Biochemische test op Ziekte van Alzheimer in vroeg stadium

De ziekte van Alzheimer is pas posthuum met zekerheid vast te stellen. In een stukje hersenweefsel van de patiënt kunnen dan typische seniele plaques en neurofibrillaire tangles microscopisch worden aangetoond. Japanse onderzoekers beschrijven nu in The Lancet (21 juni) een methode waarmee deze ernstige hersenaandoening in een veel vroeger stadium kan worden gediagnosticeerd.

Bij de nieuwe methode maakt men gebruik van het feit dat in de hersenen van patiënten met de ziekte van Alzheimer de activiteit van het acetylcholinesysteem plaatselijk sterk verminderd is. Acetylcholine is een belangrijke overdrachtssstof tussen de hersencellen (het slechte functioneren van dit systeem kan dus het dementeren bij Alzheimerpatiënten verklaren). Ook deze biochemische afwijking was tot nu toe alleen na de dood van patiënten aantoonbaar. De Japanse onderzoekers zijn er nu echter in geslaagd de afwijkingen in het acetylcholinesysteem bij Alzheimerpatiënten zichtbaar te maken. Ze spoten licht radioactief gemerkt acetylcholine in en registreerden vervolgens de omzetting van deze neurotransmittor met behulp van een PET-scan.

Bij vergelijking van de resultaten bij 5 Alzheimerpatiënten met die bij 8 controlepersonen bleek er bij de eerste groep beduidend minder acetylcholine te worden omgezet dan normaal. Op sommige plaatsen in de hersenen van Alzheimerpatiënten was de acetylcholine-omzetting met meer dan 30% verminderd. Op de hierbij afgebeelde PET-scans is dat vooral heel duidelijk zichtbaar in de middelste beelden (van de temporale en pariëtale hersenkwabben, A boven: normaal, B onder: de ziekte van Alzheimer). Dankzij deze methode kan de ziekte van Alzheimer dus voortaan op biochemische wijze in een vroeg stadium worden gediagnosticeerd. Als men straks meer ervaring met deze techniek heeft opgedaan is het vermoedelijk zelfs mogelijk een voorspelling te doen over de toekomstige ontwikkeling van het ziektebeeld.