Een gouden ontdekking

Making PCR. A Story of Biotechnology. Door Paul Rabinow. University of Chicago Press 1997. 190 blz., ƒ 55,-. ISBN 0-226-70147-6.

SOMS ZIJN het net mensen, wetenschappers. Van buitenaf bezien wekken ze de indruk volgens strenge regels en zorgvuldig omschreven methodes op zoek te zijn naar antwoorden op maatschappelijke problemen of bezig te zijn om hun eigen nieuwsgierigheid te bevredigen. Steeds meer wordt echter duidelijk dat de hele wetenschappelijke wereld een getrouwe afspiegeling is van de gewone maatschappij. Neem alleen al de vele gevallen van wetenschappelijke fraude die de laatste paar jaar aan het licht zijn gekomen. Wanneer er veel geld in het spel is, zijn soms plotseling alle hooggestemde idealen vergeten. Nu word je in het algemeen niet echt rijk van onderzoek, al zijn er natuurlijk uitzonderingen, zoals met name binnen de informatica en de biotechnologie. Wie op dat laatste vakgebied een belangrijke uitvinding doet en er bovendien in slaagt om daarop octrooi te verwerven, mag zich rijk rekenen.

Wie precies verantwoordelijk is voor een ontdekking is niet altijd even duidelijk, want wetenschap is nauwelijks meer een zaak van geniale eenlingen. Niet voor niets worden Nobelprijzen tegenwoordig nog slechts zelden aan één individu toegekend en steeds vaker is er sprake van kleine schandaaltjes, omdat sommigen zich gepasseerd voelen. Vier jaar geleden ontving Kary Mullis de Nobelprijs voor de ontdekking van de polymerase kettingreactie, een biochemische procedure waarmee DNA razendsnel en in grote hoeveelheden kan worden vermenigvuldigd. Vele collega's sloegen zich voor het hoofd dat ze daar zelf niet op waren gekomen. Het leek weer eens een voorbeeld van de onbekende, geniale uitvinder die in een flits een inzicht had gekregen dat de wereld op zijn kop zette.

De media doken er massaal op, vooral toen Mullis een op zijn zachtst gezegd vrij onconventioneel type bleek te zijn. Zo weigerde hij zijn dagelijkse surfuurtje te onderbreken toen er op de ochtend dat de toekenning bekend was geworden tientallen journalisten en filmploegen bij zijn huis verschenen. Bovendien gaf hij te kennen eigenlijk niet echt verrast te zijn: “Ik moest hem gewoon een keer krijgen”. Het idee voor de PCR (zoals de Engelse afkorting luidt) had hij - zoals hij niet moe werd te vertellen - gekregen tijdens een nachtelijke rit langs de kust in Californa “...terwijl de lucht vol was van de geur van bloeiende paardekastanjes”. Dat mag zo zijn geweest, in werkelijkheid blijkt het toch allemaal wat subtieler te liggen.

Paul Rabinow heeft er een gedegen studie aan gewijd. Op grond van interviews met alle betrokkenen, rapporten, verslagen en memos heeft hij minutieus zowel de 'politieke' als wetenschappelijke gang van zaken proberen te reconstrueren. Als goed antropoloog schetst hij ook het milieu waarin de ontdekking tot stand kwam: de jaren tachtig, die de opkomst te zien gaven van de biotechnologie. Plotseling lagen termen als klonen, recombinant-DNA op ieders lippen, werden er gigantische investeringen gedaan en sprongen de bedrijven als paddestoelen uit de grond. Sommige onderzoeksgebieden léken echter veelbelovend, maar kwamen nauwelijks van de grond. Zo werd het weliswaar mogelijk om kleine, potentieel dodelijke genetische afwijkingen vast te stellen, zij het dan alleen na een zeer ingewikkelde en langdurige procedure, waarbij bovendien radioactief gemerkte chemicaliën noodzakelijk waren. Bijna geen enkele test bleek echter voldoende gevoelig om op basis van de meestal geringe hoeveelheid erfelijk materiaal die ene afwijkende base in het DNA op te sporen.

In het bedrijf Cetus Corp., waar Mullis in het begin van de jaren tachtig werkzaam was, werd erg veel in een verbetering van de standaardmethode geïnvesteerd. Mullis was daar als organisch chemicus bij betrokken, maar had er geen enkel vertrouwen in: “Als de standaard-test niet gevoelig genoeg is, dan moet je zorgen dat je meer uitgangsmateriaal in handen krijgt.” Omdat hij slecht met zijn directe baas overweg kon en ook voortdurend met collega's ruziede en soms zelfs vocht, ging hij op eigen houtje op zoek naar manieren om zijn gelijk te bewijzen. Zelfs na zijn geniale ingeving van die vrijdagnacht in 1983, leek een oplossing verder weg dan ooit. Want hoe veelbelovend ook zijn idee er op het eerste gezicht uitzag, het werkte gewoon niet in de reageerbuis. Het was dan ook niet verwonderlijk dat op een gegeven moment zijn positie serieus in gevaar kwam. Er bleven toch nog managers over die in hem geloofden en hem ondanks alles de hand boven het hoofd hielden. Daarom werd er een klein team van onderzoekers vrijgemaakt, dat uiteindelijk wél succes had. In maart 1985 kon de eerste octrooi-aanvraag de deur uit en binnen het jaar verscheen er een publicatie in Science.

De pagina's waarin de geboorte van dat artikel beschreven staan, zijn hilarisch. Dat weldenkende individuen zich zo weinig flexibel kunnen opstellen, is ongelofelijk. Mullis is uiteindelijk slechts één van de zeven auteurs en 'zijn' methode - de PCR - is niet meer dan een onderdeel van de nieuw ontwikkelde test. Een door hem zelf geschreven artikel wordt echter door zowel Science als Nature geweigerd. Het is niet verwonderlijk dat hij Cetus vrij kort daarop verlaat: zijn 'gouden' handdruk van $10.000 zal later in het niet blijken te vallen bij de 300 miljoen die Cetus na veel getouwtrek in de rechtzaal van Hoffmann-La Roche ontvangt voor het PCR-octrooi. Het zal echter nog twee jaar duren voor de eerste commerciële producten op basis van de PCR op de markt verschijnen. Je moet dus haast wel concluderen dat Mullis in feite alleen verantwoordelijk is geweest voor het idee en dat de uitwerking daarvan een gemeenschappelijke inspanning van velen betrof. Het lijkt echter overdreven zoals in het laatste hoofdstuk wordt gesuggereerd, dat Mullis eigenlijk “...nauwelijks begreep waar hij mee bezig was”.

Rabinow slaagt er op voorbeeldige wijze in te laten zien hoe wetenschappelijke ontdekkingen tegenwoordig tot stand komen. Zonder het PCR-verhaal als typisch voorbeeld te willen neerzetten, maakt hij duidelijk dat het beeld van de geniale geleerde die eenzaam op zolder een probleem oplost waar alle anderen vergeefs de tanden op stukbijten, niet klopt. Wetenschap is een ingewikkeld sociaal proces, waar velen aan bijdragen. Dat mag misschien afbreuk doen aan haar charme, maar ze wordt er zeker niet minder interessant door. Dat maakt Making PCR meer dan duidelijk.