'Rotklusjes' in huis leiden tot stress bij werkende vrouwen

De verdeling van het huishoudelijk werk is ook bij moderne werkende echtparen een probleem, dat soms tot grote conflicten aanleiding kan geven. En de vrouw is nog altijd de dupe, omdat zij volgens de gangbare gedachte een dubbele belasting hebben: èn betaald werk èn huishoudelijk werk.

Op die manier wordt ook verklaard dat werkende getrouwde vrouwen meer psychische nood rapporteren dan hun mannelijke tegenhangers. Maar de werkelijkheid is toch ingewikkelder, blijkt uit een onderzoek dat R.C.Barnett van Radcliffe College en Y-C. Shen van Harvard University deden onder 265 tweeverdienende, overwegend blanke stellen uit Boston tussen de 28 en 42 jaar (Journal of Family Issues 18/4, juli 1997).

Want onder deze moderne, goed opgeleide tweeverdieners is van een dubbele belasting van de vrouw in aantal uren werk geen sprake. De man heeft niet meer 'eigen vrije tijd' dan de vrouw, zo blijkt uit het onderzoek van Shen en Barnett. De vrouwen deden wel meer huishoudelijk werk dan mannen (respectievelijk 27 en 21,5 uur per week), maar mannen verrichtten weer meer uren betaald werk, waardoor ze in totaal zelfs meer tijd aan (huishoudelijk en betaald) werk kwijt zijn dan de vrouwen (68,2 uur tegen 63,5 uur). Er is daarbij geen sekse-verschil: vrouwen die wel full-time werken, besteden evenveel tijd aan huishoudelijk werk als full-time werkende mannen.

Toch is de hogere stress van vrouwen goed te verklaren uit de aard van het huishoudelijk werk dat ze verrichten. Want het huishoudelijk werk dat 'tweeverdienende' mannen doen bestaat voor een veel groter deel uit werk dat niet op vaste tijden hoeft te worden gedaan: reparaties, onderhoud van de auto en de tuin. (7,7 uur per week, tegen 3 uur per week door vrouwen). Het huishoudelijk werk dat de vrouwen verrichten is veel dwingender: bereiden van maaltijden, opruimen, wassen (20,4 uur per week, tegen 12 uur per week door mannen).

Uit stress-onderzoek voor betaald werk blijkt dat dit soort 'lage controle-arbeid' een bepalende factor is voor de stress-beleving: wie voor dit soort werk opdraait, verliest vrijheid en controle. In het huishouden is het niet anders. Uit onderzoek van Shen en Barnett - waarbij 265 keer 2 echtelieden apart werden ondervraagd over allerlei aspecten van hun leven - blijkt dat het aantal uren 'lage controle-arbeid' zeer nauw samenhangt met de hoeveelheid stress die de ondervraagden rapporteerden. Dit verband is zelfs onafhankelijk van andere kenmerken zoals geslacht, de hoeveelheid kinderen, inkomen, opleiding enzovoort. Dus àls ze er voor opdraaien raakt de stress van de onvermijdelijke, niet uit te stellen 'rotklusjes' mannen evenzeer als vrouwen.

Ook hoe het huishoudelijk werk over de echtelieden is verdeeld maakt niets uit. Alleen de absolute uren verrichte 'lage controle-arbeid' bepalen de stress. Hooguit is er een klein effect dat wanneer de persoon in kwestie óók veel 'hoge controle-arbeid' in huis verricht, het stress-effect van de 'lage controle-arbeid' ietsje minder is.