Olieramp fataal voor schelpen

Horizon, RVU, Ned.3, 23.06-23.56.

Anderhalf jaar geleden, op 15 februari 1996, liep de Liberiaanse olietanker Sea Empress bij St. Anne's Head in Wales op de rotsen. Binnen enkele uren waren de bekende tv-beelden te zien van een hulpeloos schip, beukende golven, oliefonteinen en bebaarde biologen die hun bezorgdheid uitspraken voor de gevolgen.

De eerste week ging de aandacht vooral uit naar de bergingspogingen. De Sea Empress was zeker niet reddeloos en nadat de storm was gaan liggen lukte het de bergers inderdaad de supertanker weg te slepen. Een half jaar later was de Sea Empress gerepareerd en nam weer deel aan de continue pendel tussen oliegebieden en het rijke westen.

Maar de ecologische schade die de 70.000 ton ruwe olie had aangericht was nog niet gerepareerd. De stranding van de Sea Empress bood onderzoekers een mooie kans om een grootschalige olievervuiling te bestuderen, omdat het gebied waarin de olieramp zich afspeelde, al meer dan vijftig jaar door biologen onderzocht werd. In tegenstelling tot andere olierampen in de wereld kon men in Wales het effect van de aangespoelde olie en de reinigingsmethoden goed bepalen.

De RVU wijdt vanavond een aflevering aan deze olieramp, die vooral bijzonder is omdat de schoonmaak geheel volgens strakke procedures en protocollen verloopt, reden waarom de makers van de documentaire enigszins sarcastisch van 'De perfecte olieramp' spreken. De makers zijn medewerkers van het uitstekende Britse wetenschapsprogramma Horizon. De RVU heeft de aflevering voorbeeldig vertaald en van Nederlands commentaar voorzien.

Onmiddellijk na het vrijkomen van de olie moest de beslissing genomen worden of er detergents (zepen of oplosmiddelen) gebruikt moeten worden of niet. Detergents betekenen nog meer chemicaliën in zee. Aardolie bestaat uit lichte componenten, die verdampen, en zware componenten. Als de lichte fractie verdampt is, blijft een teerachtige substantie achter die moeilijk afbreekbaar is. Met detergents gaat de olie integraal in oplossing. Men koos detergents en we zien zeven Dakota's in de eerste uren al langs de gestrande tanker vliegen.

De schoonmaak dient verschillende doeleinden. Ten eerste optisch: de stranden van Zuid-Wales zijn een geliefd vakantiedoel en het toerisme is een belangrijke bron van inkomen. We zien schoonmakers op rotsen in de weer met borstels en poetskatoen alsof ze een hotelstoep aan het schrobben zijn. De stranden worden leeggeschept en zonodig voorzien van schoon zand. De badgast heeft van de Sea Empress geen last gehad.

Ook voor de visserij viel de schade mee. Al snel concludeerden onderzoekers dat dieren die weg konden zwemmen, geen last hebben gehad van de olievlek. Schelpdieren daarentegen konden niet weg en gingen dan ook massaal dood.

Horizon geeft zonder het met zoveel woorden te zeggen het verschil aardig weer tussen de opgeruimde visserij-ambtenaren - met wit overhemd en stropdas - die vinden dat alles erg is meegevallen en de biologen - met trui en regenjack - die hun veronrusting blijven uitspreken.

Dat er duizenden vogels sterven, daar is de televisiekijker wel aan gewend. Maar dat dat oplappen van die stookolieslachtoffers vrijwel zinloos is, dat weet de tv-kijker nog niet. Slechts vijf procent van de slachtoffers overleeft de ramp. Zelfs als ze na een opknapbeurt en aangesterkt het vogelasiel verlaten, sterven ze nog, zo was uit Amerikaans onderzoek gebleken. Maar het zijn niet de vogels, maar de ongewervelde dieren, de schelpen en de wormen, die de grootste klap te verduren krijgen. Uit de uitzending blijkt dat het hiermee in Wales ook wel meeviel. Dat kwam vooral omdat de schoonmaakoperaties verstandig werden uitgevoerd en niet, zoals bij de Exxon Valdez, een nog grotere aanslag op het milieu betekenden dan de olieramp zelf.