Dossiers bij politie over prostituées 'in strijd met de wet'

ROTTERDAM, 27 JUNI. Politiekorpsen handelen in strijd met de wet bij het aanleggen van dossiers over prostituées. Bestaande dossiers die onrechtmatig verkregen persoonsgegevens bevatten, moeten worden vernietigd. Dit schrijft de Registratiekamer in een rapport dat naar de leiding van de diverse korpsen is gezonden.

De Registratiekamer houdt toezicht op de naleving van de privacy-wetgeving in het algemeen. In het rapport stelt dit controlerend orgaan dat het gedetailleerd registreren van prostituées in strijd is met een artikel in de Wet Politieregisters. Het verzamelen van deze gegevens is “niet noodzakelijk voor de goede uitvoering van de politietaak”. Bovendien is gebleken dat veel gegevens zonder de medewerking of toestemming van de betrokkenen zijn verkregen, zoals polaroidfoto's. Het controle-orgaan vindt het tevens kwalijk dat de informatie wordt doorgegeven aan andere instanties, zoals de sociale diensten en de belasting.

Het onderzoek is uitgevoerd tussen 1992 en 1996 bij de korpsen in Rotterdam, Utrecht, Arnhem, Amsterdam en Groningen. Het blijkt dat men daar uitgebreide en gedetailleerde dossiers van prostituées bijhoudt. Dat gebeurt overigens met goede bedoelingen. De informatie zou onder meer worden gebruikt in de strijd tegen de vrouwenhandel en bij het opsporen van andere strafbare feiten. Daarnaast noemen de politiekorpsen het handhaven van de openbare orde, het bestrijden van overlast en het bieden van hulpverlening als reden voor deze registratie. Toezicht op de prostitutie is volgens de politie alleen goed mogelijk als de identiteit van de betrokkenen bekend is.

De politie blijkt veel te willen weten van de prostituées, maar er is geen sprake van een uniforme aanpak. Bij de korpsen werden onder meer personalia, werkadres, werknaam, alsmede de uiterlijke kenmerken van de prostituées vastgelegd. Daar worden bijvoorbeeld littekens en tatouages onder begrepen. Sommige korpsen verzamelden ook foto's van de vrouwen. De politie houdt verder gegevens bij van “randfiguren”. De politiekorpsen verstaan hieronder personen die een zekere “relatie” hebben met de prostituées, zoals souteneurs, dealers van verdovende middelen of verdachten van strafbare feiten. De Registratiekamer vindt dat het onduidelijk is wat in die gevallen de onderscheidende criteria waren voor het beschrijven van de prostituées en hun relaties.

De woordvoerder van de Amsterdamse politie zegt dat “de noodzakelijkheid voor het bijhouden van dossiers niet wordt bepaald door de Registratiekamer”. Volgens hem wordt er in de hoofdstad geen aparte database bijgehouden met gegevens over prostituées. “Alleen de Jeugd- en Zeden politie beschikt over gegevens.”