Ecologische voetafdruk

Mathis Wackernagel & William Rees: Our ecological footprint. Reducing human impact on earth. New Society Publishers, 160 blz. ƒ 44,70 M. Harjono e.a.: Nederlands ruimtebeslag in het buitenland. Uitgave: CREM, Amsterdam, 41 blz. & bijlagen, ƒ 60,- G. Altner, e.a.: Jahrbuch Ökologie 1997. Verlag C.H. Beck, 336 blz. ƒ 33,60 Lester R. Brown, e.a.: State of the World. Uitgeverij Van der Veer, Baarn, 240 blz. ƒ 56,- De besproken boeken zijn verkrijgbaar bij Stichting Milieuboek (020-6244989).

Nederland is ongeveer 34.000 vierkante kilometer groot, maar door onze luxe leefwijze gebruiken we een oppervlak dat bijna vijftien keer groter is dan ons land. De 'ecologische voetafdruk' van elke Nederlander is gemiddeld 3,32 hectare, ruim vier voetbalvelden groot. Het merendeel hiervan is nodig voor de energievoorziening (2,1 hectare); voor de productie van voedsel is bijvoorbeeld 0,45 hectare per persoon al voldoende. Ons ruimtebeslag is daarmee bijna twee keer zo groot als de gemiddelde 'ecologische voetafdruk' wereldwijd.

De Canadese hoogleraar William Rees heeft dit concept ontwikkeld om visueel duidelijk te maken hoeveel ruimtebeslag verbonden is aan een leefstijl binnen een bepaald geografisch gebied. Alle milieubelastende factoren zijn daarin gerelateerd aan oppervlakte grond. Zo is het gebruik van een auto terug te rekenen naar hectares, door allereerst te becijferen hoeveel grond er nodig is voor het herstel van het milieu, dat door de fabricage van de auto belast is. Bij een gemiddelde rijafstand per dag neemt de autobezitter een zeker oppervlak van de weg in beslag, terwijl ook het gebruik van brandstof terug te voeren is op een bepaald oppervlak. Dat de methodiek in feite appels en peren vergelijkt, door alle vormen van milieubelasting tot één eenheid terug te voeren, is een veel gehoorde kritiek op de formule. Daar staat tegenover dat de 'ecologische voetstap' de ernst van de milieuproblematiek helder en inzichtelijk presenteert.

De ruimte die Nederland over de grens in beslag neemt, is ook onderwerp van een studie, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VROM door het onderzoeksbureau CREM en het IUCN. Hierbij blijven bepaalde vormen van indirect ruimtebeslag, zoals bijvoorbeeld gemoeid is met de opwekking van energie, buiten beschouwing. Dit verklaart het verschil met de cijfers die Rees noemt: volgens de CREM/IUCN studie neemt Nederland als gevolg van invoer van producten en door toerisme 23 miljoen hectare in beslag, terwijl Rees uitkomt op 49,8 miljoen hectare. 'Opvallend is het groot aantal hectare dat gerelateerd is aan vlees en zuivel. Het ruimtebeslag door de invoer van (rund)producten, veevoer en oliehoudende zaden bedraagt bijna 12 miljoen hectare. Dit komt overeen met ongeveer de helft van het totale ruimtebeslag.'

Extra verontrustend aan deze cijfers is dat er steeds minder landbouwgrond beschikbaar komt voor de voedselvoorziening. Was het oppervlak aan geoogst graan per persoon in 1950 nog bijna 0,25 hectare, momenteel is het gebied aan geoogst graan per persoon 0,12 hectare. Dit laatste blijkt uit het jaarboek van het Worldwatch Institute, dat onlangs in Nederlandse vertaling is verschenen. Het instituut komt met overvloedig cijfermateriaal, maar zonder de leesbaarheid in gevaar te brengen. Het landverlies is in het snel groeiende China het grootst, op basis van onvolledige gegevens zou blijken dat hier in zes jaar tijd 6,5 miljoen hectare bouwgrond uit productie is genomen, onder andere als gevolg van de toenemende verstedelijking. In de Verenigde Staten ging door bestrating zoveel land verloren dat dit een groot deel van de groente- en fruitproductie in gevaar brengt.

Zoals gebruikelijk draagt het instituut ook oplossingen aan: 'Zo hebben de Verenigde Staten bemoedigende resultaten geboekt met het Conservation Reserve Program, dat boeren via tien jaar lopende contracten uitbetaalt om marginale gronden uit productie te nemen.' Elders wordt ingegaan op klimaatverandering, het hervormen van het subsidiestelsel en de ozonproblematiek.

Het Duitse Jahrbuch Ökologie hanteert eenzelfde formule, door in veertig hoofdstukken een actueel overzicht te geven van de milieuproblematiek. Onder verwijzing naar het importverbod van Brits rundvlees wordt ook een sterk pleidooi gehouden om minder vlees te eten, wat wellicht ook gezien het ruimtebeslag is aan te bevelen. 'Maar de runderwaanzin hebben wij veroorzaakt, met onze zucht naar steeds meer en steeds goedkoper vlees. Het resultaat is deze collectieve hysterie, met inbegrip van de tijdelijke overweging om alle Engelse runderen te slachten, nu acht mensen aan de Creutzfeldt-Jacob-ziekte zijn gestorven. Dan zouden we gezien de achtduizend verkeersdoden per jaar in Duitsland ook alle auto's moeten slachten.'