Europees Parlement uit kritiek op 'Amsterdam'

BRUSSEL, 26 JUNI. Het Europees Parlement reageert kritisch op het Verdrag van Amsterdam, wegens het uitblijven van institutionele hervormingen die nodig zijn voor de geplande uitbreiding van de Europese Unie. Dat bleek vanmorgen toen de Europarlementariërs commentaar gaven op het vorige week overeengekomen verdrag, in aanwezigheid van premier Kok die het afgelopen half jaar de Europese Unie voorzat.

Een voorstel om het verdrag te verwerpen, werd echter met grote meerderheid door het Europarlement weggestemd.

“We maken ons ernstig zorgen omdat de Raad duidelijk niet in staat is het aantal meerderheidsbesluiten uit te breiden”, aldus vanmorgen Pauline Green, voorzitter van de grootste, socialistische fractie in het Europees Parlement. “Mijn fractie vindt het van vitaal belang dat de Europese Raad de kwestie van meerderheidsbesluiten, de samenstelling van de Commissie en de stemmenweging opnieuw bespreekt vóór de uitbreiding.” Zonder institutionele hervormingen “zal de Unie bezwijken onder de historische opdracht van de uitbreiding”, meende ook Wilfried Martens van de Europese Volkspartij. In Amsterdam is afgesproken pas na een uitbreiding met meer dan vijf landen de samenstelling en werking van de instellingen volledig te herzien.

Premier Kok gaf toe dat het resultaat van het nieuwe verdrag, met name op het gebied van institutionele hervormingen, niet voldoet aan de aanvankelijke inzet van Nederland. Vooral België heeft zich tijdens de top in Amsterdam tot het einde toe ingezet om het aantal meerderheidsbesluiten te vergroten. De Belgische premier Dehaene verklaarde gisteren dat hij nog de mogelijkheid onderzoekt om aan het verdrag een verklaring toe te voegen dat de discussie over besluiten bij meerderheid nog vóór de eerste uitbreiding wordt heropend.

De Europarlementariërs zijn wel tevreden over uitbreiding en vereenvoudiging van hun medebeslissingsrecht. Het Europees Parlement krijgt medebeslissingsrecht op 23 extra terreinen, waaronder fraudebestrijding en sociaal beleid. Het had sinds het Verdrag van Maastricht (1992) in 15 gevallen medebeslissingsrecht.