Het leek zo idyllisch in woonwijk Ypenburg

Eén straat pas telt de nieuwe woonwijk Ypenburg bij Rijswijk. Het enthousiasme van de pioniers is door 'zware tegenvallers' sterk afgenomen.

RIJSWIJK, 27 JUNI. De woningen doen denken aan het buitenwijkje in de oer-Nederlandse film De Noorderlingen van Alex van Warmerdam. Ze staan geïsoleerd in het polderlandschap, op een steenworp van de gesloten luchthaven Ypenburg. Vanaf de snelweg A13 bij Delft-Noord zijn ze zichtbaar: veertien vrijstaande huizen in een doodlopende straat met de naam De Mok.

De zeven koopwoningen en zeven huurhuizen op het grondgebied van Rijswijk zijn eind vorig jaar gebouwd. Dat gebeurde in ijltempo, waardoor de gemeente in aanmerking kwam voor de zogenoemde verfijningsregeling van het rijk, een aanvullende uitkering (in 1996 zo'n 3,5 miljoen) op het gemeentefonds. De 'pionierswoningen' vormen het begin van de woonwijk Ypenburg, een Vinex-locatie met bijna twaalfduizend huizen die in het jaar 2010 gereed moet zijn.

Wie in aanmerking wilde komen voor een van de veertien eerste woningen, had weinig bedenktijd. “Je moest snel ja of neen zeggen”, herinnert bedrijfsadviseur F. Bommelé zich nog. Hij kocht een huis in De Mok wegens de ruimte (“door een kleine aanpassing had ik er een kantoortje bij”) en de “fraaie ligging”. Hij viel voor het moerasje voor de deur, maar meer nog voor “het prachtige bomenlaantje”, dat naar de toegangspoort van het oude Ypenburg leidt.

Inmiddels is het enthousiasme van Bommelé en de andere 'pioniers' sterk verminderd. Ze hebben “zware tegenvallers” moeten incasseren. Nog voor ze hun panden (gemiddelde koopprijs zes ton) betrokken, ontdekten ze tot hun ontzetting dat de bomen aan één kant van het laantje waren gekapt. “Zomaar, onaangekondigd”, zegt Bommelé. “Projectontwikkelaar, aannemer, gemeente: iedereen gaf iedereen daarvan de schuld.” Hij vermoedt dat het is gebeurd om de aanleg van de riolering te vergemakkelijken. Bommelé wijst naar buiten: “Ze hebben nu jonge boompjes geplant. Die gaan ook de nog bestaande rij oude bomen vervangen, zodat de bomen aan beide kanten weer even hoog zijn. Maar het blijft natuurlijk doodzonde.”

Achter de strakke rij huizen is een bulldozer aan het werk. Het gegraaf wekt de indruk dat de basis wordt gelegd voor uitbreiding van de wijk, maar dat is niet het geval. “Die machine ruimt het zand op, dat uit een aangelegde gracht is gehaald”, verduidelijkt Bommelé. “Het was een enorme wal, die ons het uitzicht op het weiland ontnam en voor grote stofoverlast zorgde. Pas na heel veel geklaag heeft het Hoogheemraadschap vergunning verleend om het zand te verplaatsen.” Daarmee is de onvrede in De Mok niet voorbij. Het ergste leed komt nog, weet Bommelé. Hij doelt op de dreigende annexatie door Den Haag. Nu de stadsprovincie Haaglanden van de baan is, willen de paarse fracties in de Tweede Kamer centrumgemeente Den Haag versterken met nieuwe woonwijken: naast het nog onbewoonde Leidschenveen (in Leidschendam) treft ook Ypenburg (op het grondgebied van Rijswijk, Nootdorp en Pijnacker) dat lot. De laatste drie gemeenten verzetten zich “met hand en tand”, omdat ze reeds tal van investeringen hebben gedaan in Ypenburg. “En met allerlei verenigingen en instellingen zijn al afspraken gemaakt”, zegt een woordvoerder van de gemeente Rijswijk.

De gemeenten zeggen desnoods naar de rechter te stappen, weet Bommelé, die zo'n actie van harte zal steunen. De beleidsmakers hebben “de achterkant van een sigarendoos” gebruikt om hun plannen te omschrijven, oordeelt hij. “Ze hebben Leidschenveen en Ypenburg als wisselgeld behandeld. Het kan hun ook niet schelen dat er in de huizen van Ypenburg al gordijnen hangen. Daar moet je maar doorheen kijken, roepen ze.” Bommelé zegt bang te zijn dat Den Haag het mooie project-Ypenburg (“het draagt niet het stempel van een officieel bestemmingsplan”) zal wijzigen, zonder de bewoners inspraak te geven. “Wie weet bouwen ze straks lelijke bedrijven achter onze huizen of hoge flats.”

Daarbij komt nog de financiële kant van de zaak, vervolgt hij. Bommelé wijst erop dat Den Haag “een van de duurste steden van Nederland” is. “Rijswijk is juist een van de goedkoopste. Gaat de annexatie door, dan betalen de Ypenburgers in de toekomst veel méér voor onroerende-zaakbelasting en andere gemeentelijke heffingen. Bovendien komt er dan een grote-stedentoeslag voor de verzekering tegen brand, opstal, auto en voor ziektekosten. Plus een eigen risico voor inbraak. Naar mijn schatting kost dat elk gezin hier zo'n drieduizend gulden per jaar.”

Tenslotte merkt Bommelé op dat Ypenburg “geografisch gezien” niet bij Den Haag hoort. “Delft bijvoorbeeld ligt toch veel dichterbij”, zegt hij en hij wijst in de richting van de snelweg A13. “En bovendien, Den Haag grenst niet eens aan Ypenburg. Het zal er een stukje van Voorburg bij moeten krijgen, anders wordt Ypenburg een echte enclave. En een stad mag toch niet uit twee delen bestaan?”