Simenon

Simenon las ik in de jaren vijftig. 't Kan ook nog in de jaren zestig geweest zijn, maar het gevoel is de jaren-vijftigsfeer: 'n Zwart Beertje voor een daalder en daar de zondag mee onder de pannen, vrijgezel vierhoog in de Rivierenbuurt of getrouwd-zonder-een-cent driehoog ergens in Purmerend.

Meestal een Maigret, maar niet noodzakelijk. De mooiste Simenon is 'De zoon'. Daarvan heb ik, toen ik het boekje uit had, de volgende dag meteen vier exemplaren gekocht en met verjaardagen weggegeven: lezen! En waarschijnlijk een exemplaar te veel weggegeven, want ik heb het boekje niet meer in mijn bezit, helaas.

Maar z'n andere boeken zijn niet veel minder, Simenon stelt haast nooit teleur. Dat voerde mij allengs tot een gewetensvraag: ga ik nu alle 500 Simenons lezen, omdat hij me zo bevalt, of moet ik er maar 's mee ophouden.

Ik hield er mee op en ging over op 'een ander soort boeken' - die je niet op een zondagmiddag uithebt, omdat ze je te denken geven. Echte literatuur. Dus - 's kijken - in 35 jaar heb ik geen Simenon meer gelezen, ook niet tijdens vakanties. De Maigrets die in mijn boekenkast staan - ik weet niet hoe ze daar gekomen zijn, wie ze gekocht heeft - ik niet.

En kijk, het is vakantie, het is zondagmiddag, de zon schijnt en ik zit warempel een Maigret te lezen. Daar had ik nou echt 's zin in. Ik had de keus uit vier en ik neem, min of meer willekeurig, Maigret en meneer Charles: 'Maigret krijgt bezoek van mevrouw Sabin, die vertelt dat haar man spoorloos is. Ze was eraan gewend dat hij af en toe een paar dagen met een vriendin op stap ging, maar zijn liefdes duurden zelden langer dan een week. En nu is hij al meer dan een maand weg.'

Een echt Simenon-gegeven en u zou misschien graag van me horen dat ik tegen het einde ontdekte dat ik het al 's eerder gelezen had vierhoog in de Rivierenbuurt, maar dat is niet het geval. Het boekje is, in 1972 geschreven, in 1986 in Nederland uitgegeven en ik kan het niet eerder gelezen hebben. En toch kwam het me bekend voor. Meneer Charles is een vrolijk, altijd goedgestemd, ietwat dik mannetje, dat door zijn aard iedereen voor zich inneemt. Hij heeft een kreng van een vrouw, zodat iedereen begrip heeft voor zijn escapades en zijn frivole gedrag door de vingers ziet. De waarheid is natuurlijk dat zij niet voor niks een feeks is. Ze vertrouwt Maigret toe, een paar dagen/bladzijden voor het einde: 'Ik ontdekte al gauw dat het de meest egoïstische man was die ik ooit ontmoet heb.'

Ik moet zeggen, dat vermoedde ik al. En ik wist ook, toen, waar ik 'meneer Charles' eerder had ontmoet. Bordewijk. De laatste eer. Een Salamander uit 1976. Vijfde druk. 'Een keuze van de schrijver (1956) uit de gelijknamige bundel uit 1935 bij de Wereldbibliotheek'. Ik doel op het openingsverhaal 'Op een oude bon-vivant' en herlees met genoegen hoe Bordewijk uithaalt: 'Zo liep hij, fattig gekleed en geparfumeerd, met de vlugge, krakende pas van een oude heer die graag jeugdig blijft en daar hij wat klein was en niet zwaar gebouwd had hij nog een vermakelijke brusquerie in gebaren en bewegingen gehouden. (...) Zo ging dit gruweltje door een leven van niets, verbruikte de lucht voor beteren dan hij bestemd, parasiteerde op de aarde, braadde aan het vuur dat de magerte van anderen had moeten koesteren zijn verzorgde vetje.'

Simenon is vaak geroemd om zijn psychologie, de psychologische geloofwaardigheid van zijn personen. Dat is precies wat mij bevalt als ik zijn boeken lees: de eenvoud van zijn psychologie - 'ik ontdekte al gauw dat het de meest egoïstische man was die ik ooit ontmoet heb.' Dat geloof ik, maar toch legt deze overtreffende trap het af tegen het dodelijk portret dat Bordewijk schilderde. Dat drieënhalf bladzij Bordewijk wat dit betreft zwaarder weegt dan 158 bladzijden Simenon valt te verklaren door het hoger soortelijk gewicht van de eerste.

Maar wie een boek leest niet om te genieten van een hoog soortelijk gewicht maar om 'de spanning', dat wil zeggen, in feite, om de tijd te verdrijven, zal aan drieënhalf bladzij niet genoeg hebben.