PAUL WELLER

Paul Weller: Heavy Soul. (Island LC 0407.PY900)

De verpakking van Heavy Soul, de nieuwe cd van Paul Weller, is veelzeggend. Het is een variatie op de 'uitklaphoes' die omstreeks 1970 in zwang waren in de popmuziek. Heavy Soul is verpakt in een plat kartonnen doosje, dat na uitklappen vier keer in omvang blijkt te zijn toegenomen. Het cd-tje zelf zit in een hoesje, dat de indruk wekt dat er een klein singeltje in zit en verder bevat de verpakking nog allerlei inlegvellen met kleine fotootjes die tijdens de opnamen zijn genomen.

Al voor het horen van Heavy Soul is het dus duidelijk: ook op zijn nieuwe cd laat Weller zich inspireren door de rock en soul van omstreeks 1970. Dit was ook al zo op eerdere cd's als Wild Wood (1993) en het veelgeprezen Stanley Road (1995), waarmee Weller een sterke come-back maakte na zijn mindere periode met The Style Council in de jaren tachtig. Maar minder dan op voorgaande cd's zijn de verwijzingen naar de muziek van bijvoorbeeld Traffic en The Small Faces direct aanwijsbaar. Op Heavy Soul heeft Weller alle oude invloeden verwerkt tot een eigen Wellerstijl, die hem terecht het respect van de jonge Britpop-generatie heeft opgeleverd.

Heavy Soul is soberder dan Stanley Road en Wild Wood. Blijkbaar is Weller zo zeker van zijn zaak dat hij zijn muziek heeft ontdaan van overbodigheden als dwarsfluiten en geluidseffecten. Aan het eind van de jaren negentig keert de bijna 40-jarige Weller bijna terug naar de bezetting van groep The Jam, het trio waarmee hij de held werd van de Engelse mods. Op Heavy Soul heeft Weller niet meer nodig heeft dan drums, gitaren, en, incidenteel, een door Jools Holland bespeelde piano.

Deze soberheid plus het gegeven dat Weller als componist geen melodisch wonder is, leidt tot een zekere eenvormigheid: na een stuk of acht nummers zakt de cd in om verder gelijkmatig voort te kabbelen naar een einde. Daar komt bij dat het lijkt of Weller de soberheid wil compenseren met lange gitaarsolo's, iets waar in zijn Jam-tijd nog de doodstraf op stond. Maar Weller is geen Neil Young, die zijn hakkerige onkunde tot bizarre hoogte heeft gevoerd, en zijn solo's zijn geen genoegen om naar te luisteren.