Dosedel beweegt als kat over Amsterdams gravel

AMSTERDAM, 4 AUG. Ziek, zwak en misselijk arriveerde Slava Dosedel ruim een week geleden in Amsterdam. De 26-jarige Tsjech worstelde met de naweeën van een griepaanval en overwoog zich af te melden bij de organisatie van de Open Nederlandse tenniskampioenschappen. Een antibiotica-kuur, een goede nachtrust en een overwinning in de eerste ronde deden plotseling wonderen.

Met als gevolg dat Dosedel gisteravond gewapend met een cheque van 140.000 gulden en een potsierlijke bokaal in zijn auto stapte en koers zette naar zijn vaderland.

In de finale van de Dutch Open won Dosedel gisteren tot veler verrassing van Carlos Moya, 7-6 (7-4), 7-6 (7-5), 6-7 (4-7) en 6-2. De als eerste geplaatste Spanjaard was afgelopen week oppermachtig op het gravel van het Amstelpark, met onder meer zeges op titelverdediger Francisco Clavet en de Zweed Magnus Norman. In zijn mars op weg naar de eindstrijd stond de 20-jarige Catalaan geen set af. Maar op de slotdag moest hij zijn meerdere erkennen in een tegenstander die hem vooral in fysiek opzicht aftroefde. Na afloop van de ruim drie uur durende partij meldde Moya zich dodelijk vermoeid bij de fysiotherapeut en sprak hij de hoop uit vandaag weer op zijn benen te kunnen staan.

Dosedel vertoonde naderhand geen sporen van slijtage. In zijn nabeschouwing stelde hij monter vast dat Moya het antwoord schuldig was gebleven op de vlakke slagen waarmee hij zijn tegenstander voortdurend had bestookt. Maar tevreden was de Tsjech vooral over de wijze waarop hij alsnog met de zege aan de haal was gegaan. Bij de stand van 5-3 in de derde set verzuimde Dosedel twee matchpoints te benutten waarna Moya de set via de tiebreak alsnog naar zich toetrok. “Op dat moment wilde ik mezelf wel om zeep helpen”, zei Dosedel die uiteindelijk pas het zesde matchpoint benutte. “Temeer daar ik in het verleden al vaker op zo'n manier wedstrijden uit handen heb gegeven.”

Dosedel varieerde gisteren naar hartelust, zocht veelvuldig het net op en zag tot zijn verbazing dat de Spanjaard gaandeweg steeds trager over de baan bewoog. “Hij was steeds op zoek naar de 'korte' punten. Voor mij was het zaak om rustig te blijven en mijn kansen af te wachten.” Die kwamen toen Moya, begin dit jaar verliezend finalist bij de Australian Open, bij het begin van de vierde set zijn opslag inleverde en zich vervolgens neerlegde bij zijn nederlaag.

Dosedel wierp zich afgelopen week op als een groot bewonderaar van zijn landgenoot Ivan Lendl, de voormalige nummer één van de wereld die drie jaar geleden zijn carrière beëindigde. Maar gevraagd naar de speler met wie hij het beste vergeleken kan worden, liet Dosedel de naam vallen van een andere 'landgenoot', de Slowaak Miroslav Mecir. De olympisch kampioen van 1988, vijf jaar geleden gestopt na aanhoudend blessureleed, gold in zijn beste dagen als een stijlvolle speler met een groot loopvermogen. Dosedel deed gisteren bij vlagen inderdaad denken aan Mecir, alias De Kat.

Voor Dosedel betekende de overwinning in de opvolger van 't Melkhuisje zijn derde toernooizege. Curieus genoeg ging zijn tweede toernooiwinst, vorig voorjaar op gravel in München, ook ten koste van Moya. Op de wereldranglijst maakte Dosedel vanochtend een sprong van de 59ste naar de 41ste plaats. Gisteren bleef hij na afloop de rust zelve. “Ik ben geen hysterisch mens. Meer een rustig type.” Ook een bescheiden type, zo bleek toen hij geconfronteerd werd met het Amsterdamse publiek dat gisteren op de hand was van Moya. “Hij is een attractievere speler dan ik. Zo is het wel vaker als ik op de baan sta.”

Dosedel moest het de voorbije week in Amsterdam doen zonder coach Petr Hudka. Diens tennisclub bevindt zich in Oost-Moravië, in het gebied dat de laatste weken werd geteisterd door overstromingen. Hudka had andere zorgen aan zijn hoofd en stuurde zijn pupil daarom alleen op pad naar Amsterdam. “Waarschijnlijk staat hij nu modder weg te scheppen”, zo vermoedde Dosedel na zijn triomf.

Toernooi-directeur Piet van Eijsden kon, de geringe uitstraling van de winnaar ten spijt, wel leven met Dosedel als opvolger van de Spanjaard Clavet. Al had een finale Moya-Norman, zaterdag één van de twee halve finales, in de ogen van de oud-tennisser niet misstaan. “Maar uiteindelijk maakt het me niets uit wie hier wint”, aldus Van Eijsden die verder vertelde zeer tevreden te zijn over het toernooi. “Het hele evenement is smooth verlopen.”

Minder te spreken was Van Eijsden afgelopen week over het optreden van Moya's landgenoot Albert Costa, de nummer twee van de plaatsingslijst. Op de openingsdag liet de nummer zeventien van de wereld zich in twee sets van de baan slaan door Dennis van Scheppingen. Costa had de organisatie vooraf verzocht om hem pas dinsdag in plaats van maandag de baan op te sturen. De wedstrijdleiding negeerde de wens van de Catalaan waarop Costa zijn partij tegen Van Scheppingen uit handen gaf, zijn startpremie incasseerde en Amsterdam in allerijl verliet.

Costa en Moya waren afgelopen week de enige twee spelers uit de toptwintig die zich lieten strikken door Van Eijsden. De oud-kampioen van Nederland staat bekend als iemand die weigert om diep in de buidel te tasten. Dit jaar stond hem drie ton ter beschikking om topspelers naar Amsterdam te lokken. Van dat bedrag beweerde hij gisteren “iets meer dan de helft” te hebben uitgekeerd.

Voor de volgende editie heeft Van Eijsden zijn hoop gevestigd op Richard Krajicek. Nederlands beste tennisser koos dit jaar voor een optreden in Montreal, maar liet onlangs doorschemeren over twaalf maanden wel in Amsterdam te willen opdraven. Van Eijsden denkt een “trapsgewijze deal” met publiekstrekker Krajicek te kunnen sluiten in de hoop dat het toeschouwersaantal van dit jaar (32.000) wordt overtroffen.