Kleine belegger kan honger niet stillen

Geld verdienen met beursintroducties lijkt wel heel simpel de laatste weken. Beleggers verdringen zich bij elke beursgang om de nieuwe effecten en drijven de koers op tot ver boven de introductieprijs. De kunst is haantje de voorste te zijn. Kopen tegen de introductiekoers, en als de waarde flink is gestegen, verkoop je alles weer. Met de geboekte winst kun je meedoen met de volgende beursklapper.

De afgelopen weken was het druk met de komst van nieuwelingen op de beurs. Het veevoederbedrijf Nutreco kreeg een notering, evenals de uitzend- en schoonmaker dochter van Vendex, Vedior. Onlangs volgden investeringsmaatschappij Alpinvest, het detacheringsbedrijf Brunel en afgelopen donderdag maakte automatiseerder ICT zijn opwachting. De belangstelling was enorm. In een tijd van hoogconjuctuur en exploderende aandelenkoersen zien particuliere beleggers de beursgang van deze bedrijven als een buitenkansje om snel geld te verdienen.

Maar er zit een addertje onder het gras. Omdat zo veel kleine beleggers de beurs hebben ontdekt, is het dringen geblazen bij het verdelen van de te plaatsen aandelen. En aangezien er zoveel gegadigden zijn, wordt de inschrijvingstermijn vaak veel eerder gesloten dan van te voren was aangekondigd.

De belegger die even op vakantie is of voor zaken in het buitenland is, mist de boot. Wie er wel op tijd bij is, moet zich tevreden stellen met slechts een fractie van het pakket waarop hij had ingeschreven. Klagers krijgen te horen dat 'het aanbod nou eenmaal gering was'. Voor particuliere beleggers dan. Grote institutionele beleggers uit binnen- en buitenland, zoals pensioenfondsen, mogen doorgaans tweederde van het totaal te plaatsen aandelenpakket verdelen. Oneerlijk, roepen de kleine beleggers.

In Dordrecht woont zo'n gedupeerde particulier. Hij is voorzitter van een beleggingsstudieclub, maar wil niet met z'n naam in de krant. “Ik vind het een beetje een sport om uit te zoeken wat goede aandelen zijn. Als het spannend is, bel ik een bank die over een koerslijn beschikt. Iedere avond surf ik een uurtje over Internet om meer te weten te komen over beursfondsen. Wanneer je zo fanatiek bent, is het teleurstellend om te constateren dat je bij een beursintroductie zó weinig aandelen krijgt toegewezen, dat het nauwelijks een toevoeging op je portefeuille is.”

De Dordtenaar had ingeschreven op 15.000 aandelen Nutreco en kreeg er 87. Van de 1.000 aangevraagde aandelen Vedior kreeg hij er niet één. ABN Amro Rothschild, die Vedior's beursgang begeleidde, had alleen beleggers toebedeeld die voor de hoge prijs van 39 gulden hadden ingetekend op ten minste 2.600 aandelen. De buit van de aandelen Brunel was ook karig voor de kleine belegger. Van 2.000 aangevraagde stukken ontving hij er slechts 16. “Wat moet ik nou met 16 aandelen”, zegt hij opgewonden. “Als ik daarmee blijf doorgaan, bouw ik een portefeuille op van allemaal kleine beetjes.”

De voorzitter van de beleggingsclub denkt een oplossing te hebben gevonden. Hij schrijft zich vanaf nu in bij meerdere banken tegelijk. Zo hoopt hij beter bedeeld te worden. Ook vraagt hij om veel meer aandelen dan waar hij op rekent, wat de banken 'majoreren' noemen. Zo schreef hij zich deze week in voor 2.000 stukken van de melkrobotfabrikant Prolion, terwijl hij er eigenlijk maar 200 wil hebben.

Rabobank Securities, die Prolion volgende week op de Nieuw Markt (NMAX) voor snelgroeiende bedrijven zet, vindt het niet zo vreemd dat kleine beleggers ontevreden zijn. Een woordvoerder van deze bank trekt een vergelijking met het opdienen van een versgebakken taart. “De omvang van de beurstaarten is even groot als in de verleden jaren, maar het aantal hongerige mensen dat ervan wil eten is groter geworden. Naarmate de te verdelen stukjes kleiner worden, wordt de trek groter.”

