Helden van digitale revolutie

Wired magazine (www.hotwired.com/wired); HotWired (www.hotwired.com).

Het meest in het oog springende verschil tussen de eerste jaargang van het Internettijdschrift Wired en het blad nu zijn de advertenties. In het eerste nummer, dat in januari 1993 verscheen, lijken de adverteerders en de stijl van de advertenties goed aan te sluiten bij het vernieuwende en dwarse karakter van het blad. We zien een personeelsadvertentie van softwarehuis Origin met twee dragers van een hanenkam, een indianenopperhoofd en een punker. Andere adverteerders zijn de hippere computerfabrikanten Apple en Silicon Graphics, wier advertenties dezelfde tongue-in-cheek beeldtaal hebben als Origin.

Wired is ontstaan als een lofzang op de digitale revolutie: Internet en elektronisch uitgeven zou de hele wereld op zijn kop zetten, oude machtsstructuren zouden verdwijnen door de ongebreidelde verspreiding van informatie en virtuele gemeenschappen zouden intermenselijke relaties weer doen opleven.

De traditionele media werd verweten door de digitale revolutie heen te slapen. “Because the digital revolution is whipping through our lives like a Bengali typhoon - while the mainstream media is still groping for the snooze button”, luidt het antwoord in het eerste redactionele commentaar op de vraag 'Why Wired?' Ook van de computerbladen was volgens de redactie van Wired weinig te verwachten op het gebied van Internetjournalistiek; die hadden het immers te druk met de nieuwste updates van Microsoft-producten en het op peil houden van de advertentie-inkomsten.

Hackers, dwarse denkers als de Amerikaanse feministe Camille Paglia en verspreiders van gratis software werden binnengehaald als de ware vernieuwers die ons van het analoge tijdperk komen verlossen. In het eerste nummer - nu een collector's item dat een paar honderd dollar doet - staat een bewonderend artikel over het hacken van mobiele telefoons en krijgt Paglia de gelegenheid de redactie met bits commentaar om de oren te slaan.

Wie nu een nummer van Wired bekijkt, moet vaststellen dat ook de digitale revolutie haar eigen kinderen heeft opgegeten. Voor de inhoudsopgave van het blad bekeken kan worden, moet de lezer zich door vele advertentiepagina's met reclame voor luxe mannenondergoed, snelle auto's, management consultants, computermerken als IBM en Intel worstelen. Wired is in een rap tempo uitgegroeid tot een uitgever met enkele tientallen miljoenen omzet per jaar. De Wired Ventures' holding bestaat anno 1997 uit Wired magazine (oplage 350.000 expemplaren), Wired Books en de online divisie Wired Digital, die Wired News, HotWired, en de zoekmachines HotBot en NewBot exploiteert.

De nieuwe helden van de digitale revolutie zijn degenen die geld weten te slaan uit Internet, met Web-tv kanalen en push media. De vernieuwing van HotWired, het digitale zusje van Wired, bevestigt deze trend. HotWired werd eind 1994 gelanceerd, niet lang na het ontstaan van het World Wide Web, om te laten zien wat elektronisch uitgeven betekent. Lange tijd vervulde de site, met kritische en journalistiek hoogwaardige rubrieken als Braintennis en Netizen een voortrekkersrol. De ruimte voor kritische beschouwingen sneuvelde tijdens de laatste restyling van HotWired vorige maand. HotWired richt zich nu vooral op technofetisjisten die het geduld en de schijfruimte hebben om de nieuwste betaversies van de browsers Netscape Navigator en Microsoft Internet Explorer te downloaden.

Marshall McLuhans adagium 'the medium is the message', bij de oprichting tot lijfspreuk verheven, geldt nog steeds voor Wired. Alleen is de boodschap onherkenbaar veranderd. Hackers zijn tegenwoordig een enorme economisiche schadepost en wie kritiek op Wired heeft, krijgt het volgens de New York Times met de hoofdredacteur persoonlijk aan de stok.