F11

Een merkwaardige ervaring die je kunt hebben met Word Perfect is de 'lege cursivering'. Deze kan ontstaan nadat je iets hebt gecursiveerd - bijvoorbeeld het woord kat - en later weer uitgewist. Het woord is weg, uitgewist, verdwenen, het bestaat niet meer, maar de cursivering is er nog. Als je later toevallig op die plek iets typt kan het gebeuren dat er opeens gecursiveerde woorden verschijnen op het scherm.

Toen mij dat voor het eerst overkwam herinnerde het me ergens aan, maar ik kon het niet thuisbrengen. Iets dat verdwenen is, maar een eigenschap ervan is er nog. Pas later kwam ik er op: de glimlach van de Cheshire Cat uit Alice in Wonderland.

Zoals men zich herinnert zit dit glimlachende dier op een tak en verdwijnt geleidelijk, van de staart af, tot alleen de glimlach er nog is; Alice overdenkt dan dat zij wel vaak een kat zonder glimlach, maar nooit eerder een glimlach zonder kat heeft gezien.

Naar analogie van de lege cursivering kun je je afvragen of je, wanneer de glimlach er nog is terwijl de kat al is verdwenen, er ook andere dieren- of mensengezichten in kunt doen, zoals je nieuwe woorden kunt doen in zo'n lege cursivering. De grote moeilijkheid is natuurlijk dat je moet weten waar die glimlach is; het gemak van Word Perfect is dat je de plaats zichtbaar kunt maken met de toets F11, 'weergave codes'; wat je dan ziet is:

[CURSIEF][cursief]. Het gaat om de ruimte ertussen: daar was het dus, daar stonden de woorden, dat was de plek. En meteen dringt zich een verpletterende analogie op: de bekende gedachte dat het verleden een plaats is; wat gebeurd is, is niet verdwenen, het is alleen maar ergens anders: net als met zo'n lege cursivering weet je niet waar het zit, maar het is er nog wel. O, als je toch eens kon vinden waar het zich verborg.

Ik denk aan hoe ik een jaar of wat geleden in Port Saïd gezocht heb naar de plek (er is een foto van) waar ik als kind heb gestaan, met een fez, in 1935. Het staat vast, het is absoluut zeker dat die plek nog bestaat, maar hij is nu verborgen, onzichtbaar, niet meer te herkennen. Op die plek is ook eenmaal een glimlach geweest, links boven mijn hoofd, een beetje verlegen, van mijn vader, die naast mij stond. Hij had zijn hand op mijn schouder.

Ik moet er doorheen zijn gelopen, zonder het te weten.