Hindernissen tussen bank en giro opgelost

ROTTERDAM, 28 JUNI. Er zijn geen hindernissen meer tussen de twee betalingscircuits in Nederland. Bank- en girorekeninghouders kunnen voortaan zonder vertraging geld naar elkaars rekeningen overmaken.

Dit is gisteren beklonken tijdens een informele bijeenkomst tussen De Nederlandsche Bank en de banksector. Met de voltooiing van het Nationaal Betalingscircuit (NBC) zijn de twee in Nederland bestaande betalingscircuits, de Bankgirocentrale (BGC) van de banken die samenwerken in Interpay en het betalingsnetwerk van de Postbank, aan elkaar gekoppeld.

Dat het ruim twintig jaar kostte om zover te komen, had alles te maken met commerciële belangen, de concurrentie tussen de Postbank en de andere banken. De Postbank begon in de gedaante van Postgiro (toen nog Postcheque- en Girodienst) al in de jaren vijftig met automatisering van haar betalingsverkeer.

Tot voor kort duurde het overmaken van geld van de Postbank naar een andere bank enkele dagen langer dan betalingstransacties tussen banken binnen het BGC. De eerste besprekingen in het kader van het NBC, aangestuurd door overheid en De Nederlandsche Bank, dateren van het midden van de jaren zeventig. In 1975 verzocht de toenmalige minister van financiën Duisenberg president Zijlstra van de Nederlandsche Bank het voorzitterschap op zich te nemen van een stuurgroep die een onderzoek moest instellen naar het verenigen van beide betalingscircuits.

De voltooiing van het Nationaal Betalingscircuit, 22 jaar later, is een van de laatste daden van Duisenberg als president van de Nederlandsche Bank. Hij bekleedt vanaf dinsdag de functie als voorzitter van het Europese Monetaire Instituut. Dat bereid de vestiging voor van de Europese Centrale Bank, die vanaf 1999 in werking treedt.

Aanvankelijk ging de overheid nog uit van één geïntegreerd systeem, maar uiteindelijk is gekozen voor het versoepelen van het verkeer tussen beide netwerken. Dat het zo lang duurde om zover te komen was grotendeels terug te voeren op de concurrentie tussen de Postbank en de andere banken.

De Postbank begon in de gedaante van Postgiro (toen nog Postcheque- en Girodienst) al in de jaren vijftig met automatisering van haar betalingsverkeer. De banken richtten - met het oog op het belang van de particuliere markt waarin steeds meer salarissen giraal werden overgemaakt - in 1967 de BGC op als concurrent van de Postgiro.

Ze hadden het voordeel een breder pakket financiële diensten te kunnen aanbieden. Het marktaandeel van de Postgiro kromp en mede om daaraan het hoofd te bieden werd de Postbank opgericht, waarbij het betalingsverkeer voor particulieren gratis was. Daarna zijn de twee partijen elkaar met horten en stoten genaderd.

Volgens een woordvoerder zullen consumenten weinig merken van de operatie. De meeste hindernissen tussen giro- en bankrekening zijn de laatste tijd stapsgewijs al geslecht. Spoedopdrachten en handgeschreven overmakingen waren de laatste soorten van betalingen waarvoor de hindernissen zijn opgeruimd.