Grijzende Batman als pater familias

Batman & Robin. Regie: Joel Schumacher. Met: George Clooney, Chris O'Donnell, Arnold Schwarzenegger, Uma Thurman, Alicia Silverstone, Michael Gough. In: 77 theaters.

In elk van de vier afleveringen van de nieuwe Batman-films wordt het drukker met sterren en hoofdpersonen. Toen regisseur Tim Burton in 1989 de strip uit de jaren dertig en de cult-televisieserie uit de jaren zestig aan de vergetelheid ontrukte en in imposante decors de barokke fantasiestad Gotham recreëerde, had Batman nog maar één vijand. In het eveneens door Burton geregisseerde vervolg Batman Returns (1992), de beste van de vier films, moest 'the Caped Crusader' het tegen twee schurken opnemen. Dat bleef zo in Batman Forever (Joel Schumacher, 1995), maar Batman kreeg hulp van zijn jonge vriend Robin. Nu in het eveneens door Schumacher geregisseerde Batman & Robin, zijn er wederom een mannelijke en een vrouwelijke snoodaard, de kille cynicus Mr. Freeze (Arnold Schwarzenegger) en de ecologische verleidster Poison Ivy (Uma Thurman), terwijl de derde Batman-vertolker George Clooney (na tweemaal Michael Keaton en eenmaal Val Kilmer) wordt bijgestaan door twee hulpjes, Robin (weer Chris O'Donnell) en Batgirl (Alicia Silverstone).

Dat begint kortom al aardig op een familiesage te lijken in plaats van een bewegend stripverhaal. Een eerste vereiste is in zo'n geval een doordacht en meeslepend scenario, dat recht doet aan de complexiteit van de onderlinge verhoudingen. Het kan zijn dat Schumachers vaste medewerker Akiva Goldsman zo'n script heeft afgeleverd, maar in het eindresultaat valt daar weinig van te merken. Het is nu meer een fragmentarische sterrenparade, waarbij de best betaalde coryfee, een goeddeels onherkenbare Schwarzenegger, de eerste plaats op de credits verwierf. De kersverse ster Clooney, nog maar net van de televisie (als dr. Ross in de serie ER) naar de bioscoop gepromoveerd, kan slechts bescheiden weerwerk bieden. Wel komt zijn op 36-jarige leeftijd al grijzende uiterlijk goed van pas in de rol van 'pater familias': het is duidelijk dat hij door de adoptie van twee weeskinderen een 'goede familie' tracht te creëren als wapen in de strijd tegen het, ook in seksueel opzicht verdorven kwaad. Want die verschrikkelijke ijsman Schwarzenegger houdt zijn vrouw op sterk water, en de in een vat met gif gevallen Thurman gedraagt zich als een polymorf perverse verleidster.

Dat ook de vleermuisman zijn voorgenomen huwelijk met een fotomodel steeds maar uitstelt, heeft een andere reden: als miljonair met als hobby het redden van de mensheid, komt hij gewoon niet aan een huiselijk bestaan toe. Nachtelijke uitstapjes met de nieuwe familie, Robin en het vleermuismeisje, bieden enig soelaas.

Ook van de gotische pracht uit de Burton-films is in deze kunstmatigste en meest formule-achtige laatste aflevering weinig meer over. We vallen aan het begin midden in een reddingsactie, waarna de schurken haastig geïntroduceerd en van een voorgeschiedenis voorzien moeten worden. De ironie is ver te zoeken in deze voorgekookte filmhit, waarvan de resultaten echter afgelopen zomer in Noord-Amerika een beetje tegenvielen in vergelijking met het kassageweld van vooral deel een en deel drie.

Voortdurend krijg je bij het kijken naar Batman & Robin het gevoel dat de producenten met hun handen in het haar zaten. Het meest armoedige vind ik nog de consequent volgehouden gewoonte elk personage vóór iedere handeling een puntige uitspraak in de mond te leggen, veelal met een woordspelig karakter. De snedigheid van die grappen is niet bijzonder groot; 'Cool party!', zegt Mr. Freeze als hij een feestje met zijn ijskanon komt verstoren. Dat gaat ook nog eens de hele tijd door, alsof de sterren alleen met verbale kwinkslagen hun personage aan een identiteit zouden kunnen helpen.

Het lijkt er een beetje op dat de formule uitgewerkt is. Batman keert terug naar zijn uitgangspunt, als een tweedimensionale stripfiguur in een niet bijster inspirerende, vormloze omgeving. Het was de meesterhand van Burton die hem nieuw elan wist te geven, met een zinnige knipoog naar de historie van expressionisme en griezelfilm. De meest geavanceerde technieken kunnen zijn ziel niet meer redden, als de regie en de productie er zichtbaar ook niet meer in geloven. Schwarzenegger en Thurman zijn goed gekozen als schematische slechteriken, maar de drie helden zien er nog het meest uit als twee Amerikaanse tieners die hun jonge vader hebben weten mee te tronen naar een gekostumeerd Halloween-feestje.