Van Thijn dreigt PvdA om Gümüs

AMSTERDAM, 21 JULI. Oud-burgemeester en prominent PvdA-politicus E. van Thijn overweegt zijn lidmaatschap van de PvdA op te zeggen als zijn partij in de Tweede Kamer zich niet hard maakt om uitzetting van de Turkse familie Gümüs te voorkomen. Binnen de PvdA hebben zijn uitlatingen voor enige onrust gezorgd.

“De democratie is geen systeem voor bange mensen en bange parlementariërs”, zei Van Thijn gisteravond in het RTL5 programma De Kwestie, over de beslissing van partijgenoot staatssecretaris Schmitz (Justitie) voor het Turkse gezin geen uitzondering te maken op de zogeheten witte-illegalenregeling. Deze biedt illegalen die langer dan zes jaar wit hebben gewerkt de mogelijkheid legaal te worden. De familie Gümüs voldoet niet aan de eisen daarvoor.

Diverse fractieleden in de Tweede Kamer zijn het eens met zijn standpunt. Kamerlid J. Lilipaly: “Van Thijn is een topman binnen de PvdA, en hij heeft gelijk. Je moet de regels op dit punt niet te star toepassen: er is iets in me dat zich tegen de uitzetting verzet. Die mensen zijn geïntegreerd in de Nederlandse samenleving. Hun kinderen hebben Nederlandse vriendjes. Die stuur je toch niet weg? Je kunt ervan op aan dat Bolkestein dit punt weer bij de verkiezingen zal gaan uitspelen.”

Maar Th. Apostolou, woordvoerder van de Tweede-Kamerfractie van de PvdA in de kwestie, blijft de staatssecretaris steunen, zo maakte hij vanmorgen nogmaals duidelijk. “Ik blijf er bij dat het parlement niet over individuele gevallen moet gaan oordelen. Dat is de bevoegdheid van de staatssecretaris.” Hij ziet ook geen aanleiding om de regels te veranderen. Wanneer dat zou gebeuren loopt de Kamer volgens hem het risico “nieuwe bronnen van permanente illegaliteit te creëren”.