Onno van der Lans is zo'n hongerige belegger, die zich tevreden moest stellen met een paar aandelenkruimels. Vorig jaar haalde de Rotterdammer zijn spaarrekening leeg en belegde al het geld in aandelen. Van der Lans, werkzaam bij Randstad-dochter Polytechniek, is zo fanatiek geworden, dat hij onlangs enkele collega's heeft geronseld voor het oprichten van een beleggingsstudieclubje. Hij koopt niet zomaar aandelen, maar weegt zijn keuzen goed af en dekt, net als grote beleggers, zijn risico af door in meerdere sectoren te beleggen. Hij ziet het als een hobby die hem bovendien een leuk zakcentje oplevert. “Als ik ieder jaar mijn zomervakantie eruit haal, ben ik tevreden”, zegt hij.

Ook Van der Lans heeft moeite om aan goedkope nieuwe aandelen te komen. Van Brunel kreeg hij 173 van de 1.500 aangevraagde stukken. Ook schreef hij in op de beursgenoteerde 'falcons' (langjarige koopopties) van zijn werkgever. Van der Lans vroeg 1.500 falcons en kreeg er, omdat hij werknemer is van Randstad, maar liefst 173.

Het lijkt erop of de verdeling van aandelen lukraak geschiedt. Volgens de woordvoerder van de Rabobank zit er wel degelijk systematiek achter, al is die moeilijk te ontdekken. Hij geeft toe dat banken die deel uit maken van het syndicaat dat de beursgang begeleidt, doorgaans meer aandelen te verdelen hebben. “Het syndicaat is een omgekeerde piramide. De leider van de groep banken krijgt de meeste aandelen te verdelen.”

De Dordse voorzitter van de beleggingsstudieclub was daar al achter gekomen. “Ik open gewoon rekeningen bij vier banken en zorg dat er ten minste twee in het syndicaat zitten dat de beursgang begeleidt. Dan moet ik gewoon goed zitten.”

Maar de Dordtenaar is niet de enige die dit doet. Niet voor niets overtrof de vraag van de aandelen Nutreco, Vedior en Brunel dertig keer het aanbod.

De Postbank vindt dat de maat vol is en wil dat er actie wordt ondernomen tegen de ondoorzichtige verdeling van aandelen voor particuliere beleggers. De bank noemt het een loterij en vindt dat er duidelijke richtlijnen moeten komen. Bij zwaar overtekende beursintroducties zouden kleine beleggers in de toekomst bij iedere bank een gelijk aantal aandelen moeten kunnen krijgen.

ABN Amro steunt de Postbank niet in hun strijd voor de particuliere belegger. “Institutionele beleggers komen net zo vaak tekort als particulieren”, zegt M. de Jager van ABN Amro. “Bovendien moet je je afvragen of die kleine beleggers uiteindelijk wel gebaat zijn bij een groter aandeel in de toewijzing. Als institutionele beleggers zich benadeeld voelen, tonen ze geen interesse meer in een fonds. Wie moet er dan de klappen opvangen als het een keer misgaat?”

De Rabobank-woordvoerder deelt de opvatting van De Jager. Hij stelt dat particuliere beleggers met hun vraag om een groter belang hun eigen graf graven. “Bedrijven willen niet afhankelijk zijn van op geld beluste particulieren die alleen hun persoonlijk belang nastreven.

Dit soort kleine beleggers zaait met een koersdaling van een paar gulden snel paniek in een fonds en schrikt daarom serieuze investeerders af. Logisch dat bedrijven tweederde van hun aandelen aan institutionele beleggers uit binnen- en buitenland toewijzen. Die bepalen immers de waarde van het fonds. Eigenlijk wordt het tekort aan aandelen voor particulieren ruimschoots gecompenseerd door de waardevastheid die institutionele beleggers in het fonds stoppen.''