De Bulgaren weten dat er geen wonderen komen; Gesprek met premier Ivan Kostov van Bulgarije

In januari leidde wanbeheer van de ex-communisten, hyperinflatie en extreme verpaupering tot een volksopstand in Bulgarije. Die opstand, zegt de in mei aangetreden premier Ivan Kostov, heeft de Bulgaren veranderd.

ROTTERDAM, 27 JUNI. Ivan Kostov is optimistisch: “De Bulgaarse samenleving heeft genoeg kracht om haar problemen te boven te komen. Er is het vertrouwen dat de juiste weg is ingeslagen. Als de stappen op die weg niet de verkeerde zijn - of als we niet te veel verkeerde stappen maken, want fouten maak je altijd - kunnen we slagen.”

Ivan Kostov, 47, econoom van huis uit, een zware man met een gezicht zonder rimpels, dikke lippen, donkere ogen, is sinds mei premier van Bulgarije, dat langzaam en moeizaam opkrabbelt uit de diepste crisis sinds mensenheugenis: een ineenstorting van de economie, hyperinflatie, voedselschaarste, extreme verpaupering van miljoenen, een golf van corruptie en criminaliteit - dat alles leidde in januari en februari tot langdurige massademonstraties. Die leidden tot de val van de ex-communisten, de vorming van een overgangskabinet en verkiezingen die Kostov en zijn oppositionele Unie van Democratische Krachten (SDS) aan het bewind brachten. Hij moet nu het puin ruimen dat de ex-communistische BSP in jaren van wanbeheer en diefstal heeft veroorzaakt.

Sinds januari, zegt Kostov - even in Nederland om door premier Kok te worden bijgepraat over de recente top van Amsterdam - is in Bulgarije sprake van een andere atmosfeer: “Er is een uitbarsting van energie. In januari en februari hebben de mensen ingezien dat ze hun lot in eigen hand kunnen nemen.” Uit die tijd, zegt hij, zijn twee leuzen overgebleven: 'Geen weg terug' en - dit ten aanzien van de BSP - 'Het spel is uit'.

Begin dit jaar leefden de Bulgaren in een nachtmerrie, met maandlonen van gemiddeld 18 gulden, met gaarkeukens voor bejaarden en met bedelaars op straat. Die situatie, zegt Kostov, is veranderd: “Zo erg als toen is het niet meer en zo erg wordt het ook niet meer.” De hyperinflatie is bedwongen: in februari bedroeg ze nog 234 procent, in mei nul procent. De Bulgaarse munt, de lev, heeft aan kracht gewonnen en is gekoppeld aan de mark. Het gemiddelde maandloon is daardoor gestegen tot 110 gulden per maand en de basisrente is, zegt Kostov, “van kosmische hoogten” teruggebracht tot 16,2 procent, “een naar Bulgaarse begrippen revolutionaire prestatie.” Na de introductie van de currency board - die voorziet in strikt toezicht op de gelduitgifte - moet die rente verder dalen. Volgende week worden de laatste prijssubsidies voor basisproducten als brood, melk, boter, eieren en kaas afgeschaft. Dat zal de inflatie weer even doen opleven, zegt Kostov, maar “na juli heerst rust op dit front”.

De currency board ziet vanaf 1 juli toe op de gelduitgifte en bindt die aan de valutareserves van de Nationale Bank. Dat betekent dat de regering niet langer in staat is geld bij te drukken om de enorme gaten in de begroting te dichten. Maar het betekent óók dat Kostov niet langer de armste groepen in de samenleving met sociale uitkeringen tegemoet kan komen, want ook op dat gebied zijn zijn handen gebonden. Het is een prijs die moet worden betaald, vindt hij: “Ik ben ervan overtuigd dat er met inflatie niets te winnen valt, ook niet als die wordt veroorzaakt door het lenigen van de sociale nood. Ik ben daar heel strikt in. Zeven jaar lang is geld bijgedrukt en we zijn armer en armer geworden. Bovendien heeft dat bijdrukken van geld de inkomensverschillen vergroot. Het geld is bij de verkeerde mensen terechtgekomen. Er leven in Bulgarije fabuleus rijke mensen naast mensen die honger lijden en zelfmoord plegen.”

