 'Tweede symfonie' en Elgars 'Celloconcert', waarin Quirine Viersen de vervangster is van Natalia Gutman. Gutmans recital op 8/8 wordt overgenomen door Dmitri Ferschtman.

Jonge vioolvirtuozen behoren tot de favoriete solisten van de Robeco Groep Zomerconcerten in het Amsterdamse Concertgebouw. Met namen als Vadim Repin, Alyssa Park, Arkadi Gutnikov en Julian Rachlin zijn het er deze zomer zoveel, dat de serie bijna het aanzien van een vioolfestival begint te krijgen. Uit Amerika komen Joshua Bell en Gil Shaham, die gisteravond met slechts één valse noot in het Vioolconcert van Korngold bewees dat hij tot fenomenale perfectie in staat is.

Shaham, die afkomstig is uit Israel, vestigde zich in 1982 in Amerika, waar hij ondermeer studeerde bij Dorothy Delay aan de Juilliard School in New York. Zijn doorbraak kwam in 1989, toen hij mocht invallen voor Itzhak Perlman die vanwege een oorontsteking zijn concerten in Londen moest afzeggen. In 1996 behoorde Shaham met zijn opname van Vivaldi's Vier Jaargetijden tot de best verkopende cd-artiesten. Maar voor insiders vormt zijn opname van Korngolds Vioolconcert (1994) het hoogtepunt.

Aan Shahams zelfverzekerde vertolking van dit concert, dat in 1945 in opdracht van Jascha Heifetz werd gecomponeerd, was te horen dat hij zó vertrouwd is met Korngolds partituur, dat hij de muziek ook van achter naar voren zou kunnen spelen. Met zijn enorme toon, zoevende stokvoering, perfecte intonatie en muzikale bravoure, draagt Shaham op volmaakte wijze de winning spirit uit, zoals die wordt onderwezen op de Juilliard School. Toch deed zijn gepolijste uitvoering snakken naar iets waartoe de 26-jarige Shaham tot op heden niet in staat is gebleken: een persoonlijk geluid, al was het maar in de vorm van een verrassend gekleurde noot of een onverwacht dynamisch accent.

Het eigenaardige aan Shahams atletische vioolspel is dat het weergaloos goed is, maar desondanks volstrekt niet boeit. Alle middelen om de muziek tot leven te brengen beheerst hij tot in de finesses, maar de bezieling ontbreekt. Shaham werd uitstekend begeleid door het Bournemouth Symphony Orchestra, dat onder de vitale leiding van Yakov Kreizberg indrukwekkende vertolkingen van Dvoráks ouverture Carnaval en Strawinsky's suite De Vuurvogel ten beste gaf. Minder enerverend klonk Rebus van Markevitch, maar dat was voornamelijk te wijten aan de drammerige inhoud van dit werk uit 1932.