Pomphouders eten met extra benzineverkoop galgenmaal

DEN HAAG/ LONNEKER/ TER APEL, 30 JUNI. De motregen duikt in lange slierten onder de overkapping van het benzinestation. De man tikt de slang wel tien keer af tegen het mondstuk van de tank. Volgens het benzinestationsjargon een typisch geval van een 'druppelaar'. De vijftien jaar oude Toyota boert van verzadiging langduring na.

“Ik heb hem zaterdag de hele dag laten staan”, zegt de man. “Hij was bijna leeg. Ik vond het zonde om zaterdag al te gaan tanken en dan vandaag weer half leeg te zijn. Dus ik ben met mijn vrouw lopend boodschappen gaan doen. Maar toen we halverwege de middag alletwee met zware tassen een bui over ons heen kregen zei mijn vrouw wel tegen me: Jaap, waar zijn we nou helemaal mee bezig. Nou ja, het scheelt wel een gulden of vier.” Bij het nieuwe Fina-station aan de A44 bij Sassenheim, dat net een paar weken open is, wordt naar schatting van de man achter de kassa vijf à tien procent meer getankt dan op een normale maandagochtend.

Of er ook mensen zijn die iets te mopperen hebben? “Er zijn altijd mensen die zeggen: de prijs gaat met een cent omhoog, terwijl de dollar gisteren is gezakt, hoe kan dat? Ik zit dertig jaar in het vak en dat soort verhalen had je vroeger al met de huisbrandolie”, zegt de heer Kerkhof van het Shell-station in de Haagse industriewijk De Binckhorst: “Wat me wel opvalt is dat de mensen tegenwoordig wel erg gelaten zijn onder dit soort prijsverhogingen.”

De VVD-fractie was tegenstander van de verhogingen, tot onvrede van PvdA en D66. Deze twee partijen steunden het kabinetsvoornemen om met ingang van morgen de accijnzen op benzine, diesel en lpg te verhogen met respectievelijk elf, vijf en acht cent per liter. Premier Kok zei in november dat de variabilisatie van de autokosten (lagere motorrijtuigenbelasting, hogere benzineaccijns) een “onlosmakelijk onderdeel is” van het mobiliteitsbeleid van dit kabinet. Omdat Duitsland een accijnsverhoging heeft uitgesteld, wordt het prijsverschil in het grensgebied erg groot. Maar het plan van staatssecretaris Vermeend (Financiën) om exploitanten van benzinestations in de grensstreek met Duitsland gedeeltelijk vrij te stellen van de accijnsverhoging liep vorige maand stuk in Luxemburg.

Er is extra personeel aanwezig bij benzinestation Veger in het Twentse Lonneker, buurtschap tussen Enschede en de Duitse grens. Eigenaar J. Veger, die meer auto's dan normaal af en aan ziet rijden, is één van de pomphouders die profiteren van de brandstofprijzen. Voor de laatste maal. Veger heeft besloten de pijn met de klant te delen. “De rest van het jaar gaan we zonder winst werken. Ik neem de helft van de verhoging voor mijn rekening. Van de dertien cent die de klant voor een liter benzine meer zou moeten betalen, zal ik er 6,5 cent betalen. Je moet toch wat.”

Pomphouder J. Potze uit het Groningse Ter Apel schat dat hij het afgelopen weekend 25 procent meer heeft omgezet dan anders en voor vandaag rekent hij nog op wat extra toeloop. “Maar het is een galgenmaal. Na vandaag raak ik zeker de helft van mijn klanten kwijt.”

Pomphouder J. Bron in de grensplaats Nieuweschans vindt het financiële verlies nog niet het ergste van de prijsverhoging, maar dat hij trouwe klanten zal verliezen doet hem het meeste pijn. “Je staat machteloos. Daar ga je geestelijk aan kapot.” Hij verwacht dat hij ook klanten voor zijn autobedrijf kwijtraakt. “Het gebeurt vaak dat klanten komen tanken en vragen of ik even naar hun auto kan kijken als er iets aan mankeert.”