V-Raad handhaaft sancties tegen Libië

NEW YORK, 11 JULI. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties besloot gisteravond na een stormachtig debat de sancties tegen Libië te handhaven, maar dat land zegt de strafmaatrgelen voortaan aan zijn laars te zullen lappen.

Afgevaardigden van Afrikaanse landen pleitten tijdens het debat voor een compromis over de locatie van een eventueel proces tegen de Libische verdachten van de bomaanslag in 1988 op een Pan Am vliegtuig boven het Schotse Lockerbie. De explosie kostte 270 mensen het leven. Straffeloosheid van de daders was de aanleiding voor de sancties.

De ambassadeur van Libië bij de VN, Abuzid Omar Dordah, gaf de Verenigde Staten en Groot-Brittannië de schuld van de Raadsbeslissing en kondigde aan dat zijn land “voortaan zal doen alsof de sancties niet bestaan”. Gevraagd om een nadere toelichting van dit standpunt zei de gezant dat “Libië dit aandachtig zal bestuderen met onze broeders in Afrika”.

De Veiligheidsraad verkeert in een impasse over de Amerikaanse en Britse eis aan Libië om de vermeende daders van de bomaanslag, medewerkers van de Libische veiligheidsdienst, uit te leveren. Afrikaanse en Arabische afgevaardigden stelden voor om de twee verdachten niet te berechten in de VS of Groot-Brittannië, zoals geëist in een Raadsresolutie van 1992, maar op een neutrale plaats. Een meerderheid meent echter dat dit Tripoli zou aanmoedigen de sancties te negeren. Pogingen om de strafmaatregelen aan te scherpen middels een olie-embargo kunnen evenmin rekenen op een meerderheid in de raad. (Reuter)