Brits hoger onderwijs bezwijkt aan eigen succes

Labour doet wat de Conservatieven nooit durfden: een eind maken aan gratis hoger onderwijs. Doel is om de financiële crisis af te wenden die de kwaliteit van de Britse universiteiten al jaren ondermijnt.

LONDEN, 25 JULI. John Judd is tweedejaarsstudent computerkunde en astronomie aan de universiteit van Hertfordshire. Maar hij heeft nog nooit met een mentor kunnen overleggen over zijn werk. Zijn studie bestaat vrijwel uitsluitend uit colleges en praktijklessen. In de bibliotheek grijpt hij vaak mis door een schrijnend tekort aan boeken. Als hij op de universiteit gebruik wil maken van een computer, heeft hij alleen maar kans na middernacht.

De meeste Britse universiteiten zijn overbelast. Ze dreigen onder hun succes te bezwijken. Dertig jaar geleden stroomde nog maar acht procent van de middelbare scholieren door naar het hoger onderwijs. Aan het begin van het Conservatieve tijdperk in 1980 was dat twaalf procent. Zoals de Conservatieve ex-parlementariër George Walden in zijn standaardwerk We should know better schreef: “Het Britse onderwijssysteem was traditioneel alleen op de elite gericht.,

De massale toestroom van studenten kwam in de jaren tachtig pas op gang door stimuleringsmaatregelen van de Conservatieven. In 1989 stelde de toenmalige minister van Onderwijs, Kenneth Baker, zich tot doel om een op de drie middelbare scholieren in het jaar 2000 te laten doorstuderen. Die mijlpaal werd vier jaar geleden al bereikt.

Wat de Conservatieven verzuimden was om het hoger onderwijs een gezonde financiële basis te geven. De voor inflatie gecorrigeerde overheidsuitgaven stegen weliswaar alleen al tussen 1989 en 1993 met 21 procent tot 5,7 miljard pond.

Maar de overheidsbijdragen die de universiteiten per student ontvingen, daalden tegelijkertijd met meer dan een kwart. De onderwijsinstellingen slaagden er aanvankelijk nog in om die bezuinigingen voor een deel te compenseren. Door vergroting van efficiëntie, commerciële nevenactiviteiten en het aantrekken van sponsors. Een onderdeel van de universiteit van Oxford liet zich omdopen tot Kellogg's College, in ruil voor de schenking van 4,7 miljoen pond door een Amerikaanse cornflakes-fabrikant.

Maar bij de meeste andere universiteiten zijn de grenzen van de financiële rek inmiddels overschreden. Rectoren en hoogleraren klagen al jaren over het kwaliteitsverlies van het Britse hoger onderwijs dat ooit als grote voorbeeld gold voor de westerse wereld. Meer dan driekwart van de negentig universiteiten dreigt volgend jaar in de rode cijfers te belanden. Het universitair onderwijs stevent af op een financiële crisis, met een achterstallig onderhoud van 2,6 miljard pond en een geschat tekort op jaarbasis van twee miljard pond rond de eeuwwisseling.

De Conservatieven en Labour zijn het er binnenskamers al jaren over eens dat het principe van gratis hoger onderwijs niet meer te handhaven valt, zonder de overheidsfinanciën te zwaar te belasten of de kwaliteit van het onderwijs nog verder te verdunnen.

Maar beide partijen zijn er steeds voor teruggedeinsd om hun vingers aan dit hete hangijzer te branden. De voormalige Conservatieve minister van Onderwijs Keith Joseph stelde in 1984 al voor om studenten een bijdrage in het collegegeld te laten betalen. Op aandrang van de toenmalige premier Thatcher trok hij dat plan na een reeks van landelijke demonstraties weer haastig in.

Ook Labour dat in het verkiezingsmanifest van 1992 nog een uitbreiding van de studietoelagen bepleitte, heeft eerder met de invoering van collegegeld geflirt. Onderwijswoordvoerder Jeff Rooker stond in 1993 op het punt om zo'n plan te lanceren. Maar enkele uren voor de perspresentatie sprak de toenmalige Labourleider John Smith zijn verbod uit. Rooker werd uit zijn functie ontzet.

Vier jaar later durft Labour het wel aan om studenten te laten mee betalen aan hun eigen studie. Een opmars van de vrije markt die voor de Conservatieven altijd een brug te ver is geweest.

Met de invoering van het collegegeld riskeert minister van Onderwijs David Blunkett wel de gramschap van de middenklasse die Labour aan haar verkiezingszege heeft geholpen. Ook kan hij rekenen op felle weerstand van binnen de eigen fractie. Nieuw Labour dat een einde maakt aan gratis hoger onderwijs, wordt door oudgedienden nog altijd beschouwd als klasseverraad.

Maar het lijvige rapport dat de commissie-Dearing woensdag heeft uitgebracht over de staat van het academisch onderwijs, laat zien dat het universitair systeem zonder financiële injectie uit haar voegen barst.

Het rapport komt ook met cijfers uit Australië en de Verenigde Staten die erop wijzen dat invoering van collegegeld niet ten koste van de sociale diversiteit van de studentenbevolking hoeft te gaan. Volgens de regering is het niet meer dan rechtvaardig dat studenten bijdragen aan de kosten van hun studie, omdat academici gemiddeld een kwart meer verdienen dan mensen die niet universitair zijn opgeleid. Daarbij weet de regering geen betere manier om een gezonde groei van het hoger onderwijs de komende twintig jaar te financieren, als uiteindelijk 45 procent van de middelbare scholieren zal doorstromen naar de universiteit.