Belgrado verbijsterd over arrestatie van Serviër

BELGRADO, 30 JUNI. In Belgrado is woedend gereageerd op de arrestatie, vrijdag, van de van oorlogsmisdaden verdachte Serviër Slavko Dokmanovic. Belgrado beschuldigt de VN en het in Den Haag gevestigde VN-tribunaal voor de berechting van oorlogsmisdaden van dubbelhartigheid.

Slavko Dokmanovic, oud-burgemeester van Vukovar, werd vrijdag door functionarissen van het tribunaal, bijgestaan door VN-soldaten, gearresteerd op de grens van Joegoslavië en de tot Kroatië behorende regio Oost-Slavonië. Hij werd direct overgebracht naar Den Haag en zit daar in de cel. Hij wordt - samen met drie officieren van het toenmalige Joegoslavische Volksleger - beschuldigd van medeplichtigheid aan de moord op 261 patiënten, artsen en verplegers die in november 1991, na de verovering van Vukovar door Kroatische Serviërs, Servische milities en het Joegoslavische Volksleger, uit het ziekenhuis van de stad werden gehaald en nabij Ovcara werden geëxecuteerd. Dokmanovic werd na de inname van Vukovar - dat drie maanden was gebombardeerd - burgemeester van de stad.

De woede van de regering in Belgrado richt zich vooral tegen het VN-bestuur over Oost-Slavonië, UNTAES, dat de in de Servische stad Sombor wonende Dokmanovic had uitgenodigd voor een informatief onderhoud en dat hem volgens een verklaring van de Joegoslavische minister van Buitenlandse Zaken Milutinovic een vrijgeleide had beloofd. Daarop reed Dokmanovic uit vrije wil naar Oost-Slavonië. Hij liet zijn auto aan de Joegoslavische kant van de grens staan, stak te voet de grens over en werd aan de Kroatische kant opgewacht door VN-soldaten en functionarissen van het VN-tribunaal, die hem prompt inrekenden. Het is overigens de eerste arrestatie van een verdachte van oorlogsmisdaden door functionarissen van het tribunaal en tevens de eerste waarbij VN-soldaten assistentie verleenden.

Volgens minister Milutinovic is Dokmanovic bedrogen. In zijn brief aan de VN-bestuurder van Oost-Slavonië, Jacques Klein, uitte Milutinovic zijn “grote ontevredenheid” over de arrestatie, die “twijfels wekt aan de geloofwaardigheid van UNTAES”. De Joegoslavische minister eiste in zijn brief de onmiddellijke vrijlating van Dokmanovic. Hij sprak van “een zeer ernstig incident” dat “ernstige consequenties kan hebben voor het vredesproces”. Volgens Milutinovic is Dokmanovic onschuldig, omdat hij in november 1991 in Vukovar nog geen burgemeester was. “Hij kon dus niet in verband worden gebracht met de gebeurtenissen waarvoor Den Haag hem in staat van beschuldiging heeft gesteld”, aldus Milutinovic.

In Washington is een Bosnische moslim wegens de verdenking zich aan oorlogsmisdaden schuldig te hebben gemaakt, verwijderd van een militaire cursus. Dat is bevestigd door Amerikaanse zegslieden. Ze zeiden dat de ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie, samen met de Nationale Veiligheidsraad, hadden besloten de Bosnische brigadegeneraal Selmo Cikotic te verwijderen van de cursus aan het college van de Amerikaanse generale staf in Fort Leavenworth.

Volgens diverse Amerikaanse media heeft Cikotic in juni 1993 opdracht gegeven tot moord op en foltering van Bosnische Kroaten in Bugojno in Centraal-Bosnië, ten tijde van de oorlog tussen de Bosnische Kroaten en de Bosnische moslims. Cikotic behoort overigens niet tot de 75 verdachten die door het tribunaal in Den Haag in staat van beschuldiging zijn gesteld. (AP, Reuter)