Macramé-economie

Met de 'economisering' van de wereld neemt ook de kring van deelnemers aan het debat over de wereldeconomie snel in omvang toe. Soms lijkt het wel alsof het intellectuele debat zich geheel naar de economie heeft verplaatst. Daar is op zich niets tegen. Economie gaat tenslotte over iedereen en is daarom veel te belangrijk om aan economen alleen over te laten.

Aan de kwaliteit van de discussie wil door gebrek aan kennis echter nog wel eens wat schorten. Zo kan in het hoogoplopende debat over de wenselijkheid van de Economische en Monetaire Unie (EMU) het tegenargument worden gehoord dat deelnemende landen straks het wisselkoersinstrument missen om via de export de werkgelegenheid te stimuleren. Alsof verzwakking van de munt een dergelijk heilzaam effect zou hebben. Ja, hoogstens op de heel korte termijn. De ervaring heeft geleerd dat een zwakke munt de inflatie stimuleert en de rente opjaagt. Tel uit je winst. In Frankrijk geloven hele volksstammen nog steeds dat begrotingstekorten de werkgelegenheid bevorderen.

In de jaren tachtig waren het Republikeinse ideologen die het volk wijs maakten dat een forse belastingverlaging geen enkel negatief effect zou hebben op het Amerikaanse begrotingstekort, omdat de overheid door de groeistimulans minstens net zo veel nieuwe inkomsten zou binnenhalen. Het Amerikaanse begrotingstekort liep onder president Ronald Reagan naar recordhoogte op, al was ook de onwil van het Congres om te bezuinigen daar debet aan.

De misère in de Derde Wereld doet veelvuldig de discussie oplaaien over verbetering van de aanpak van het armoedeprobleem. Het economische hervormingsrecept van het Internationaal Monetaire Fonds (IMF) en de Wereldbank ligt, zij het steeds minder, ook nu nog wel onder vuur. Soms komen ook ideeën uit de oude doos in een nieuwe verpakking terug.

Zo verscheen in 1993 het boek 'Het ideale eigenbelang; een UNO-Marshallplan voor alle mensen' van de kunstenaar Pieter Kooistra, dat nu met subsidie van Ontwikkelingssamenwerking in het engels wordt vertaald. Deze oprechte idealist is zo bewogen door het armoedeprobleem in de Derde Wereld geraakt dat hij naar een fundamentele oplossing zoekt. Kern van zijn voorstel is dat iedere wereldburger van de Verenigde Naties (VN) een basisinkomen van 250 dollar per jaar ontvangt.

Het zijn niet de minsten die Kooistra's idee ondersteunen. In het voorwoord van zijn boek staan tientallen personen genoemd, onder wie de filosoof Hans Achterhuis, voormalig fractievoorzitter van Groen Links Ria Beckers, hoogleraar Internationaal Recht Theo van Boven, hoogleraar Medische Ethiek Heleen Dupuis, zeehondenredster Lenie 't Hart, hoogleraar Milieukunde Lucas Reijnders, hoogleraar Bedrijfskunde Annemieke Roobeek, actrice Adelheid Roosen, rabbijn Awraham Soetendorp, schrijver/dichter Simon Vinkenoog, hoogleraar Emancipatievraagstukken Iteke Weeda en voormalig BSO-topman Eckart Wintzen. Ook enkele economen prijken op de lijst van sympathisanten.

Volgens Kooistra is tien jaar nodig voor het opzetten van een infrastructuur. Zo moet er een VN-bank komen die via een wereldwijd gecomputeriseerd girosysteem de 250 dollar overmaakt. Om te waarborgen dat het geld aan “constructieve” doelen wordt besteed, kan met de 'UNO-dollars' slechts giraal worden betaald. Aan elke duizend wereldburgers moeten twee VN-ontwikkelingsdeskundigen worden toegewezen ter begeleiding.

In arme landen zou het geld moeten worden besteed aan zaken als onderwijs, voedselproduktie, of het opzetten van een kleine onderneming. In de rijke landen zal het geld volgens Kooistra's voorstel worden besteed aan cultuur, kunst of reizen.

Op de eerste zondag van deze maand werd in een bosrijk conferentie-oord in beperkt gezelschap een hele dag aan het 'UNO-Marshallplan voor alle mensen' besteed. Voorstanders wezen vooral op de mooie sociale aspecten. Volgens hun 'sociocratische' benadering zou de samenwerking tussen mensen worden gestimuleerd. In het plan met een hoog New Age gehalte valt zelfs de term 'nieuwe mens'.

De paar aanwezige economen deden een vergeefse poging iedereen weer op aarde te laten neerdalen. Milieu-econoom Roefie Hueting sprak van “luchtfietserij”. De gedachte van de plannenmakers dat de 'UNO-dollars' zonder belasting van het milieu kunnen worden besteed is volgens hem een illusie. “Economie gaat tenslotte over schaarste,” zo doceerde Hueting uit les 1 van het economie-schoolboek. Hoogleraar Harmen Verbruggen (Vrije Universiteit) maakte duidelijk dat de mens niet erg geneigd is zich in te spannen voor het goede doel, wanneer hij iets gratis krijgt. Bovendien zal de wereldwijde girale geldinjectie de inflatie opjagen. En dan noemde Verbruggen nog niet eens de bureaucratie:twee ontwikkelingswerkers per duizend inwoners maken op een wereldbevolking van 5,9 miljard mensen in totaal 11,8 miljoen ontwikkelingswerkers.

Bovendien zijn er vele levensvatbaarder initiatieven voor armoedebestrijding, zoals schuldverlichting om in arme landen geld vrij te maken voor gratis onderwijs en gezondheidszorg en het verstrekken van micro-kredieten aan de informele sector.

Onder leiding van Annemieke Roobeek wordt inmiddels gewerkt aan een plan, waarmee subsidie moet worden losgepeuterd voor een wetenschappelijk onderzoek en een pilot project .

Het lijkt beter geld uit te trekken voor verbetering van het economie-onderwijs: economie in alle basispakketten op alle scholen overal ter wereld. Reagans aanbodeconomie is wel aangeduid als voodoo-economie. De plannen van de sociocratische idealisten lijkt meer op macramé-economie.