Niet iedereen in Bulgarije stelt de introductie van de currency board en het krapgeldbeleid op prijs: speculanten en monopolisten raken hun positie kwijt, dubieuze bankiers - steevast verbonden met de ex-communistische BSP, die de afgelopen jaren de mooie banen heeft verdeeld - kunnen geen zwart geld meer investeren en witwassen, dubieuze privatiseringstransacties worden onmogelijk. Kostov kondigde eerder deze maand aan de geheime politie in te zetten bij het uitschakelen van de oppositie tegen de currency board. Waarom? Kostov: “Simpelweg omdat een mislukking van de currency board de nationale veiligheid van Bulgarije in gevaar brengt.”

De premier praat over de uitschakeling van de oppositie tegen de currency board dan ook in oorlogstermen. Hij rept van “oppositionele centra” die “preventief” en met “harde slagen” worden uitgeschakeld en over “provocaties” van de kant van de oppositie die nu zijn gevolgd door “een pauze” in de strijd.

Vorige week, zegt hij, is de nieuwe bankwet van kracht geworden, die vrijwel de hele met de BSP verbonden bankelite uitschakelt. “Vanaf nu kan niemand meer in het bestuur van een bank zitten als hij eerder in het bestuur van een bank heeft gezeten die failliet is gegaan. We hebben recentelijk vijftien banken failliet zien gaan, waaronder de grootste banken van het land. In het bestuur van de eerste bank die in Bulgarije werd geprivatiseerd - die is ook failliet inmiddels - zat de hele bankelite van de BSP.” Ook bepaalt de nieuwe wet dat in het bestuur van een bank alleen daarvoor opgeleide mensen, met een economische of juridische graad, mogen zitten. “Daarmee schakelen we in één klap alle [uit de BSP voortgekomen] ex-politiefunctionarissen, ex-kelners en partij-apparatsjiks uit.”

Deze hervorming is populair in Bulgarije, net als Kostovs harde optreden tegen criminaliteit en corruptie. Maar andere economische hervormingen zijn het niet: de broekriem zit strak en de verpauperde bevolking hoeft niet op tegemoetkomingen te rekenen. Het kan tot een omslag in de populariteit van Kostov en zijn SDS leiden. Kostov denkt te beschikken over een periode van anderhalf tot twee jaar - dan moeten de resultaten zichtbaar zijn “Als we falen kunnen we populariteit verliezen. Maar vergeet niet: de verwachtingen zijn laag. Er is hoop, maar de Bulgaren weten dat er geen wonderen op stapel staan. Ze weten dat we de misdaad aanpakken, maar ze weten ook dat die niet op korte termijn verdwijnt.”

De premier is tevreden over de assistentie van internationale organisaties als het IMF en de Wereldbank, die kredieten hebben verleend, die nauwlettend toezien op zijn hervormingen en die nauw betrokken zijn bij de currency board. Veel meer kunnen ze niet doen, maar dat hoeft ook niet, zegt hij: “Nu zijn wij aan de beurt. Wij moeten handelen. De moeilijke dingen moeten we zelf doen. Maar dat lukt, want de nood mag nog hoog zijn, hij is niet meer zo hoog als een half jaar geleden. Toen heerste een panieksituatie, die er ook toe leidde dat behoeften wat zijn overdreven. Een half jaar geleden werd gezegd dat we geen graan meer hadden. Inmiddels geloven deskundigen dat we geen graan meer hoeven invoeren en dat we de lening die de Wereldbank toen op ons verzoek voor dat doel ter beschikking stelde, niet meer nodig hebben.”

De volksopstand van januari en februari, zegt Kostov, heeft Bulgarije en de Bulgaren veranderd. “We hebben ons vertrouwen herwonnen. En weet je waaraan je dat kunt zien? Aan de Bulgaren in het buitenland. Tot voor kort schaamden ze zich Bulgaar te zijn. Nu zijn ze er trots op. Er is geen tekort aan vertrouwen meer”, zegt de premier. “Integendeel. Er is veel vertrouwen. De jeugd ziet het weer zitten in Bulgarije. En dat vertrouwen, dat koesteren we. Dat zullen we niet verspillen.”