Basispremie WAO voor werkgevers naar 7,6 procent

DEN HAAG, 6 AUG. De basispremie voor de WAO, die elke werkgever vanaf volgend jaar moet betalen, zal 7,6 procent bedragen. De zogenoemde gedifferentieerde premie, afhankelijk van het aantal werknemers dat arbeidsongeschikt wordt, zal gemiddeld uitkomen op ongeveer 0,3 procent.

Dit heeft het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv) berekend. In april ging de Eerste Kamer akkoord met de regeling Premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheidsregelingen (Pemba). De kern van de wet is dat de werkgever voortaan de verantwoordelijkheid draagt voor de mate van arbeidsongeschiktheid van zijn werknemers. De WAO-premie die hij vanaf volgend jaar moet gaan betalen is afhankelijk van het aantal werknemers dat arbeidsongeschikt wordt. Doel van het kabinet is om werkgevers te stimuleren de arbeidsomstandigheden zodanig te verbeteren dat werknemers minder arbeidsongeschikt worden.

Staatssecretaris De Grave kan besluiten tot een ander percentage voor de basispremie, bijvoorbeeld uit overwegingen van inkomenspolitiek. Maar voor de gedifferentieerde zal dat geen verschil maken. Dat is van belang voor ondernemingen omdat ze voor 1 oktober moeten beslissen of ze de gedifferentieerde premies gaan betalen, of dat ze zelf een beperkt risico gaan dragen voor het uitbetalen van WAO. Over de laatste optie onderhandelen bedrijven nog met verzekeraars. De gedifferentieerde premie komt gemiddeld uit op 0,28 procent, maar kan van bedrijf tot bedrijf verschillen.

Werkgevers worden aan de hand van hun loonsom - de grens ligt bij 675.000 gulden - ingedeeld in twee groepen. Voor kleine werkgevers bedraagt de maximale premie drie keer de gemiddelde premie, dus 0,84 procent. Voor grote werkgevers is dat vier keer, dus 1,12 procent. Voor kleine werkgevers geldt een minimumpremie van 0,22 procent en voor grote werkgevers kan die uitkomen op 0 procent. De nieuwe Pemba-wetgeving houdt in dat niet langer de werknemers de premies betalen maar de werkgevers. Netto merken de werknemers daar niets van omdat deze verandering op de loonstrook gepaard gaat met een verandering in de overhevelingstoeslag.

De branche-organisatie MKB Nederland heeft intussen staatssecretaris Vermeend (Financiën) gevraagd om kleine bedrijven te compenseren voor de gevolgen van nieuwe wetgeving, door een tegemoetkoming via de belastingen. Volgens MKB Nederland is er sprake is van een ongelijke behandeling in het nieuwe systeem. Bedrijven tot vijftien werknemers zouden via de zogeheten assurantiereserve fiscaal gecompenseerd kunnen worden. De organisatie wil van Vermeend de toezegging dat zo'n reserve ook bij de nieuwe Pemba-wetgeving gevormd mag worden: niet alleen als bedrijven zelf het risico dragen, maar ook als ze in één keer een veel hogere premie moeten betalen.