Rosenberg Trio blijft zich geven

Zomernachtconcert: Het Rosenberg Trio met gasten, o.a. Jan Akkerman (gitaar). Gehoord: 25/7 Concertgebouw, Amsterdam. Op 1/8 is er een zomernachtconcert met Rita Reys, Denise Jannah en Fleurine

De geest van gitarist Django Reinhardt leeft nog volop. Dat bleek vrijdagnacht in Amsterdam waar het Rosenberg Trio het begrip Gypsy Swing, de titel van de laatste cd, op een daverende wijze inhoud gaf. Pas na tweeën stroomde het goedgevulde Concertgebouw leeg, intens tevreden over het gebodene.

“We geven ons altijd helemaal”, zei bassist Nonnie Rosenberg in een interview dat vier jaar geleden in deze krant verscheen. Daar is blijkbaar niets aan veranderd, ook al speelde het trio met gitarist Stochelo als de grote ster, op vele grote podia, inclusief de Carnegie Hall in New York.

Dat de musici zo wonderbaarlijk gretig blijven, is behalve aan hun betrokkenheid met de legendarische Belgische zigeuner Django Reinhardt (1910-1953) waarschijnlijk te danken aan hun behoefte om ook bij de tijd te blijven. Zo speelden ze niet alleen met Stéphane Grappelli, Django's oude viool-kompaan uit de Hot Club de France, maar ook met Jaap van Zweden en dwarsligger Nigel Kennedy.

Ook bij het optreden in het Concertgebouw, het eerste jazz-nachtconcert sinds de jaren zestig, speelden de gasten een belangrijke rol. Jan Akkerman schitterde het meest in een solo-intermezzo op akoestische gitaar, waarin hij door een baspartij voor de rechterduim zoveel extra wist op te roepen dat je zou zweren twee gitaristen te horen.

Formidabel op dreef in een aantal stukken was vibrafonist Frits Landesbergen. Hij heeft net als Stochelo een voorkeur voor heel hoge tempi, maar blijft met zijn geavanceerde vier stoks-techniek ook daarin zo doorzichtig spelen dat je het 'liedje' mee kan blijven zingen. Het aloude swingstuk 'Cherokee' verveelde daardoor niet, terwijl het door Charlie Parker geschreven 'Donna Lee' een adembenemend duet met Stochelo opleverde.

Het aandeel van de Nederlandse Amerikaan Eddie Conard varieerde nogal. Zijn percussieve bijdragen waren onberispelijk, maar wanneer hij meende te moeten zingen, bijvoorbeeld in de standard 'Nature Boy', kromden onbedoeld de tenen. Flink uithalen is een kwestie van lef, goed intoneren echter is een kunst.

Het was slechts een vlekje op een show, die afgezien van een klunzige annonceur en wat rommelige changementen geheid in elkaar zat. Stochelo Rosenberg en zijn neven Nou'che en Nonnie keken veel terug naar de jaren dertig maar wel op een manier die paste in deze tijd. Zoals bleek uit het toepasselijke slotstuk 'After You've gone' dat na een begin in een boemeltempo voortraasde als een turbotrein in onhollands fel zonlicht.