Mount Everest

In NRC Handelsblad van 18 juli stond onder de kop 'Alpinist in nood op Zwitserse berg achtergelaten' een opmerking van mijn collega Vos met betrekking tot een door mij in 1992 geleide expeditie naar de Mount Everest.

Wij werden destijds tijdens een stormnacht op 8.000 meter hoogte geconfronteerd met een Indiase collega-expeditielid die ons meldde een dodelijk slachtoffer te hebben. Wij boden meteen hulp aan, maar die werd geweigerd. Het was niet meer nodig zei men, want hun expeditielid was al dood.

Met de zes man die op dat moment ons kamp waren, heeft zich vervolgens een tamelijk emotioneel overleg afgespeeld dat deels op video is vastgelegd. Er werd om veiligheidsredenen besloten om niet naar buiten te gaan, in een poging met het lijk te gaan slepen. Drie van ons besloten tijdens de discussie om bij de eerste de beste gelegenheid omlaag te gaan.

Die gelegenheid deed zich binnen het uur voor. Zij daalden af, passeerden onderweg het lijk en constateerden dat het inderdaad een dode betrof.

De filmopnamen, waarnaar Vos verwijst, zijn de avond na het hierboven beschrevene opgenomen, nadat het weer zich had verbeterd. Er is nooit stiekem gedaan rond het 'incident'; de opnamen zijn uitgezonden en het staat uitvoerig beschreven in mijn boek over deze Everest-expeditie, getiteld 'Alléén de top telt'.

De zaak is destijds uitvoerig besproken, binnen ons team en met de overlevende Indiërs. Zij hebben altijd volgehouden dat het om een dode ging.

In hun officiële verslagen hebben ze dit herhaald. Dat is vermoedelijk de reden geweest waarom de Koninklijke Nederlandse Alpen Vereniging zich verder niet met dit 'incident' heeft beziggehouden.