Topmusici op Delfts festival; Sprankelend geesteskindje Van Keulen

Delft Chamber Music Festival. Gehoord: 3/8, Het Prinsenhof Delft; t/m 10/8 (070-3202500).

Ook in Nederland droomt menig violist de droom van een eigen, zo mogelijk jaarlijks terugkerend kamermuziekfestival, waar een select groepje topmusici in een animerende omgeving op hoog niveau musiceert. Nadat in het voorjaar Christiaan Bor de eerste editie van zijn elfdaagse Internationaal Kamermuziekfestival Groningen presenteerde, is afgelopen zaterdag het tiendaagse Delft Chamber Music Festival van start gegaan. Violiste Isabelle van Keulen (30) is de initiatiefneemster van dit nieuwe festival, dat nog tot en met zondag 10 augustus voortduurt.

Van Keulen spiegelt zich aan de buitenlandse festivals die zij zelf frequenteert, in het bijzonder aan het vermaarde festival dat violist Gidon Kremer jaarlijks in het Oostenrijkse Lockenhaus organiseert. Dat Kremer persoonlijk van de partij was tijdens het openingsconcert onderstreepte deze invloed nog eens, terwijl tevens duidelijk werd dat Van Keulen kwalitatief hoog doelt.

Zondag traden enkele oudgedienden op, zoals de prima donna van de Zweedse opera, Lena Hoel, of de pianiste Elisabeth Leonskaja, ooit de duo-partner van de vrijdag overleden Svjatoslav Richter. Een jongere generatie werd vertegenwoordigd door onder anderen violist Vadim Repin, pianist Leif Ove Andsnes, en natuurlijk Van Keulen zelf.

Om haar geesteskindje te lanceren koos Van Keulen een historische locatie: de plaats waar Willem van Oranje in 1584 vermoord werd door Balthasar Gerards. Tegenwoordig is in het voormalig woonhuis van Willem, dat eerder dienstdeed als klooster, Het Prinsenhof gehuisvest, een museum waarvan het binnenplein recentelijk van een glazen overkapping is voorzien. Er is veel te zeggen voor de keuze voor deze kleine concertzaal, die zo'n driehonderd bezoekers kan herbergen. De akoestiek is er heel behoorlijk (al zijn de lage tonen soms wat penetrant). Bovendien is de combinatie van de hypermoderne constructie van architect Eekhout met het eeuwenoude gebouw metaforisch voor de programmering: tegenover een hoofdmoot van bekende kamermuziek uit de romantiek staat met name werk van Strawinsky, terwijl tevens premières van Sytze Smit en Vladimir Mendelssohn in het verschiet liggen.

In het bijzonder breekt Van Keulen echter een lans voor de Zweedse componist Gustaf Allan Pettersson (1911-1980), een even eigenzinnig als fijnzinnig componist die onder meer vijftien symfonieën schreef. De zes liederen van Pettersson die Lena Hoel zondag zong (begeleid door Philippe Cassard) zijn van een verstikkende matheid. Zij vormden een verstild, melancholisch moment tijdens een concert dat zich voor het overige in een uitgelaten musiceervreugde voltrok. Zo gaf de Noorse pianist Leif Ove Andsnes met zijn sprankelend toucher, zonder enige pretentie van diepzinnigheid, een heerlijk stuwende uitvoering van Beethovens Fantasia in g-klein. Het spel van pianist Alexander Melnikov (de vervanger van Imogen Cooper die wegens familieomstandigheden heeft moeten afzien van haar bijdrage aan het festival) is daarmee vergeleken veel romiger en minder duidelijk gearticuleerd, zo bleek weer eens in zijn bijdrage aan Mendelssohns Pianotrio in d-klein. Dat in Schuberts Forelle-kwintet, met onder meer Repin, Leonskaja en de jeugdige cellist Jan-Erik Gustafsson, ten slotte wel eens een nootje of een inzet werd gemist, werd ruimschoots gecompenseerd door het onbeteugelde en aanstekelijke samenspel.