Bluf Sjevardnadze zet Abchazië op agenda

Een beetje bluf, een beetje dreigen: de pogingen van president Sjevardnadze van Georgië om schot te krijgen in de vastgelopen kwestie-Abchazië lijken succes op te leveren.

ROTTERDAM, 6 AUG. Op 31 juli, vorige week donderdag, liep het mandaat af van de internationale, in de praktijk louter uit Russische soldaten bestaande vredesmacht die sinds juli 1994 de grens bewaakt tussen Georgië en de separatistische provincie Abchazië. Het aflopen van dat mandaat was in juli voor Georgië aanleiding tot enkele forse dreigementen. Immers, eerder dit jaar hadden de staatshoofden van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS) het mandaat van de vredesmacht uitgebreid: ze moesten niet alleen patrouilleren langs de grensrivier Ingoeri, maar ook in twee Abchazische districten. Alleen daardoor zouden ze hun belangrijkste taak - het garanderen van de terugkeer van Georgische vluchtelingen naar dit deel van Abchazië - daadwerkelijk kunnen uitvoeren.

De Abchaziërs waren echter tegen de uitbreiding van dat mandaat. Ze klaagden dat de GOS-leiders hen niet hadden geconsulteerd toen het mandaat werd uitgebreid en dreigden de Russen met geweld als ze zich in die twee districten zouden vertonen. De Russen bleven na dat dreigement waar ze waren, aan de Ingoeri, en de uitbreiding van het mandaat werd simpelweg genegeerd.

Dat leidde in Georgië tot woede, want daar wil men af van de 150.000 Georgiërs die de Georgisch-Abchazische oorlog van 1993 zijn ontvlucht en die nu al vier jaar in voorlopige onderkomens wachten op een kans naar hun woonplaatsen in Abchazië terug te keren. Die terugkeer wordt stelselmatig gesaboteerd door de Abchaziërs. De uitbreiding van het mandaat van de vredesmacht had eindelijk die kans op terugkeer moeten scheppen en de door angst voor Abchazisch geweld gevoede Russische onwil om de vredestaak uit te breiden stuitte in Tbilisi dan ook op onbegrip en woede.

Het Georgische parlement dreigde zelfs in een resolutie dat Georgië uit het GOS zal stappen als de Russen het uitgebreide mandaat niet zouden uitoefenen. De voorzitter van het parlement, Zoerab Zjvania, had al eerder gezegd dat Rusland zijn vier militaire bases in Georgië wel eens zou kunnen kwijtraken. Vorige maand dreigde de Georgische president Edoeard Sjevardnadze dat als de Russen het mandaat niet uitoefenen, Georgië niet akkoord zal gaan met een verlenging van het mandaat. Dat zou betekenen dat de vredestroepen weg moeten.

Dat dreigement verhoogde de spanning, want zonder de Russen als buffer langs de Ingoeri zou de kans op oorlog dramatisch toenemen. Niet alleen zouden de reguliere legers van Georgië en Abchazië slaags kunnen raken (ondanks een belofte van beide landen geweld te vermijden), ook zouden Georgische vluchtelingen - zoals ze al geruime tijd dreigen - geweld kunnen gebruiken bij hun terugkeer naar hun woonplaatsen in Abchazië. En ten slotte zou een duizend man sterke Georgische guerrillabeweging, het Witte Legioen, vrij spel krijgen. Het Witte Legioen specialiseert zich in terreuraanslagen op Abchazische doelen en op Russische soldaten. De onderbevelhebber van het Witte Legioen, Ramin Pirtschalava, verheugde zich in juli alvast op het mogelijke vertrek van de Russen: “Als ze weggaan, is het probleem-Abchazië binnen één maand opgelost.”

In juli ontketende Sjevardnadze een diplomatiek offensief. Hij kondigde aan, niet in te stemmen met de verlenging van het mandaat van de vredesmacht, die aldus zou moeten worden teruggetrokken. Vervolgens ging hij naar Washington om de zaak bij president Clinton aan te kaarten en gooide hij bij de secretaris-generaal van de VN, Kofi Annan, een balletje op voor een plan om de Russen door een VN-vredesmacht te vervangen.

Twee dagen voordat het mandaat van de GOS-vredesmacht zou aflopen matigde Sjevardnadze zijn retoriek. Hij zei dat Georgië weliswaar weigert in te stemmen met de verlenging van het mandaat, maar dat het niet staat op het vertrek van de Russen. Dat was voor president Jeltsin van Rusland aanleiding Sjevardnadze en zijn Abchazische tegenstander, president Vladislav Ardzinba, uit te nodigen voor “een laatste ernstig gesprek” over het conflict.

Sjevardnadze kan tevreden zijn over de voorlopige resultaten van zijn riskante initiatief. Weliswaar blijven de Russische vredestroepen tot de volgende GOS-top in oktober in Chisinau op hun huidige plek - langs de Ingoeri - en weigeren ze nog steeds in die twee Abchazische districten te patrouilleren, maar hij kan blijven ijveren voor hun vervanging door VN-troepen en hij heeft de kwestie-Abchazië hoe dan ook weer op de internationale en vooral de Russische agenda gezet. In juli zei hij nog dat Moskou “zijn potentieel voor bemiddeling heeft uitgeput”.

Of het “laatste ernstige gesprek” van Jeltsin, Ardzinba en Sjevardnadze iets oplevert, is de vraag: de onderhandelingen zitten al tijden vast. Abchazië eist dat Georgië een confederatie van twee gelijkwaardige en onafhankelijke landen wordt, Georgië wil Abchazië hooguit een grote dosis autonomie toestaan. Maar er wordt dankzij Sjevardnadzes riskante spel tenminste weer gepraat.

    • Peter Michielsen