Valse sirenen

Het beleggersvolk is verdeeld in twee kampen. De haves en de have-nots: mensen met aandelen en mensen zonder aandelen. Nu de aandelenkoersen in korte tijd zo zijn gestegen, krijgen veel have-nots spijt, zoeken naar een zondebok en willen alsnog op de rijdende beurstrein springen. Een lezer verwoordt dit proces zo.

“Over vier jaar ga ik met pensioen. Ik krijg dan een redelijk pensioen en bezit daarnaast nog wat in een obligatiegroeifonds en spaargeld. Dat geld brandt me steeds meer in de zak vanwege de enorme koersstijgingen. Spijtig klinkt mijn 'had ik maar eerder' en onzeker mijn 'moet ik niet alsnog'. Goede raad is duur en in feite nergens te krijgen, gezien de miskleunen van goeroes in het verleden en hun volstrekt tegenstrijdige visies op dit moment.”

Het verwijt aan goeroes gaat voorbij aan de eigen verantwoordelijkheid van beleggers. Al jaren vertellen effectenmensen dat iedereen moet beleggen in aandelen (in de economie moet investeren), althans wanneer het gaat om een serieuze en doelgerichte aanpak voor bijvoorbeeld langer dan vijf jaren en niet om snelle speculatiewinsten. Het verleden leert dat de koersen, in feite de beurs als geheel, in zo'n middellange periode altijd (wat) stijgen, ondanks tussentijdse ups en downs.

In hun keuze van categorie hebben de voorspellers dus gelijk en hun raad is gratis. Maar een raadvrager moet zelf beslissen of hij aandelen koopt en de risico's accepteert. Dat lijkt een tegenstrijdig bewering. Aan de ene kant: aandelen zijn altijd goed, maar gelijk daarna de waarschuwing: denk wel om de risico's. Er is een verklaring voor die ambivalentie.

De stemming op een beurs wordt altijd weergegeven in gemiddelden van groepen aandelen, of beursindexen. In Nederland krijgt de AEX-index de meeste aandacht. Dat is een door de beurs berekend gemiddelde van 25 veel verhandelde (niet de beste!) aandelen. Daarbij zitten bedrijven die het qua koers beter, net zo goed of slechter dan de index doen. Wanneer je wilt investeren in bepaalde aandelen heb je dus niet zoveel aan een grafiek waaruit blijkt dat de AEX-index al jaren stijgt. Stel dat je had belegd in Fokker en DAF, dan denk je toch heel anders dan de beurs over de index.

Bekijk het eens zo. Je wilt met vakantie en zoekt een Europees land met lekker vakantieweer. Een denkbeeldig Europees weerinstituut komt met deze gemiddelden voor 25 landen samen: temperatuur 23 procent, hier en daar een bui, weinig bewolking en veel zon. Daar heb je niets aan, tenzij je net als een Amerikaan of Japanner in één dag door Europa gejaagd wordt.

Oorspronkelijk gaven beursindexen, indien vergeleken met het verleden, een trend aan. In de huidige beurspraktijk worden indexen vooral gebruikt en misbruikt als verkoopondersteunende cijfers, vals zingende sirenen, feestverpakking en omzetgeneratoren voor de beurs, banken en verzekeraars die aandelen verkopen. Eén handelaar kan de index al met één aandeel (Ahold) over de 1000 punten tillen, wanneer de publiciteit daar om vraagt. Voor de have-nots zijn de hoge tonen van de beurssirenen, ieder dag in het journaal, moeilijk te weerstaan, blijkt uit allerlei reacties.

Wie, zoals de briefschrijver, geld stopt in een obligatiegroeifonds, kiest met reden voor weinig risico en een fiscaal vriendelijke opzet. Je moet dan achteraf, als de toekomst verleden tijd is, wanneer blijkt dat een bepaalde categorie (thans huizen en aandelen) het goed doet, die keuze niet in de schoenen van anderen schuiven.

Een Amsterdamse lezeres doet dat ook. Ze heeft voor haar oude dag een lijfrenteverzekering en een inmiddels in waarde verdubbeld eigen huis. De verzekeringspremies en extra stortingen gaan in een obligatiefonds van de verzekeraar, waarvan de waarde langzaam stijgt. Nu verwijt ze iedereen (die wil luisteren) dat ze haar niet op aandelen gewezen hebben. Ten onrechte: dat deden ze wel (de verzekeraar biedt ook aandelenfondsen), maar mevrouw vond dat te ingewikkeld en keek bovendien alleen naar de belastingaftrek die een extra storting oplevert.

Beide briefschrijvers, en vele anderen, broeden nu op plannen om alsnog mee te doen. Zij willen van de goeroes precies weten welke aandelen ze nu, na zo'n steile rit omhoog, moeten kopen. Daarmee drukken ze de boys met hun rug tegen de muur, want in de financiële wereld geldt de ongeschreven wet: een klant die geld komt brengen, wijs je nooit de deur.

Dat verklaart ten dele de verschillende tegenstrijdige visies. Als mens en vriend zullen ze aandelen op dit moment waarschijnlijk afraden, maar als werknemer zullen ze zich in alle bochten wringen om je in aandelen te krijgen, wanneer je dat zo graag wilt.