Ethiopische plaaggeest geeft Marokkaan Hissou geen kans op revanche; Gebrselassie lachend naar wereldtitel

ATHENE, 7 AUG. Het had in Athene de avond van de Marokkaanse wraak moeten worden. Dagelijks dachten Hicham El Guerrouj (1.500 meter) en Salah Hissou (10.000 meter) de afgelopen twaalf maanden aan de nederlagen die ze bij de Olympische Spelen van Atlanta hadden geleden. Die zwarte herinnering moest bij de wereldkampioenschappen worden uitgewist.

Dat lukte gisteravond slechts gedeeltelijk. El Guerrouj, het 22-jarige supertalent uit Berkani, boekte een klinkende zege. Hissou moest echter wederom zijn meerdere erkennen in Haile Gebrselassie, die lachend de tegenstanders opnieuw zijn hielen liet zien.

De atletiekwereld had zich op twee spetterende tweekampen verheugd. Daar kwam niets van terecht. Noureddine Morceli, de drievoudig wereldkampioen op de 1.500 meter, was geen partij voor El Guerrouj. De Algerijn werd vlak voor de streep zelfs door twee Spanjaarden van een medaille beroofd. Een jaar geleden in Atlanta had hij nog gezegevierd. El Guerrouj was tijdens die olympische race gestruikeld en de Marokkanen beschuldigden Morceli van kwade opzet.

El Guerrouj zelf zei nooit iets vervelends over Morceli. Allah had het zo gewild, verklaarde hij steeds. Hij kreeg meteen na zijn val in Atlanta een opbeurend telefoontje van de koning van zijn land, Hassan II. “Jij bent nog steeds de beste.” Die woorden van de koning gaven hem nieuwe energie. Daarom droeg El Guerrouj de wereldtitel van Athene op aan het staatshoofd. Dikke tranen rolden tijdens de prijsuitreiking over zijn wangen. “Ik hoop, dat na de periodes van Cram, Coe, Aouita en Morceli, mijn tijdperk nu is aangebroken.”

El Guerrouj had Morceli voor het eerst een maand na de Olympische Spelen verslagen tijdens de Grand Prix-finale in Milaan. Na 45 overwinningen was het de eerste nederlaag van de Algerijn. Sindsdien ontliep Morceli confrontaties met El Guerrouj. Bij de WK was dat echter onmogelijk. El Guerrouj sprintte meteen na zijn zege naar de voorzitter van de Marokkaanse atletiekbond op de tribune. De atleet beschouwt de man als een vader. Marokko is goed voor zijn looptalenten. In Rabat ligt een modern trainingscomplex. Het verblijf daar wordt voortdurend afgewisseld met stages in Ifraan dat op 1.600 meter hoogte ligt. De atleten worden er door zes trainers begeleid.

Ook Salah Hissou behoort tot het elitekorps van lange-afstandlopers. Hij was op de 10.000 meter in Atlanta achter Gebrselassie en de Keniaan Tergat derde. Dat moest beter kunnen, vond hij. Zijn dromen gingen echter verder dan zijn daden. Hissou kon niet mee toen Gebrselassie zeshonderd meter voor het einde als een raket van zijn concurrenten wegliep. En weer restte de Marokkaan het brons, op ruim vier seconden van de winnaar. Hij was blij met zijn medaille, zei Hissou na afloop. Zijn gezicht verraadde echter andere gevoelens.

Om nog enige genoegdoening uit het seizoen te halen, doet Hissou op 22 augustus in Brussel een poging het wereldrecord op de 10.000 meter te verbeteren. Zo ging het verleden jaar ook. Hissou liep toen inderdaad sneller dan ooit. Hij was van de Olympische Spelen rechtstreeks naar het trainingskamp in Ifraan gereisd. Zijn plaaggeest Gebrselassie had toen wel wat anders te doen. Hij trouwde meteen na aankomst uit Atlanta. Maar in juli van dit jaar pakte hij in Oslo het wereldrecord weer terug van Hissou.

De kleine Ethiopiër met de Nederlander Jos Hermens als manager had zich pas na aandringen van zijn bond ingeschreven voor Athene. Gebrselassie wilde de WK eigenlijk aan zich voorbij laten gaan, omdat hij de harde baan vreesde. Samen met Hermens bekeek hij na de race zijn voeten, constateerde enige blaren, maar zei daar niet over te willen zeuren. Gebrselassie bleef lachen en ging op zoek naar een Ethiopische vlag voor de ereronde. Terwijl El Guerrouj na zijn zege het eerst zijn bondsvoorzitter omhelste, belde Gebrselassie op de mobiele telefoon van Hermens meteen naar zijn vrouw.

Ook na afloop stal Gebrselassie de show toen hem werd gevraagd waarom hij de kandidatuur van Kaapstad steunde voor de Olympische Spelen van 2004. “Het is op mijn continent”, legde hij uit. Maar voor zichzelf, zo voegde hij er aan toe, zou hij de Spelen eigenlijk liever in Stockholm zien. “Want ik wil straks de marathon gaan lopen en daar zijn de weersomstandigheden beter.”

De marathon is sinds de dubbele olympische zege van Abebe Bikila het onbetwiste koningsnummer in Ethiopië. Wanneer wil Gebrselassie overstappen, werd hem op de persconferentie gevraagd. “Wat mij betreft morgen al”, antwoordde hij lachend. Zijn manager heeft hem echter geadviseerd voorlopig nog even de 5.000 en 10.000 meter te blijven lopen. “En ik moet het mijn concurrenten natuurlijk ook niet te makkelijk maken. Tegen wie moeten zij lopen als ik niet meer meedoe?” De verslagen Hissou bleef somber voor zich uitstaren.

Op hun avond in Athene verdeelden de Afrikaanse landen keurig de buit. Naast een wereldtitel voor Ethiopië en Marokko ging er ook één naar Kenia. Dat gebeurde op de discipline die al jaren door atleten uit dat land wordt gedomineerd, de 3.000 meter steeplechase. Ze wonnen goud, zilver en brons. Verrassend genoeg werd niet de geroutineerde Moses Kiptanui eerste, maar moest hij genoegen nemen met een tweede plaats achter Wilson B. Kipketer, een naamgenoot van de 800-meterloper.

Voor het eerst bij de wereldkampioenschappen in de Griekse hoofdstad eiste een land op een nummer alle medailles op. Het was een prachtig gezicht de drie Kenianen op het erepodium te zien staan. Met hun identieke lichaamsbouw en trainingspakken leken ze wel een drieling.