In Oost-Duitsland is de solidariteit terug

Na de Wende verdween in de voormalige DDR de onderlinge solidariteit: de mensen stortten zich op het geld. De dreigende watersnood heeft de mensen weer naar elkaar toegedreven.

MANSCHNOW, 1 AUG. In de enorme loods, midden in het weiland bij Manschnow, staat een groepje dorpsbewoners geschrokken over een man gebogen. Hij is net omgevallen. “Te veel gedronken”, is de snelle diagnose. De meesten draaien zich om. Er zijn dringender zaken. De dijken wachten. Zwijgend worden de schoppen weer in het zand gezet.

Aan de oostgrens van Duitsland speelt zich een stille catastrofe af. Het akkerland van de Oderbruch met zijn gouden golvende velden is eenzaam en uitgestorven. Vele inwoners zijn al geëvacueerd. Maar achter de dijken en in de loodsen waar de zandzakken worden gevuld, wordt een zware strijd geleverd. Al veertien dagen lang. Voorkomen moet worden dat ook hier de dijken breken, net als bij de dorpen ten zuiden van Frankfurt/Oder, die volledig onder water staan.

In hun angst voor het onheilspellende water van de Oder vinden de bewoners weer steun bij elkaar. De ramp heeft het isolement verbroken waarin velen na de hereniging terecht zijn gekomen. Het harde 'kapitalisme' uit het westen, waarin iedereen voor zichzelf moet zorgen, brak de solidariteit, de gemeenschappelijke band die er was in het bedrijf, in de crèche, op school, in de vereniging en tegen de staat. Met het verdwijnen van het communisme vervloog ook het gevoel van saamhorigheid.

Nu vinden de bewoners elkaar terug in het gevecht tegen het water. “De solidariteit is teruggekeerd. Dat is geweldig”, riep de populaire milieuminister Matthias Platzeck van Brandenburg deze week uit.

Sommige vrouwen, die elkaar niet meer aankeken, bakken nu samen taarten voor de soldaten. Op het verzoek van gemeenten om evacués op te nemen, hebben zoveel mensen gereageerd dat bijna niemand is aangewezen op een verblijf van weken of maanden in sporthallen of scholen.

En, nog belangrijker, samen worden zandzakken gevuld. Zand is het enige dat de boterzachte dijken, waar de kracht van het water vanmorgen nieuwe scheuren in heeft geslagen, tot nog toe overeind heeft gehouden. Huisvrouwen, scholieren en werklozen helpen mee. Het is vanzelfsprekend, zegt Horst Wischnewski. Hij is al vijf uur achtereen bezig met zand te scheppen in de loods bij Manschnow. “We liggen precies in de gevarenzone. De scheuren in de dijk hierachter bij Reitwein worden steeds groter. Als hij doorbreekt staan we zo onder water.”

Wischnewski veegt z'n zweetdruppels weg. Zijn hoofd is haast even rood geworden als zijn baard. Zand scheppen is zwaar, maar hij kan tenminste weer werken, bekent Wischnewski.

Hij is 45 en al drie jaar werkloos. Voor de hereniging kon je goed verdienen in de landbouw. Na de Wende hadden ze minder landbouwers nodig. In de koeienstal waar Wischnewski als melker werkte, kwamen machines. Driekwart van het personeel moest weg. Ook hij. Daarna schoolde hij zich om tot metselaar. Dat leverde ook geen werk op want hier wordt nauwelijks gebouwd. Van het arbeidsbureau kreeg hij toen een ABM-baan, een soort Melkert-baan bij een werklozenproject dat in Duitsland Arbeitsbeschaffungsmassnahme heet. Maar projecten waren er niet, tot het hoge water de dijken begon te bedreigen.

