Problemen op ruimtestation na botsing met vrachtschip

MOSKOU, 26 JUNI. Een onbemand vrachtschip is gisterochtend in botsing gekomen met het Russische ruimtestation Mir. Daardoor is eenderde van de zuurstofvoorraad weggelekt en draait de Mir nog slechts op halve kracht. De bemanning heeft het Spektr-laboratorium, dat aan het ruimtestation is gekoppeld, afgesloten.

Het ongeluk gebeurde toen de bemanning, bestaande uit de Amerikaan Michael Foale en de Russen Vasili Tsiblijev en Aleksandr Lazoetkin, experimenteerde met het aan- en afkoppelen van het Progress-vrachtschip. Kapitein Tsiblijev zegt een zachte klap te hebben gehoord, gevolgd door een sissen van weglekkende lucht. Onmiddellijk sloot de bemanning het Spektr-laboratorium af, een module die in 1995 aan de Mir is bevestigd en waarin zich de voornaamste zonnecellen bevinden die het ruimtestation van energie voorzien. De eerste beelden van de beschadigde Mir tonen een gat van enkele centimeters in de buitenwand van Spektr en een zonnepaneel waarvan ongeveer eenvijfde deel ontbreekt. Het is nog onduidelijk of de botsing het gevolg is van defecte apparatuur of menselijke fouten. De situatie zou nu stabiel zijn en de bemanning hoeft voorlopig niet van boord. Voor calamiteiten is er permanent een Sojoez-7-ruimteschip aan de Mir verbonden.

De bemanning zal een ruimtewandeling maken om de schade te repareren. Mogelijk worden kabels gelegd om het centrale compartiment met de uitgevallen zonnecellen te verbinden. Daarvoor moet echter speciale apparatuur worden aangevoerd, wat twee weken tijd vergt. Wegens de energieschaarste zijn de experimenten aan boord van de Mir opgeschort en is een deel van de apparatuur en de verlichting afgesloten. Fysieke activiteit wordt zoveel mogelijk beperkt om zuurstof te sparen.

Het vrachtschip bevindt zich nu in een baan naast de Mir. Als alle gegevens van het schip zijn afgelezen, zal het worden afgestoten richting aarde en in de atmosfeer verbranden. Het vrachtschip was aan de Mir verbonden sinds april. Het diende voorraden te brengen en afval van het schip af te voeren. Omdat het aan- en afkoppelen van vrachtschepen echter problemen gaf, vervulde de ruimteshuttle Atlantis medio mei die taak. De Atlantis bracht ook een nieuwe bemanning aan boord.

Volgens Viktor Blagov, onderdirecteur van het Russische controlecentrum, heeft de module-structuur van de Mir een ramp voorkomen. “Het werkt als een schip. Als een compartiment onder water loopt, blijft het schip gewoon drijven.” De Mir bestaat uit een centraal compartiment, waaraan modules zijn verboden.

Het leven aan boord van de elf jaar oude Mir bestaat voornamelijk uit het uitvoeren van noodreparaties. Zo werkte het automatische koppelingssysteem niet, was er een bijnabotsing met een vrachtschip, brak brand uit en viel de luchtverversing uit. (Reuter, AP)