Buurtnaamgeving

In zijn reactie op het artikel van Elsbeth Etty (19 juni) schrijft Rob Rentenaar (24 juni), met betrekking tot de naamgeving van de Jordaan dat “benoeming met een woord voor 'tuin' absoluut niet (past) in het patroon van de oudere Nederlandse buurtnaamgeving”. Tenminste één voorbeeld weerspreekt deze opinie.

In Elmina, de hoofdplaats van de koloniale Nederlandse Bezittingen ter Kuste van Guinea (de Goudkust van West-Afrika, het huidige Ghana) bestond in de achttiende eeuw een gouvernements(groenten)tuin. Deze tuin en het omliggende gebied, waarin onder meer een sociëteit en een plantagecomplex genaamd Buitenrust gevestigd waren, werd kortweg aangeduid als 'De Tuin'.

Toen het gebied in de negentiende eeuw volgebouwd werd met vooral grote koopmanshuizen, werd deze wijk eveneens aangeduid als 'De Tuin'. Een verwijzing naar de oude bestemming, maar misschien ook vanwege connotaties met buiten wonen, namelijk buiten de oude, overvolle benauwde stad. Nadat de Britten in 1872 dit Nederlands stukje Afrika hadden overgenomen was de naam zo ingeburgerd, dat de wijk en het gebied nog geruime tijd bekend bleven staan als 'The Garden'.