Iedereen die bij de berg van Wischnewski zand schept, blijkt werkloos te zijn. Detlev, Dominique, Jürgen, Ulrich en Dagmar. Bijna de helft van de mensen hier in Oderbruch heeft geen baan meer, zegt Dominique. Geen wonder dat er zoveel gedronken wordt, meent hij en wijst naar de plek waar de man viel die intussen op een brancard is weggebracht. Van de 2,8 miljoen inwoners van de hele deelstaat Brandenburg, zijn er 750.000 officieel als werkloos geregistreerd.

Dominique heeft een vaalroze petje op. Dierenverzorger is zijn beroep. Hij stottert, maar met dieren kan hij praten. Alleen hadden ze in de varkensstal niemand meer nodig. “Deze ramp is afschuwelijk, maar we kunnen nu tenminste samen aanpakken en hoeven niet meer eenzaam thuis te zitten.” Ze moeten voortmaken, over tien minuten haalt de legerhelikopter de zandzakken op.

In Golzow, een dorpje verderop in Oderbruch, zijn enkele vrouwen en mannen op straat druk in gesprek. Zullen ze het dorp verlaten of niet, is de vraag. Van de politie moeten de bewoners - een paar honderd man - evacueren. Golzow ligt vlak achter de gevaarlijke dijk bij Reitwein. “Eerst bakken we nog enkele Kuchen voor de soldaten. Die jongens zijn kapot”, zegt iemand. “Dan pas gaan we.” De een na de ander komt zijn huis uit en mengt zich in het gesprek.

Ze kunnen overal terecht, heeft de gemeente gezegd. Er zijn volop aanbiedingen van mensen uit veiliger dorpen: Seelow, Fürstenwalde en Müncheberg. “We moeten ons er samen doorheen slaan”, zegt Kirsten. Ze komt uit de Imbiss gelopen, een barretje langs de weg. Het is een geluk bij een ongeluk, zegt ze, maar iedereen praat weer met elkaar. Ook mensen die in het dorp met een grote boog om de anderen heenliepen. Na de hereniging had iedereen zich opgesloten. Ze dachten alleen nog maar aan zichzelf en in veel families raakten mensen werkloos. “Het was al moeilijk genoeg om met elkaar de touwtjes aan elkaar te knopen”, zegt Kirsten.

Burenruzies, Ossie of Wessie, het speelt in Oderbruch geen rol. Iedereen helpt elkaar. Zelfs bondskanselier Kohl heeft zijn vakantie voor ons onderbroken, zegt een oude baas.

Nee, in de steek gelaten door het westen voelen ze zich niet. Tal van hulpacties zijn gestart. Dit weekeinde wordt in Berlijn in de Dom een benefietconcert georganiseerd, kunstenaars schilderen voor de burgers in nood en verschillende locale radiozenders zijn acties begonnen om geld in te zamelen.

De bondskanselier heeft 20 miljoen mark aan directe hulp toegezegd, de deelstaat Brandenburg nog eens 20 miljoen, de Kredietbank voor Wederopbouw stelt 200 miljoen aan kredieten met lage rente beschikbaar. En vandaag bezocht een delegatie uit Brussel het rampgebied bij de Oder om te onderzoeken hoe de toegezegde 80 miljoen ecu het best kan worden uitgekeerd.

Bij de gemeente van het nabijgelegen Seelow hebben zich zelfs verschillende Westduitsers gemeld die willen helpen, zegt Eberhard Hensel. Hij leidt de evacuatie van de burgers die in hoger gelegen Seelow worden opgenomen. Een uur geleden meldde zich een man uit Hamburg die had vrijgenomen om zijn diensten aan te bieden.

Bondskanselier Kohl noemde het bedwingen van de eerste natuurramp sinds de hereniging deze week een nationale opgave. De hele Bondsrepubliek moest hier haar solidariteit tonen. “Het klinkt roerend”, zegt een vrouw schamper bij de Imbiss in Golsow. “Komt al dat geld wel bij ons terecht? Of moeten we het na afloop van deze ramp toch weer samen met elkaar opknappen, net als in de oude DDR-tijd?”